Werken aan eenheid

van gereformeerde - 3FvE of WS - kerken en groepen in Nederland e.o.

  • Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte
Home Artikelen Over en uit de GKV GKV Dr. J. Douma over Afscheiding, de DGK en het Voorlopig kerkverband GKN

GKV Dr. J. Douma over Afscheiding, de DGK en het Voorlopig kerkverband GKN

E-mailadres Afdrukken PDF
Gebruikerswaardering: / 0
LaagsteHoogste 

Dr. J. Douma over Afscheiding, de DGK en Het voorlopig kerkverband GKN op zijn weblog. Klik hier om naar zijn weblog te gaan. Klik hier om naar de nieuwe site gereformeerdekerkblijven.nl te gaan waarop dezelfde tekst staat geschreven.

 

6.7. Afscheiding?

In dit hoofdstuk Balans geef ik nu aandacht aan de tweede vraag: Verval of breuk (afscheiding)?

 

In mijn eerste hoofdstuk heb ik gezegd dat ik een weg wil bewandelen tussen enerzijds berusting in de huidige situatie en anderzijds afscheiding van de GKv. Volgens velen kan afscheiding eigenlijk nooit een mogelijkheid zijn, maar dat is mijn standpunt niet. Alle gereformeerde kerken in Nederland komen uit afscheidingen voort. De breuk met de Roomse kerk in de zestiende eeuw was zo’n afscheiding. Het vertrek in 1834 van H. de Cock en anderen uit de Hervormde Kerk was opnieuw een afscheiding. Ook de Doleantie van 1886 onder leiding van Abraham Kuyper wilde wel geen afscheiding heten, maar betekende in feite wel een breuk met de Hervormde Kerk. De Vrijmaking in 1944 staat ook in de rij van afscheidingen, ditmaal van de Gereformeerde Kerken in Nederland. Het is niet de vraag of een afscheiding als zodanig geoorloofd is. De Nederlandse Geloofsbelijdenis roept zelfs op tot afscheiding als een kerk niet meer beantwoordt aan de kenmerken die een kerk moet vertonen. Zij kan een valse, d.w.z. onwettige, kerk worden.

De vraag is uiteraard beslissend of het verval van een kerk zodanige vormen heeft aangenomen, dat de term ‘valse kerk’ gebruikt mag worden. Volgen we de Ned. Geloofsbelijdenis art. 29, dan is de ware kerk te herkennen aan 1) de zuivere prediking van het evangelie, 2) de zuivere bediening van de sacramenten en 3) de oefening van de kerkelijke tucht tot bestraffing van zonden. Is de kerk een valse kerk geworden, dan heeft zij die drie kenmerken ondergraven. Er moet, als we deze woorden serieus nemen, wel heel wat misgaan in de kerk om haar als valse kerk te verlaten.

 

6.8. De Gereformeerde Kerken (hersteld)

Inmiddels heeft een groep mensen de GKv verlaten, in de overtuiging dat deze kerken tot een valse gemeenschap geworden waren. Op 20 september 2003 las dr. P van Gurp een ‘Akte van Afscheiding of Wederkeer’ voor in de Zuiderkerk te Zwolle. De tekst van deze Akte kan men vinden op internet, evenals alle stukken die ik hier in het vervolg zal citeren. Deze Vrijmaking werd in de genoemde Akte gezien als ‘een daad van gehoorzaamheid aan het Woord van God, dat gebiedt geen gemeenschap te hebben met de zonden en de dwalingen, en de meerderheid niet te volgen in het kwade’.

Al vrij gauw na deze Vrijmaking vormde zich een kerkverband onder de naam De Gereformeerde kerken (hersteld), afgekort tot DGK. Momenteel telt dit verband tien (meestal kleine) plaatselijke gemeenten, nl. te Amersfoort, Assen, Bergentheim/Bruchterveld, Berkel & Rodenrijs/Bergschenhoek, Emmen, Groningen, Hasselt, Mariënberg, Olterterp en Zwolle. Deze kerken hebben gezamenlijk een blad De Bazuin (voortgekomen uit het vroegere blad Reformanda), waarin o.a. de beide predikanten binnen de DGK, dr. P. van Gurp en S. de Marie, bijdragen leveren.

De eenheid binnen de DGK hield niet lang stand. Daarbij speelden zich merkwaardige tonelen af. Onenigheid in de kerk van Bergentheim/Bruchterveld leidde ertoe dat in 2008 een minderheid van drie ouderlingen hun vier collega-ouderlingen plus vier diakenen schorsten. In de kerk van Zwolle ging het in 2009 al even fors toe, toen 2 ouderlingen en 2 diakenen geschorst werden. We krijgen sterk de indruk, dat de beide predikanten Van Gurp en De Marie met krachtige hand hun inzichten hebben doorgezet. Het woord ‘gehoorzaamheid’ aan (blijkbaar voorgoed) genomen besluiten komt nogal eens voor in de stukken. Bemiddeling wensten de predikanten niet. Het ligt voor de hand dat in een piepklein kerkverband de druk van leidinggevende personen gauw te sterk wordt. Er is niets menselijks vreemd, ook niet aan gelovigen die de kerk willen reformeren en de sterkste woorden gebruiken om hen die hun standpunten niet delen, te diskwalificeren.

Duidelijk is het dat in de verantwoording van de Zwolse geschorste broeders en hun nieuwe gemeente (De Vijverhoeve te Zwolle) een mildere toon klinkt dan we in het blad De Bazuin horen. Het stuk van De Vijverhoeve heet ‘De reformatie van de Kerk en het Evangelie van vrije genade’. Deze brochure van 110 pagina’s vertelt waarom men een gereformeerde kerk wil zijn en hoe het tot de breuk in Zwolle kwam. Al gauw ontstond verdeeldheid als gevolg van verschil in opvatting over het ambt, de kerk en het gezag van kerkelijke vergaderingen. De brochure durft de stelling aan dat het door afval en verwarring in kerkverbanden niet altijd even duidelijk is waar de ‘ware kerk’ in een bepaalde plaats te vinden is. Heeft de DGK, zo vragen ze zichzelf af, niet te absoluut gesproken door over de eigen kerken ‘in alle ootmoed’ te zeggen dat zij de enige ware kerken zijn (a.w.,32)? Aan deze ootmoed wordt getwijfeld! We mogen, aldus de brochure, ‘niet uit het oog verliezen dat er in onze tijd veel in beweging is. We moeten voorzichtig zijn met het verabsoluteren van eigen positie’. Ze verwijzen daarbij naar het bestaan van de Hersteld Hervormde Kerk , om aan te geven dat er veel meer aan de hand is in Nederland dan alleen de afval binnen de GKv. Opvallend is hun conclusie over de kerk: ‘Er zijn alleen voorlopige adressen’ (a.w.,33; cursivering van mij, J.D.).Het is geen wonder dat door de interne conflicten binnen de DGK het ‘ideaal’ van alleen de ware kerk in Nederland te zijn, een illusie bleek te zijn.

 

6.9. Geestelijke keurmeesters

Typerend voor de zeer smalle marges waarbinnen de DGK opereert, is de lijst van GKv-predikanten uit verleden en heden van wie preken mogen worden gelezen. In een gemeenschap met slechts twee predikanten is uiteraard het aantal leesdiensten groot. Waar moet men de preken vandaan halen?

Zo vroeg de kerkenraad van Bergentheim/Bruchterveld aan hun deputaten ‘Liturgische voorzieningen’ om de catechismuspreken van dr. W.G. de Vries te mogen gebruiken. Deze preken zijn voluit gereformeerd, aldus de kerkenraad, behalve die over Zondag 38 (over de sabbat!). Maar die zou kunnen worden vervangen door een preek van ds. T.J. Keegstra. ‘We kennen ds. W.G. de Vries allemaal als een door en door gereformeerd predikant’, aldus de kerkenraad.

Wat antwoordde het deputaatschap ‘Liturgische voorzieningen’? ‘Het is onjuist te beweren dat de preken van Ds. W.G. de Vries voluit gereformeerd zijn’. Eveneens noemt het deputaatschap het onjuist te stellen dat ‘we allemaal Ds. W.G. de Vries kennen als een door en door gereformeerd predikant’. Hij had immers in 2003 niet de juiste kerkkeuze gedaan en toen ook niet opgeroepen tot reformatie. Daarom luidde het advies van deputaten om de preken van dr. De Vries niet te gebruiken.

Nu is er in de GKv nauwelijks een predikant te vinden die de ‘juiste kerkkeuze’ gemaakt heeft in 2003 e.v. en dus leespreken kan leveren. Daarom heeft men binnen de DGK een lijst samengesteld, met opvallende restricties. Alleen preken van vóór 1 januari 1990 mogen worden gelezen, en dan van predikanten die op die datum de 50-jarige leeftijd hadden bereikt. Daar zal achter liggen dat deze predikanten de Vrijmaking van 1944 nog hebben meegemaakt. Een verdere voorwaarde is dat zij tijdens hun leven vóór 1 januari 2005 geen verkeerde kerkkeuze hebben gemaakt. Om de laatste reden zal dr. M.J. Arntzen niet op de lijst staan. Hij mag dan al jaren ernstig bezwaard zijn over de gang van zaken in de GKv, maar hij bleef in de Vrijmakingstijd synodaal en voegde zich eerst nog bij de NGK voordat hij vrijgemaakt-gereformeerd predikant werd!

Opvallend is ook dat er geen preken van de (emeritus-) hoogleraren van Kampen gebruikt mogen worden, met uitzondering van die van Prof. drs. D. Deddens. Hij en zijn broer dr. K. Deddens, die in Hamilton (Canada) hoogleraar is geweest, vormen om mij onbekende redenen weer een uitzondering. Preken van de andere hoogleraren komen niet in aanmerking wegens hun afwijzing van de Vrijmaking van 2003. De beide hoogleraren Deddens maakten zich echter aan hetzelfde euvel ‘schuldig’!.Toch zijn hun preken welkom. Ra, ra...

Men zal begrijpen waarom ik geen goed woord over heb voor geestelijke keurmeesters, die zo de lat aanleggen bij predikanten en hoogleraren.

De datum 1 januari 1990 wordt gebruikt om een ‘aanvaardbare aanloop’ te hebben naar de synode van Ommen-1993 (pag. 6 Rapport Liturgische voorzieningen). Het jaartal 1993 duikt nogal eens op in de stukken als het jaar van de synode waarop het verval in de GKv duidelijk intrad. In Ommen vond de omme-keer plaats, las ik ergens. De DGK hebben op hun synodes van Mariënberg (2005) en van Zwolle (2007) een hele lijst besluiten van de GKv-synodes vanaf 1993 in strijd bevonden met ‘Schrift en belijdenis’ (o.a. het vrouwenstemrecht, de invoering van de Nieuwe Bijbelvertaling, het opleggen van de zegen in kerkdiensten door een niet-predikant, de inschakeling van ‘kerkelijk werkers’, etc.). De volledige Acta van deze synodes zijn te vinden op internet. Op de derde vergadering d.d. 23-01-2010 van de synode van Emmen (2009) keurde deze synode de lijsten goed van overleden en nog levende GKv-predikanten, van wie (oude) preken gelezen mogen worden in de kerkdiensten.

 

6.10. Een tweede kerkverband

Naast de DGK van de predikanten Van Gurp en De Marie kwam er een ‘voorlopig’ nieuw kerkverband. Dat kreeg vorm vooral ten gevolge van het feit dat nog enkele predikanten zich aan de GKv onttrokken (ds. R. van der Wolf en ds. E. Heres). Ook ds. E. Hogendoorn, die met zijn Ichthusgemeente buiten het verband van de GKv kwam te staan, sloot zich aan bij wat genoemd werd het ‘Voorlopig Kerkverband van de Gereformeerde Kerken in Nederland’. Dit verband is opgericht in 2009. De volgende kerken sloten zich daarbij aan: Hardenberg (met ds. van der Wolf), Zwolle (Vijverhoeve), Kampen Noord (met ds. Hogendoorn), Assen, Zwijndrecht en de daaraan verbonden wijkgemeente te Veenendaal. De gereformeerde Kerk te Dalfsen (met ds. Heres) heeft zich nog niet aangesloten bij dit verband, maar via de kerk te Assen, waar hij geregeld voorgaat, heeft ook ds. Heres er contacten mee.

 

6.11. Hernieuwde bezinning gewenst

Het trof mij dat de moeiten, die de hersteld-gereformeerden al vrij gauw kregen in het eerste kerkverband na hun ‘vrijmaking’, tot bezinning hebben geleid over het radicale denken en spreken, waaraan men zich had schuldig gemaakt. Dat komt duidelijk uit in de Zwolse brochure en zal misschien doorwerken in het ‘Voorlopig Kerkverband’ . Het klinkt al heel anders wanneer men zich nu een ware kerk noemt dan dat men zich uitgeeft voor de enige ware kerk in Nederland. Die weg was door de scheuring binnen heel korte tijd al doodgelopen.

Het zou een goede zaak zijn als men in het ‘Voorlopige Kerkverband’ zich hierop verder bezon en kritisch keek naar wat de eerste groep hersteld-gereformeerden ertoe bracht zich af te scheiden van de GKv. Wil men in de lijn van Van Gurp en De Marie verder werken, dan wint ook in het ‘Voorlopige Kerkverband’ de sekte het van de kerk. Is men bereid de oude én ook de eigen argumenten om zich los te maken van de GKv aan een kritisch onderzoek te onderwerpen, dan gloort er hoop.

Ik denk dan vooral aan de ‘Akte van Vrijmaking of wederkeer’ uit 2003. Duidelijk moet worden dat een dergelijke Akte absoluut geen basis kan zijn onder een afscheiding van gereformeerde kerken. Het zou een stap in de goede richting zijn als het Voorlopig Kerkverband zich klip en klaar van een dergelijk stuk distantieerde.

Want wat zegt deze Akte? Zij beweert dat de GKv een valse leer heeft verkondigd over het vierde gebod (sabbat en zondag) en daarmee de ‘Schriftuurlijke prediking eigenmachtig aan banden heeft gelegd’. Dai is een onwaarheid voor het forum van de Heilige Schrift. Wie het vierde gebod en de zondag volkomen wil laten samenvallen, moet op sabbat samenkomen en de hele dag rusten. Wie de zondag viert, komt voor kerkdiensten bijeen en moet zorgen dat hij daarvoor ruimte en rust neemt. Dat is ook de lijn van de Heit. Catechismus, Zondag 38, waarin twee aspecten onze aandacht vragen: vieren en rusten. Overduidelijk is het dat onder het oude verbond (OT) sabbat en rust moesten samenvallen. Van die absolute rust op de zondag is in het Nieuwe Testament niets te vinden.

Nu is er over deze zaak altijd verschil van mening geweest in de kerk. Maar nooit heeft dat verschil een kerkelijke breuk veroorzaakt, tot aan 2003 toe. Als we vandaag afwijking van het vierde gebod moeten signaleren, kunnen we denken aan het opvallend teruglopen van het bezoek van de tweede dienst. Niet het feit dat men op zondag niet rust, maar dat men de dag slechts gedeeltelijk viert, is een reden om mensen te vermanen.

Bovendien constateer ik dat onze synodes nooit hebben beweerd dat men de zondag niet als rustdag moet beschouwen. Maar zij hebben geweigerd die rust, in de zin van de oudtestamentische onderhouding van de sabbat, bindend aan de kerken op te leggen.

Verder lezen we in de Akte van Afscheiding dat ‘met de ontkrachting van het vierde gebod’ alle geboden worden aangetast. Maar met niet één regel wordt aangegeven wat dit dan inhoudt. Staan zij die trouw naar de kerk komen, maar niet geloven dat de ‘rust’ in oudtestamentische zin genomen moet worden, meer bloot aan afgoderij, godslastering en het minachten van hun ouders.? Zijn zij vatbaarder voor echtscheiding, etc.? Als men het funeste karakter van het niet (volledig) willen rusten op de zondag zo verschrikkelijk vindt, ook al gaan de gelovigen trouw naar de kerk, dan moet men aanwijzen hoe funest deze ‘schending’ van het vierde gebod voor heel de dienst van God (alle tien geboden!) is. Anders is het holle retoriek wat men beweert.

Schriftkritiek, zo lezen we verder in de Akte van Afscheiding, zou binnen de GKv aanvaard zijn. Hoe dan? Wel, wegens besluiten tot voortgaande eenheid met de CGK en NGK. Hier vinden we de zovaak in vrijgemaakte kring gehanteerde redeneermethode van: ‘en dus en dus’. Als de GKv naar contact zoeken met andere kerken waarin Schriftkritiek voorkomt, zijn ze dus zelf al Schriftkritisch. Dat er door de GKv over eventuele Schriftkritiek gesproken wordt met dergelijke kerken, blijkt uit de Acte van Afscheiding niet.

Ik kan zo nog even doorgaan, maar dan moeten we het hebben over ‘veel gezangen in het Liedboek’ en over de ‘toepassing van het zevende gebod’ (maatregelen tegen echtscheidingen). Ik zal niet ontkennen, dat er van slapheid in de tucht sprake is binnen de GKv, ook al voor 2003 (het jaar van de Akte van Afscheiding). Maar aan dergelijke zaken een zo groot gewicht hechten als in deze Akte gebeurt en dus concluderen: ‘ziedaar de GKv als valse kerken’, is absurd.

Nogmaals, ik vraag van onze broederschap in het ‘Voorlopig Kerkverband’ een eerlijk oordeel over de ‘Akte van Afscheiding en Wederkeer’. Ik vraag dat zij zich bezinnen op wat ik radicalistisch noem en als een onoverkomelijke blokkade om zinvol met elkaar weer in gesprek te komen.

 

6.12. Verval, maar daarom nog geen breuk

Wanneer ik nu in 2010 geestelijk verval in de GKv aanwijs, doe ik dat niet in directe aansluiting aan wat zeven jaar geleden de bezwaren waren die hebben geleid tot een ‘Akte van Afscheiding en Wederkeer’. Ik heb er ook geen behoefte aan de besluiten die onze synodes vanaf Ommen-1993 tot heden genomen hebben, aan een kritisch onderzoek te onderwerpen. Van geen van die besluiten kan ik zeggen dat zij in strijd zijn met Gods Woord. Daarom kan ik mij onmogelijk thuis voelen in de DGK. En evenmin in het ‘Voorlopig Kerkverband’, zolang het zich aan dit soort redeneringen verwant voelt of er zelfs op zou voortbouwen.

Belangrijker zal m.i. de synode van Harderwijk 2011 worden. Daar komt zo goed als zeker een aantal zaken aan de orde die met mijn bezwaren te maken hebben die ik in de vorige hoofdstukken uiteengezet heb.

Zo kan ik mij niet voorstellen dat, wanneer een deputatie uit de GKv de ‘synode van Dordrecht’ gaat bezoeken, dit op de eerstvolgende de synode van Harderwijk zomaar wordt geaccepteerd. Zou deze synode de gang naar ‘Dordrecht’ achteraf goedkeuren, dan houd ik mijn hart vast. Haar nieuwe ‘oecumenische’ koers zou een breuk met het gereformeerde verleden zijn. Ik schrijf bewust niet dat dit slechts een breuk met het vrijgemaakt-gereformeerde verleden zou zijn. Het zou de gereformeerde grondslag van de kerk treffen. Een dergelijk goedkeurend besluit van een volgende synode zou ik niet voor vast en bondig houden. Ik zou ook alles doen om het nietig verklaard te krijgen. Verval zie ik nu reeds duidelijk in de kerken, als ik aan de GKv in het verleden denk. Maar verval houdt op dit moment nog geen breuk in met dat verleden, waardoor de gereformeerde kerken reeds nu onherkenbaar zouden zijn geworden.

 

6.13. De zuivere prediking van het evangelie

Wie de GKv meent te moeten verlaten, moet aantonen dat deze kerken de kenmerken van de ware kerk hebben verloren of bezig zijn te verliezen. Laten we dat eens nagaan door de maatstaf aan te leggen van de drie kenmerken van de kerk, zoals die in art 29 van de Ned. geloofsbelijdenis te vinden zijn. Ik herhaal: Het gezag van Gods Woord wordt dan aangetast (1); de sacramenten worden niet bediend zoals Christus geboden heeft (2), en men vervolgt de mensen die heilig leven naar Gods Woord (3).

Allereerst de zuivere prediking van het evangelie. Het is niet zo moeilijk aan bepaalde preken die we beluisteren, te merken dat ze weinig inhoud hebben, diepte missen en soms niet boven een simpel verhaal uitkomen. Maar is daarmee gezegd dat in de GKv in het algemeen genomen het evangelie niet meer zuiver gepreekt wordt? Ik kan een dergelijke beschuldiging onmogelijk met bewijzen staven. In veel gemeenten worden de broeders en zusters duidelijk in de Schriften onderwezen. Ik ervaar dat persoonlijk en hoor het ook van anderen, gelukkig vanuit vele hoeken van het land.

Zeker, er is in verschillende gemeenten irritatie over allerlei nieuwigheden die een kerkdienst naar beneden halen, zoals (te lange) kindermomenten, drama in de kerk, of luide muzikale begeleiding van opwekkingsliederen, die een opzwepend karakter kunnen hebben. Maar zelfs dan hoor ik mensen die daar moeite mee hebben, vaak nog de hoop uitspreken dat die nieuwigheden ook weer zullen voorbijgaan. Zij hebben nog zoveel vertrouwen in het totaal van hun gemeente dat zij hun vreugde daarover niet laten vergallen door onderdelen die zij zelf niet waarderen.

Overigens vraag ik mij wel af of het waar zal blijken dat alle nieuwigheden voorbijgaan. Waarom zoveel nieuwigheden en waarom voortdurend weer wat nieuws? Ik heb ook rekening te houden met het grote aantal brieven dat ik kreeg van mensen die het heel zwaar vinden om zich nog thuis te voelen in de GKv. Het zijn brieven van bezwaarde GKv-ers die de kerken niet willen verlaten, ook al laten ze zich ’s zondags niet meer in hun eigen gemeente zien. Gaan alle nieuwigheden voorbij? Of gaat het oude voorbij - een gewone preek, die oude en nieuwe schatten opdiept en die zonder enige franje een mens blij kan maken met het evangelie?

Denk ik aan Schriftkritiek, dan meen ik te hebben aangetoond dat de kerken – in dit geval de Kamper opleiding – daarvoor beslist niet immuun zijn. Maar er moet meer gebeuren dan een paar dissertaties aanwijzen die bedenkelijk zijn. Belangrijker is wat een synode ervan zegt als er bezwaren tegen dergelijke studies worden ingebracht. Worden de bezwaren formeel afgewezen (vaak de gemakkelijkste methode), of is men op synodaal niveau nog bereid in geval van kerkelijke verontrusting substantiële antwoorden te geven?

Ik heb al gezegd dat het te gemakkelijk is om slechts uit de contacten die wij hebben met anderen kerken (CGK en NGK) te concluderen dat de GKv ‘ook al Schriftkritisch’ zijn. Bovendien geven onze synodes, tot de laatste in Zwolle-Zuid 2008 toe, in hun contacten met de NGK, nog wel degelijk aandacht aan een serieuze en volledige binding aan de gereformeerde confessie.

Op grond van deze zaken heb ik niet het recht te beweren dat de GKv de Schriften hebben ‘losgelaten’, of hoe men het ook noemt om het sein op rood te zetten.

 

6.14. De zuivere bediening van de sacramenten

Met betrekking tot het tweede kenmerk van de kerk kunnen we niet zeggen dat de GKv ernstig in gebreke blijven. De zuivere bediening van de sacramenten ligt in handen van kerkenraden. Maar is het zo dat de sacramenten niet bediend worden zoals Christus in zijn Woord geboden heeft? De Ned. Geloofsbelijdenis denkt hier sterk aan de Rooms-katholieke kerk met haar zeven sacramenten, als zij spreekt over het ‘bedienen’ van de sacramenten ‘naar eigen goedvinden’.

Niemand zal beweren dat het toelatings- en weigeringsbeleid met betrekking tot het Heilig Avondmaal geen leemten vertoont. Wanneer is dat overigens ooit in een kerkelijke gemeenschap anders geweest? Hebben we het over toelating of weigering, dan zijn we al bezig met het derde kenmerk van de kerk, nl. de tucht.

Ik zie daarom met het oog op het tweede kenmerk van de kerk geen reden tot verontrusting. Die zou er wel zijn wanneer wij aan de wettigheid en noodzaak van de kinderdoop gingen twijfelen en het in de kerken wordt toegestaan de kinderen aan de Here ‘op te dragen’ in plaats van ze te dopen. Dat die twijfel bij veel kerkleden is binnengeslopen, valt niet te ontkennen. Maar zolang de kerkenraden daaraan niet toegeven, valt hun hier niets te verwijten.

 

6.15. De oefening van de kerkelijke tucht

Verslapping van het geloof, leidt onherroepelijk tot verslapping van de kerkelijke tucht. De kwaden gaan hun gang, de goeden lijden er onder. Als in de prediking niet meer duidelijk wordt aangegeven wat goed en wat kwaad is overeenkomstig de wet en het evangelie, is het niet te verwachten dat kerkenraden in hun tuchtoefening doen wat God van hen vraagt. Wie bezwijkt voor de druk van buiten, maar ook van binnenuit, volgt de gemakkelijkste weg. Waarom zich niet snel neerleggen bij een (dreigende) echtscheiding en een daarop volgend nieuw huwelijk, omdat we nu eenmaal in een andere tijd leven dan vijftig jaar geleden? Waarom samenwonende en homoseksueel samenlevende stellen de toegang tot het heilig avondmaal ontzeggen, als de maatschappelijke druk ons bijna dwingt beide vormen van samenleven te accepteren?

Ik weet wel zeker dat vrij veel kerkenraden hiermee te maken hebben of anders mee te maken krijgen. Hoe onzekerder ambtsdragers in hun overtuiging worden, hoe welwillender zij zullen staan tegenover dingen die – naar men zegt – toch niet meer te keren zijn.

Maar ook hier behoor ik niet te veroordelen als de bewijzen niet duidelijk zijn en zo talrijk worden, dat zij op de GKv in haar geheel betrekking hebben.

 

6.16. Een ware kerk met ontbindingsverschijnselen

Op grond van wat ik heb afgemeten aan de kenmerken van de ware kerk, kan ik onmogelijk tot de conclusie komen dat de GKv geen ‘ware kerk’ meer zouden mogen worden genoemd. Ik zie wel verval, maar dat betekent nog niet we met een valse kerk te maken hebben. Dat constateer ik met vreugde, omdat ik niet graag de kerken wil verlaten, waarin ik groot geworden ben, waarvoor ik mij heb ingezet, en waarin tot op heden het evangelie van Gods genade mij duidelijk wordt voorgehouden.

Twee dingen gaan samen. De GKv zijn ware kerken van Jezus Christus, maar ze vertonen tegelijk tekenen van verval. Ik ben daarom dankbaar en bezorgd tegelijk.

Ik ben van mening dat er nog heel wat moet gebeuren voor men de GKv zou mogen verlaten.

Tegelijk wil ik erop wijzen dat we geen letterknechten zijn. Ook niet van art. 29 van de Ned. Geloofsbelijdenis als zij spreekt over de ware en de valse kerk. Wie meent dat alle drie kenmerken van de kerk zo aangetast moeten zijn als art. 29 daarover spreekt, moet weten wat hij ermee bedoelt. Men kan met art. 29 van de Ned. Geloofsbelijdenis in de hand vragen: ‘maar wij hebben toch nog altijd twee sacramenten en geen zeven, zoals de roomsen (tweede kenmerk)? Met hetzelfde artikel in de hand kan iemand eisen dat je een kerk pas mag verlaten als zij mensen vervolgt (derde kenmerk). Maar wie zo de belijdenis hanteert, verlaat de GKv nooit. Hij kon het dan ook niet doen in 1944, toen er niemand op de brandstapel gezet of in de gevangenis gegooid is, zoals in de zestiende eeuw. Ook een vervallen of valse kerk is wel zo verstandig ons tegenwoordig met rust te laten en ons geen haar te krenken. We kunnen rustig blijven zitten waar we zitten!

We hebben geleerd wat voorzichtiger te worden met het opplakken van het etiket ‘valse kerk’. Je kunt treuren over de gang van zaken in de GKv, zonder deze kerk een valse kerk te noemen. Velen hebben zich in 1944 van de gereformeerde kerken (synodaal) losgemaakt, zonder dat ze het over hun lippen kregen dat die kerk een valse kerk was geworden. Dat stond wel in de Akte van Afscheiding en Wederkeer zoals K. Schilder die had opgesteld. Maar men kon zich ook met overtuiging vrijmaken zonder die Akte destijds te tekenen.

Intussen is het al treurig genoeg dat (naar mijn schatting, op grond van binnengekomen brieven) nu reeds een paar honderd mensen kerken in een andere gemeente dan waar zij lid zijn. Het kerkverband zullen ze niet vals noemen, maar hun eigen plaatselijke kerk geeft stenen voor brood, zo oordelen ze.. Het is heel wat als men ’s zondags de kerk in z’n eigen plaats A voorbijgaat, omdat men in B gelukkig nog goede preken hoort.

Dat wijst op ontbinding van het kerkverband Op deze en andere aspecten zal ik in mijn derde bijdrage ingaan. Verschillende vragen die mij bereikten naar aanleiding van de vorige hoofdstukken, kan ik dan beantwoorden.

Evenals dr. H.J.C.J. Wilschut, Afscheiding? (2010) beantwoord ik de vraag die hij stelt ontkennend. De GKv zijn geen valse kerk, maar dreigen wel los te raken van hun gereformeerde wortels (a.w., 46). Zijn betoog kent niet meer de vroegere engte die destijds de discussies over de ware en valse kerk kenmerkten. Wie opkomt voor het gereformeerde karakter van de GKv, zet zich daarmee nog niet in voor het behoud van het eigen vrijgemaakte verleden (a.w., 50).

(01-10-2010).

Laatst aangepast op zaterdag 29 juni 2013 22:38  

Nieuws

Boekaankondiging Gelukkig geen mythe - ds. Rob Visser

Boekaankondiging Gelukkig geen mythe - ds. Rob Visser

Als alles goed is zal half september het boek over Genesis 1-11 beschikbaar zijn. De titel is; Gelukkig geen mythe. In dit boek wordt Genesis 1-11 vers voor vers besproken. Deze hoofdstukken zijn... [More...]

Ds. E. Heres - Lucy of Adam

Een andere 'hermeneutische lens' De aanvallen op het scheppingsgeloof dat gebaseerd is op het geopenbaarde Woord van God worden steeds heftiger.  Het boek dat in deze maanden veel aandacht krijgt... [More...]

De ICRC schorst de GKv als lid

De ICRC schorst de GKv als lid

De ICRC (International Conference of Reformed Churches) te Jordan (Ontaria, Canada) heeft vandaag, 17 juli 2017, besloten om de GKv (Gereformeerde kerken vrijgemaakt) als lid te schorsen... [More...]

Di. Alko Driest, Jan Haveman, Pieter Schelling en Aryjan Hendriks...

UPDATE 20-07-2017 Emeritus ds. Alko Driest en ds. Jan Haveman mailden op 13 juli een brief naar alle kerkenraden in Noord-Nederland met de vraag om in ieder geval tot de eerstkomende Generale... [More...]

Referaat ds. H.G. Gunnink d.d. 12 juli 2017

Voorlichting, bijeenkomst Bedum (Maranathakerk, Grotestraat) De bijgevoegde presentatie is zakelijk van opzet. Daarom is het belangrijk om geen moment te vergeten, dat het gaat over voluit... [More...]

Boekbespreking 'HIJ en wij' - van ds. E. Hoogendoorn

In Weerklank - een gereformeerd maandblad uit de GKN - jaargang 5 nr. 3 schreef ds. E. Hoogendoorn onderstaande boekbespreking van 'HIJ en wij' met de ondertitel ‘Oriëntatie in de actuele situatie... [More...]

Onze ervaring tot hermeneutische sleutels geworden - boekbesprekingen...

Update 14/12: Dr. Hans Burger mailde mij dat in onderstaand artikel de weergave van zijn positie zoals hij die in Cruciaal verwoordt, onjuist is. Ik kom daar nog op terug. CGK Prof.dr. H.J.... [More...]

Enquete

Predikanten, ouderlingen en diakenen zijn in belijdende gereformeerde kerken gebonden aan
 

Nieuwsbrief

Naam:

E-mail:

Gereformeerd?

Grondlijnen in de liturgie (Ds.dr. R.D. Anderson)

Op zijn weblog anderson.modelcrafts.eu vonden we een artikel (laatste wijziging 12 september 2012) van ds. Andersen (FRCA) over de grondlijnen van de liturgie. Enkele citaten: Als inleiding wil ik... [More...]

De GKN zetten het gesprek voort met DGK over functioneren fundament...

De GKN hebben op de Generale Synode d.d. 18 maart 2017 besloten om het oriënterende gesprek met DGK voort te zetten. Nu samen met afgevaardigden van DGK op 17 februari jl. is vastgesteld dat alleen... [More...]

Blijdschap over positief gesprek DGK en GKN 17 februari

Positief gesprek geeft openingen!Op 17 februari 2017 hebben afgevaardigden van DGK (De Gereformeerde Kerken) en GKN (Gereformeerde Kerken Nederland) de tot nu toe gevoerde briefwisseling besproken en... [More...]

Betekenis van het besluit van de GKN over het spreken met de DGK -...

Ik wil graag reageren op wat broeder Trip over dit besluit heeft geschreven. Om zo onnodige obstakels en misverstanden die een eigen leven gaan leiden weg te nemen.   Ook om te laten zien dat de... [More...]

GKN willen uitgestoken hand DGK opnieuw onderzoeken

Een zeer teleurstellend bericht bereikte ons zaterdagavond via de nieuwsbrief van eeninwaarheid.info. De Synode van de GKN heeft besloten om de brief van de GKN aan DGK d.d. 12 maart 2016 toe te... [More...]

De zekerheid van het geloof vs Westminster studie deputaten BBK DGK

In 2014 hebben deputaten BBK (Betrekkingen Buitenlandse Kerken) opdracht gekregen van De Gereformeerde Kerken (DGK) i.c. van de Generale Synode Hasselt 2010-2011 om grondig studie te verrichten... [More...]

Presbyterianisme en de toegang tot het Heilig Avondmaal versus Westminster meerderheidsrapport BBK DGK

Presbyterianisme en de toegang tot het Heilig Avondmaal versus...

. Ds. Bredenhof - sinds maanden een pastor van de FRCA, Tasmania, Australia - is nog steeds bezig om zich in te werken in de Australische context. Onlangs las hij een autobiografie van J. Graham... [More...]

Ketter!

Ketter!

Dr. Wes Bredenhof, predikant van de Australische Gereformeerde Kerken (Launceston, Tasmania), is meer dan eens voor ketter uitgemaakt! Nee, niet door Rooms Katholieken of Moslims, maar... [More...]

De Westminster is een voluit gereformeerd belijdenisgeschrift - deel 2 (1944-1990)

De Westminster is een voluit gereformeerd belijdenisgeschrift - deel...

Versie -16/11: Toegevoegd: deputatenrapport 1967 beoordeling Westminster Confessie door ds. P. van Gurp en ds. C. Stam. PS: Ik heb wel alle Reformatie jaargangen, maar niet het blad Dienst 1957 nr.... [More...]

De Westminster is een voluit gereformeerd belijdenisgeschrift - deel 1 (1834-1944)

De Westminster is een voluit gereformeerd belijdenisgeschrift - deel...

Professor P. Biesterveld die al op 31 jarige leeftijd hoogleraar werd aan de Theologische School in Kampen (1894) en vanaf 1902 aan de Vrije Universiteit te Amsterdam heeft uitvoerig de... [More...]