Werken aan eenheid

van gereformeerde - 3FvE of WS - kerken en groepen in Nederland e.o.

  • Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte
Home J. Trip: Gebrek aan toepassen kennis als gezamenlijk probleem?

J. Trip: Gebrek aan toepassen kennis als gezamenlijk probleem?

E-mailadres Afdrukken PDF
Gebruikerswaardering: / 0
LaagsteHoogste 

In het nieuwe digiblad Pietas schrijft hoofdredacteur ds. R. van der Wolf (GKN) in een artikel over de belangrijkheid van de kennis van God, van de omgang met de Here, een leven in dienst van God. Hij schrijft dat het onder veel christenen aan de kennis van God ontbreekt. Juist die onkunde veroorzaakt een zondig leven en een zondige houding onder christenen.

Ds. Van der Wolf schetst daarvoor een paar verschillende soorten kerken:
- kerken die het oor strelen van het hedendaagse publiek maar die de rechte kennis aan het publiek onthouden;
- kerken die de zonde zo benadrukken waar de mensen niet weten of de verlossing ook voor hen is bewerkt;
- kerken die de zekerheid van de vertrouwelijke omgang met de Here hebben vervangen door de zekerheid ware kerk te zijn - deze laatste zekerheid zou dan zekerheid geven op een plaats in het koninkrijk.

Het gaat me nu even m.n. om deze laatstgenoemde soort kerk. Ik citeer:

Er zijn er ook die zich vastklampen aan de kerk zelf. De naleving van de kerkorde en de zekerheid wettige voortzetting van ‘de ware kerk’ te zijn, vervangt de vertrouwelijke omgang met de HERE. Dat geeft in de praktijk verregaande krampachtigheid, die tot exclusivisme en liefdeloosheid leidt. We kunnen het ook eenvoudig zonde tegen het tweede gebod noemen. Want de levendige dienst aan de HERE is tot slavernij aan de kerk gemaakt. De prediking roept vooral op tot gehoorzaamheid aan de ambten en wijst voortdurend de dwalingen bij anderen aan. Intussen komt de HERE op grote afstand te staan, omdat de oproep tot persoonlijke bekering gaat ontbreken. Het individu gaat op in de kerk en bij God horen is hetzelfde als bij deze kerk horen. De HERE is zo toegeëigend dat er geen ruimte is voor de dynamiek van het kerkvergaderend werk van God. Het leren kennen van de HERE komt op een tweede of nog lagere plaats. Strikte handhaving van de kerkorde en angstvallige beklemtoning van de kenmerken van de kerk moeten rust geven. Het beeld van God is aangepast aan de behoefte aan zekerheid dat de plaats in het koninkrijk gereserveerd is.

Zr. N. van Dijk schrijft daarover op Een in Waarheid.info het volgende:

Misschien vergissen we ons, maar gaat het in het bovenstaande over DGK? Als dit niet zo is, moet mijn stukje maar als niet geschreven beschouwd worden. Maar als dit wel zo is lijkt het me dat er wel meer is te zeggen van DGK, kerken die toch ook, met alle lek en gebrek trouw willen zijn aan Gods Woord.
Zou het niet goed zijn om met deze kerken in gesprek te blijven om zo elkaars diepere bedoelingen beter te begrijpen, en zo (ieder op zijn plaats) mee te werken aan meer eenheid?

Graag sluit ik me aan bij zr. Van Dijk en probeer een gezamenlijk probleem te benoemen.

Omgaan met andere zondige kerken
Als iemand dwaalt, spreek je hem/haar daarop aan.
Als iemand onkundig is, leer je hem/haar vanuit Gods Woord.
Kennis van Gods Woord leert ons ook hoe we met anderen om moeten gaan en wat onze houding moet zijn.
Het kerkvergaderend werk van Christus gaat toch juist om het behoud van alle gelovigen. Als iemand wel heel kundig is en signaleert dat er in andere kerken iets niet goed gaat, dan hebben we toch allereerst de plicht om daarover in gesprek te gaan? Zelfs als we van tevoren na zouden kunnen gaan dat het in onze ogen geen zin heeft, dan nog hebben we de taak om dit aan de orde te stellen: concreet en geadresseerd!
Van K. Schilder komt het gezegde: "Want naar mijn stellige meening bekeert zich heden niet, wie niet polemiseert." Dit betrof ook (m.n.) de verhouding tot personen uit andere kerken. En dan zeg ik niet: omdat K. Schilder het heeft gezegd is het waar, maar omdat het ook een schriftuurlijke gedachte is. Want als wij wel zonde bij de ander constateren en dit ook aan anderen dan de zondaar meedelen, maar we spreken de zondaar er zelf niet op aan, bekeer je je niet. Nog anders gezegd: als we de naam van anderen beschadigen zonder de ander er op aan te spreken is er misschien sprake van gebrek aan kennis bij de ander, maar laat dat vooral een zondige houding zien als we nalaten om de ander daarop te wijzen.

Beter gebrekkig gesprek dan geen gesprek
Ik ben het er helemaal mee eens dat er in veel kerken gebrek aan kennis van God is. Hier zal dan ook telkens weer hard aan gewerkt moeten worden. Ook daarom zijn we lid van de kerk met gewone en bijzondere ambtsdragers. Zo kunnen we elkaar leren en elkaar opscherpen, tot elkaars behoud zijn. En dat doen we ook door met elkaar in gesprek te gaan, elkaar te leren - ook zo het 3e kenmerk (tucht) van de kerk te onderhouden. En ook al gaat dat gebrekkig, toch daarmee doorgaan.
En juist in de kerk is het dan belangrijk om met de andersdenkenden in gesprek te gaan - ons niet op te sluiten in gelijkdenkende groepen. In het begin, na een reformatie, zal dat best wel moeilijk zijn omdat de verwachtingen anders kunnen liggen. Toch moeten we ons best blijven doen met het spreken en met het luisteren, met het geven en het ontvangen, met het waarderen van elkaars gaven en die ook gebruiken tot elkaars nut. En dat vooral bij degene die je niet zo goed ligt, die een irritant karakter heeft, etc. Juist die broeders en zusters waarmee we zo veel moeite hebben qua karakter, juist hen moeten we liefhebben als onszelf, ons daarvoor inzetten in de kerk!

Oproep: polemiseer tot behoud !
Juist om te werken aan het behoud van broeders en zusters roep ik u op om toch vooral direct en duidelijk aan te geven waaraan het mankeert bij DGK.  U hebt toch de plicht om te zeggen en DGK heeft toch het recht om te vernemen waarvan zij zich zou moeten bekeren? Die strijd kan vervelend zijn, zou ons zelfs emotioneel kunnen beschadigen, maar dat mag geen reden zijn om ons daaraan te onttrekken.
Ik ben het overigens met de inhoud van het geciteerde helemaal eens, ik kan er alleen geen kerk bij bedenken - wel sterk vermoeden. Maar stel dat ik lid zou zijn van zo'n soort kerk, dan heeft het toch geen zin om dit alleen maar te constateren? Dan zal ik toch ook mij moeten inspannen om dit concreet te onderbouwen en om de anderen binnen die kerk daarop te wijzen? Om in gesprek te gaan en verder proberen te komen met elkaar? Om geduld te hebben en rekening te houden met onze zondige beperkingen. En om uiteindelijk de kerkelijke weg te gaan? En dan kan het best zijn dat ik een lange tijd in een kerk zit waarin ik niet gelukkig ben, waarin veel zonden en gebreken zijn, krampachtigheid, etc., ja zelfs gebrek aan kennis constateer. Maar ik zit niet voor mijn eigen geluk in de kerk, ik zit er ook niet omdat het zo'n fijne gemeenschap is met fijne karakters, ook niet omdat de kerk helemaal zuiver is zonder zonde, ook niet omdat de leer volledig uitgebalanceerd qua rechtvaardiging en heiliging wordt gebracht en ook niet omdat de dominees zo fijn kunnen preken. De enige reden dat ik mij heb vrijgemaakt van de vorige kerk (GKv) is omdat die betreffende kerk niet meer te kennen was aan de 3 kenmerken van de kerk en dit ook heb aangetoond in een jarenlange strijd, ook in de kerkelijke weg. En omdat ik dat niet kan aantonen bij DGK en er geen strijd voor heb geleverd binnen DGK en niet de kerkelijke weg gegaan, kan en mag er voor mij toch geen andere reden zijn om mij te onttrekken aan DGK ? Het gaat toch niet allereerst om de mate van zuiverheid van de kerk, maar veel meer nog om het behoud van alle gelovigen?
Daarom is polemiek ook zo belangrijk: aantonen en onderbouwen wat er verkeerd gaat bij broeders en zusters zodat zij zich bekeren! Zo handelen we vanuit de liefde waar 1 Kor. 13 over spreekt en zijn we gericht op elkaars behoud !

Andere gezamenlijke problemen?
Zou er misschien ook op een ander vlak een nog groter gezamenlijk probleem kunnen liggen dan alleen gebrek aan kennis: dat we niet meer (willen of kunnen) weten hoe we elkaar aan moeten spreken en hoe we de aanspraak moeten ontvangen? Dat we niet meer in staat zijn om elkaar aan te spreken op elkaars levenswandel? Dat we daarvoor veel te gevoelig zijn en er te veel en te snel vanuit gaan dat WIJ in elk geval wel goed staan, en de ander toch niet in staat is om in gesprek te gaan? Dat we de zonde bij de ander heel scherp zien, maar bij onszelf niet meer concreet? Want kennis is heel belangrijk, maar hoe we met die kennis omgaan met en naar elkaar is niet minder belangrijk! Die kennis mogen we niet voor onszelf houden, maar moeten we delen, gebruiken, toepassen, uit leven !
De afgoden van deze tijd (welvaart en welzijn) zijn - ook in dit verband - grote gevaren voor ons gereformeerden. Bijvoorbeeld als wij de ander niet meer aanspreken op zondig gedrag of als we onszelf niet laten aanspreken door anderen op ons zondig gedrag omdat we ons daar niet prettig bij voelen (welzijn!). Ook het prettig voelen in een bepaalde kerk of omgeving (welzijn!) kan voor ons doorslaggevend zijn voor de kerkkeus. Dit geldt ook voor orthodoxe gereformeerden die graag een orthodoxe preek willen horen (of geven) van (of door) een orthodoxe dominee.  
Daarom is het ware kerk zijn maar ook het kerklid zijn niet een statisch iets, maar vraagt het elke dag weer om bekering! En dan zou het geweldig zijn als we elkaar weer (laten) opscherpen en alle ware gelovigen zich laten vergaderen tot 1 kerk en gezamenlijk de grootste gevaren benoemen en bestrijden. En ik ben er van overtuigd dat we met het-ons-laten-vergaderen in 1 kerk zo snel mogelijk moeten beginnen als we metterdaad een heilige algemene christelijke kerk GELOVEN.

Bronnen (klik op regel om naar het artikel te gaan):
Digiblad Pietas - rubriek Confessie - ds. Van der Wolf - Het gebed van een boeteling ***het artikel staat niet meer op de website, zie hieronder de tekst van het betreffende artikel.
Een in Waarheid.info - N. van Dijk - Nieuw Digiblad Pietas - 14-01-2012

 

 

HET GEBED VAN EEN BOETELING

 

"Ik zal de gunstbewijzen des HEREN vermelden, de roemrijke daden des HEREN, naar alles wat de HERE ons heeft gedaan en naar de grote goedheid jegens het huis Israëls, welke Hij het betoond heeft naar zijn barmhartigheid en naar zijn vele gunstbewijzen." Jes. 63: 7

 

We leven vandaag in een tijdperk dat we naar mijn mening als één van de dieptepunten in de geschiedenis van de kerk kunnen beschouwen. Niet alleen omdat de wereld om ons heen blijk geeft van een verregaande afval van het Woord van de HERE. Het christelijk geloof is een overtuiging geworden tussen vele andere opvattingen in. Er is een generatie aan het opgroeien die van de HERE en van het evangelie van onze Here Jezus Christus nauwelijks iets meer weet. Vele jongeren in ons land kennen de betekenis van de grote heilsfeiten niet meer. Zelfs niet als deze door de kerk gevierd worden op dagen die nog altijd tot een verplichte vrije dag behoren. De invloed van de kerk op de samenleving is alleen nog van historische betekenis. Vandaag is alles anders. Het grootste deel van de samenleving heeft het afgeleerd zich te binden aan de verering van één God alleen.

Dat heeft de kerk in het isolement gebracht. Maar dat is niet de grootste oorzaak voor de diepe crisis in de kerkgeschiedenis. Er zijn wel meer tijden aan te wijzen waarin de kerk een plek had aan de rand van de samenleving. In het Romeinse Rijk leefde ze zelfs tijden lang in het verborgen en ondergronds. Dat betekende intussen niet, dat er geen sprake was van bloei. En van een krachtig getuigenis. Juist de gedreven vervolging bewijst hoe men in die dagen rekening hield met de boodschap, die het Koninkrijk van Jezus Christus publiek verkondigde en liet zien. En dat is dan ook tegelijkertijd reden om van het huidige tijdperk te spreken als één van de dieptepunten in de geschiedenis van de kerk.

Het is namelijk de kerk zelf die het Woord uit de samenleving weghaalt. Dat is een ernstige constatering die tegelijk ook een ernstige beschuldiging inhoudt. Maar het is mijn hartelijke overtuiging dat het isolement waarin de kerk vandaag gedrongen is, het resultaat moet heten van een diepe afval die door alle kerken heen te zien is. Het punt is niet dat er te weinig christenen zouden zijn. Het punt is veel meer dat de christenen die er vandaag zijn te weinig christen zijn. Dat verklaart tegelijkertijd ook de tolerante houding van de wereld waarin we leven. Die wereld hoeft geen strijd te leveren, zoals in de dagen van het Romeinse Rijk. Want de christen is niet gewapend en de kerk gaat in de geestelijke strijd niet in de aanval. Ook die crisis is overigens niet nieuw. Dat leert de Heilige Geest ons middels de profetie van Jesaja wel.

Jesaja

Meteen al aan het begin van de profetie wordt de ernst van de situatie in de dagen van Jesaja aangegeven: “Hoort, hemelen, en aarde, neig uw oor, want de HERE spreekt: Ik heb kinderen grootgebracht en opgevoed, maar zij zijn van Mij afvallig geworden. Een rund kent zijn eigenaar en een ezel de krib van zijn meester, maar Israël heeft geen begrip, mijn volk geen inzicht” (Jes. 1: 2-3). Zo denkt datzelfde Israël er intussen niet over. Men meent in die dagen de HERE daadwerkelijk het Zijne te geven (Jes. 1: 10-15). Er wordt geofferd en gebeden. De tempeldienst wordt nauwgezet onderhouden en de kerkelijke feesten worden gevierd. Toch noemt de HERE dit een gruwel. Hij verbergt Zijn gezicht ervoor en doet Zijn oren dicht als Hij wordt aangeroepen. Want het leven van Gods volk spreekt een heel andere taal. De praktijk laat van eerbied en ontzag voor de HERE weinig zien. Van gehoorzaamheid aan zijn geboden is in het dagelijks leven niets te zien. Het volk heeft de omgang met de HERE verlaagd tot vormendienst. Er is een cultus, een godsdienstig leven. Maar geen vrome en hartelijke dienst aan God. Geen levensstijl waarin de HERE behagen kan hebben.

Intussen is die levensstijl wel te typeren als corrupt (Jes. 1: 23), materialistisch en wellustig (Jes. 3: 16-23), afgodisch en occult (Jes. 8: 19), decadent en platvloers (Jes. 28: 7-8), zorgeloos (Jes. 32: 9-11) en werelds georiënteerd (Jes. 31: 1). Er is niets te zien van een dankbaar leven dat zich bewust is van de grote genade dat de HERE zich uit alle volken op aarde juist dit ellendig Israël verkoos om Zijn volk te zijn. En alle pogingen om dit afvallig geworden volk weer naar Zich toe trekken stuiten af op onwillige eigengereidheid. Kort vat de Heilige Geest het door de dienst van Jesaja in hoofdstuk 22 dan ook als volgt samen: “Maar gij richtte de blik niet op Hem, die het gedaan had, en Hem, die het van overlang geformeerd had, zaagt gij niet” (Jes. 22: 11).

kennis

Het eerste dat bij deze korte en globale schets van de situatie in de dagen van Jesaja opvalt is, dat er kennelijk geen kennis van de HERE is. Het volk kent zijn Eigenaar en Meester niet. Het denkt Hem wel te kennen, want het doet ijverig aan godsdienst. Maar de klacht van God blijft, dat het hart van Zijn volk ver van Hem is. “En de HERE zeide: Omdat dit volk Mij slechts met woorden nadert en met zijn lippen eert, terwijl het zijn hart verre van Mij houdt, en hun ontzag voor Mij een aangeleerd gebod van mensen is..”(Jes. 29: 13). De vertrouwelijke omgang die de HERE zoekt en vraagt, ontbreekt in die dagen omdat het volk zijn God als het er op aankomt niet echt kent.

Ik denk, dat dit één van de belangrijkste oorzaken is voor het diepe verval en de geestelijke armoede en de crisis in de hedendaagse kerken. Door alle kerken heen is te zien, hoe de levendige omgang met de HERE verstoord, beschadigd en verbroken is omdat de mensen geen kennis van God meer hebben. Ze denken misschien veel over God na. En ze weten veel over de cultuur en de tijd waarin we leven. Maar ze dragen geen kennis van God. Daarom ontbreekt het aan ontzag en gehoorzaamheid, aan radicale keuzes, een christelijke levensstijl en een eenduidig christelijk getuigenis in de wereld om ons heen. God is een God op afstand geworden, hoe dichtbij mensen ook zeggen Hem ‘gemaakt’ te hebben.

Dat wordt in veel kerken wel aangevoeld. Er ontstaat namelijk een leegte, die op de één of andere manier moet worden opgevuld, wil de kerk niet zonder leden komen. Daarom grijpen verschillende kerken naar hedendaagse middelen om de erediensten op te leuken en de liturgie te sacraliseren. Zodat mensen er weer wat bij voelen en een ogenblik opgaan in hun eigen religiositeit. Jeugdkerken, jongerendiensten, vriendendiensten, laagdrempelige kerkdiensten, kindermomenten, inbreng van gemeenteleden tijdens kerkdiensten, intensivering van de gemeenschap door het stichten van kleine wijken, reorganisatie en bestuursconcepten, missionair elan en noem maar op moeten de middelen zijn om de mensen dichter bij God te brengen. Het resultaat daarvan is dat zulke kerken steeds meer leden verliezen. Het is verbijsterend om te merken dat het falen van al deze methodes kerkleiders niet bij de waarheid brengt. Je kunt God namelijk niet bij de mensen brengen. En je kunt de mensen niet bij God brengen. De bereidwilligheid tot dienst aan de HERE heeft God niet in mensenhand gegeven. God is het, “die zowel het willen als het werken in ons werkt” (Fil. 2: 13).

Het meest verdrietige en zorgwekkende is wel, dat de HERE in veel kerken door de prediking aan de mensen wordt voorgesteld op een volstrekt verkeerde manier. Voorgangers denken wel te weten wat voor een soort ‘god’ hun hoorders willen. Niet een God die heilig is en over zonden toornt, maar een God die zich verontschuldigt over al het leed dat er op aarde is, daarin meeleeft en belooft de mensen daaruit te zullen redden. Omdat de bijbel nogal eens een ander beeld van de HERE geeft, worden moeilijke passages dan maar tot ‘beeldspraak’ verklaard, of als een ‘manier van overlevering’ voorgesteld. Daardoor worden de predikers als de door God bedoelde ‘herauten van het koninkrijk’ tot ‘obers van de ijdelheid’. Men streelt het oor van het publiek en wordt daartoe ook opgeleid. Intussen onthouden de kerken op deze manier zelf de mensen de rechte kennis van de HERE. Zij laten God niet spreken en zoeken met een ‘waanwijs oog naar wat te groot is en te hoog’ (Psalm 131). Het beeld van God is aangepast aan de tijd, de cultuur en de religieuze behoefte.

Aan de andere kant zijn er ook kerken, die de zonde zo benadrukken dat de HERE als vanzelf op grote afstand komt te staan. Hij is zo eindeloos ver weg dat elk woord dat van verlossing en genade ritselt wel ‘uit den boze’ moet zijn. Elke toenadering tot God en elke vorm van vertrouwelijke omgang met de HERE wordt de mensen ontzegd, omdat het maar de vraag is of het ook voor hen bestemd is. Er vormt zich zo een elite, een ‘keurgroep’ van gelovigen die hun behoud zoeken in de zekerheid van hun verslagenheid en verdorvenheid. Wie niet bij deze ‘begenadigden’ hoort, ontgaat de zin van levensheiliging en dienstbetoon. Zolang zij niet mogen geloven dat er verlossing voor hen is bewerkt, maken ze geen deel uit van het koninkrijk der hemelen. Ze worden ver bij God vandaan gehouden door de prediking, die hen voortdurend wijst op hun verloren staat voor God. God komt niet dichterbij hen en zij komen niet dichterbij God. Daardoor leren de mensen God niet kennen, maar blijven ze achter met het verlangen iets van God te mogen ervaren. Het beeld van God is aangepast aan de angst en twijfel om toe te eigenen.

Er zijn er ook die zich vastklampen aan de kerk zelf. De naleving van de kerkorde en de zekerheid wettige voortzetting van ‘de ware kerk’ te zijn, vervangt de vertrouwelijke omgang met de HERE. Dat geeft in de praktijk verregaande krampachtigheid, die tot exclusivisme en liefdeloosheid leidt. We kunnen het ook eenvoudig zonde tegen het tweede gebod noemen. Want de levendige dienst aan de HERE is tot slavernij aan de kerk gemaakt. De prediking roept vooral op tot gehoorzaamheid aan de ambten en wijst voortdurend de dwalingen bij anderen aan. Intussen komt de HERE op grote afstand te staan, omdat de oproep tot persoonlijke bekering gaat ontbreken. Het individu gaat op in de kerk en bij God horen is hetzelfde als bij deze kerk horen. De HERE is zo toegeëigend dat er geen ruimte is voor de dynamiek van het kerkvergaderend werk van God. Het leren kennen van de HERE komt op een tweede of nog lagere plaats. Strikte handhaving van de kerkorde en angstvallige beklemtoning van de kenmerken van de kerk moeten rust geven. Het beeld van God is aangepast aan de behoefte aan zekerheid dat de plaats in het koninkrijk gereserveerd is.

Begrijp me goed. Het gaat me er niet om verschillende kerkgenootschappen aan te vallen en te veroordelen. Het gaat me nog veel minder om een uiteindelijke verdediging van het kerkverband waar ik zelf predikant in mag zijn. Het gaat me om iets dat ik veel belangrijker vind. Om kennis van God. Om omgang met de HERE. Om een leven, in dienst van de levende God. Mijn enige bedoeling met de kanttekeningen die ik bij verschillende opvattingen heb gemaakt, is om duidelijk te maken dat het onder veel christenen aan de juiste kennis van God ontbreekt. Dat de verwereldlijking en de decadentie, de lauwheid en oppervlakkigheid, de onverschilligheid en zorgeloosheid onder christenen het gevolg is van onkunde. God is een God op afstand geworden. Maar zo wil Hij het niet.

D.V. volgende keer verder.

R. van der Wolf

Laatst aangepast op donderdag 17 mei 2012 18:05  

Nieuws

Boekaankondiging Gelukkig geen mythe - ds. Rob Visser

Boekaankondiging Gelukkig geen mythe - ds. Rob Visser

Als alles goed is zal half september het boek over Genesis 1-11 beschikbaar zijn. De titel is; Gelukkig geen mythe. In dit boek wordt Genesis 1-11 vers voor vers besproken. Deze hoofdstukken zijn... [More...]

Ds. E. Heres - Lucy of Adam

Een andere 'hermeneutische lens' De aanvallen op het scheppingsgeloof dat gebaseerd is op het geopenbaarde Woord van God worden steeds heftiger.  Het boek dat in deze maanden veel aandacht krijgt... [More...]

De ICRC schorst de GKv als lid

De ICRC schorst de GKv als lid

De ICRC (International Conference of Reformed Churches) te Jordan (Ontaria, Canada) heeft vandaag, 17 juli 2017, besloten om de GKv (Gereformeerde kerken vrijgemaakt) als lid te schorsen... [More...]

Di. Alko Driest, Jan Haveman, Pieter Schelling en Aryjan Hendriks...

UPDATE 20-07-2017 Emeritus ds. Alko Driest en ds. Jan Haveman mailden op 13 juli een brief naar alle kerkenraden in Noord-Nederland met de vraag om in ieder geval tot de eerstkomende Generale... [More...]

Referaat ds. H.G. Gunnink d.d. 12 juli 2017

Voorlichting, bijeenkomst Bedum (Maranathakerk, Grotestraat) De bijgevoegde presentatie is zakelijk van opzet. Daarom is het belangrijk om geen moment te vergeten, dat het gaat over voluit... [More...]

Boekbespreking 'HIJ en wij' - van ds. E. Hoogendoorn

In Weerklank - een gereformeerd maandblad uit de GKN - jaargang 5 nr. 3 schreef ds. E. Hoogendoorn onderstaande boekbespreking van 'HIJ en wij' met de ondertitel ‘Oriëntatie in de actuele situatie... [More...]

Onze ervaring tot hermeneutische sleutels geworden - boekbesprekingen...

Update 14/12: Dr. Hans Burger mailde mij dat in onderstaand artikel de weergave van zijn positie zoals hij die in Cruciaal verwoordt, onjuist is. Ik kom daar nog op terug. CGK Prof.dr. H.J.... [More...]

Enquete

Predikanten, ouderlingen en diakenen zijn in belijdende gereformeerde kerken gebonden aan
 

Nieuwsbrief

Naam:

E-mail:

Gereformeerd?

Grondlijnen in de liturgie (Ds.dr. R.D. Anderson)

Op zijn weblog anderson.modelcrafts.eu vonden we een artikel (laatste wijziging 12 september 2012) van ds. Andersen (FRCA) over de grondlijnen van de liturgie. Enkele citaten: Als inleiding wil ik... [More...]

De GKN zetten het gesprek voort met DGK over functioneren fundament...

De GKN hebben op de Generale Synode d.d. 18 maart 2017 besloten om het oriënterende gesprek met DGK voort te zetten. Nu samen met afgevaardigden van DGK op 17 februari jl. is vastgesteld dat alleen... [More...]

Blijdschap over positief gesprek DGK en GKN 17 februari

Positief gesprek geeft openingen!Op 17 februari 2017 hebben afgevaardigden van DGK (De Gereformeerde Kerken) en GKN (Gereformeerde Kerken Nederland) de tot nu toe gevoerde briefwisseling besproken en... [More...]

Betekenis van het besluit van de GKN over het spreken met de DGK -...

Ik wil graag reageren op wat broeder Trip over dit besluit heeft geschreven. Om zo onnodige obstakels en misverstanden die een eigen leven gaan leiden weg te nemen.   Ook om te laten zien dat de... [More...]

GKN willen uitgestoken hand DGK opnieuw onderzoeken

Een zeer teleurstellend bericht bereikte ons zaterdagavond via de nieuwsbrief van eeninwaarheid.info. De Synode van de GKN heeft besloten om de brief van de GKN aan DGK d.d. 12 maart 2016 toe te... [More...]

De zekerheid van het geloof vs Westminster studie deputaten BBK DGK

In 2014 hebben deputaten BBK (Betrekkingen Buitenlandse Kerken) opdracht gekregen van De Gereformeerde Kerken (DGK) i.c. van de Generale Synode Hasselt 2010-2011 om grondig studie te verrichten... [More...]

Presbyterianisme en de toegang tot het Heilig Avondmaal versus Westminster meerderheidsrapport BBK DGK

Presbyterianisme en de toegang tot het Heilig Avondmaal versus...

. Ds. Bredenhof - sinds maanden een pastor van de FRCA, Tasmania, Australia - is nog steeds bezig om zich in te werken in de Australische context. Onlangs las hij een autobiografie van J. Graham... [More...]

Ketter!

Ketter!

Dr. Wes Bredenhof, predikant van de Australische Gereformeerde Kerken (Launceston, Tasmania), is meer dan eens voor ketter uitgemaakt! Nee, niet door Rooms Katholieken of Moslims, maar... [More...]

De Westminster is een voluit gereformeerd belijdenisgeschrift - deel 2 (1944-1990)

De Westminster is een voluit gereformeerd belijdenisgeschrift - deel...

Versie -16/11: Toegevoegd: deputatenrapport 1967 beoordeling Westminster Confessie door ds. P. van Gurp en ds. C. Stam. PS: Ik heb wel alle Reformatie jaargangen, maar niet het blad Dienst 1957 nr.... [More...]

De Westminster is een voluit gereformeerd belijdenisgeschrift - deel 1 (1834-1944)

De Westminster is een voluit gereformeerd belijdenisgeschrift - deel...

Professor P. Biesterveld die al op 31 jarige leeftijd hoogleraar werd aan de Theologische School in Kampen (1894) en vanaf 1902 aan de Vrije Universiteit te Amsterdam heeft uitvoerig de... [More...]