Werken aan eenheid

van gereformeerde - 3FvE of WS - kerken en groepen in Nederland e.o.

  • Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte
Home Artikelen Over en uit de GKV Visiedocument Vijfhoek - Gods Woord of mensenwoord?

Visiedocument Vijfhoek - Gods Woord of mensenwoord?

E-mailadres Afdrukken PDF
Gebruikerswaardering: / 0
LaagsteHoogste 

Gods Woord of Mensenwoord?
Een balans, opgemaakt na de Dalfser studieavonden.
Inleiding.
De Vijfhoek heeft de afgelopen drie seizoenen studieavonden georganiseerd over de
kerkelijke ontwikkelingen in de Gereformeerde kerken vrijgemaakt (GKv). De Vijfhoek heeft
dat gedaan omdat zij er van overtuigd is dat deze ontwikkelingen afvoeren van het geloof dat
de kerk belijdt in haar belijdenisgeschriften en daarmee van het Woord van God zelf.
De Vijfhoek heeft voor haar studieavonden het Schriftgezag als centraal thema gekozen.
Zij heeft dit thema gekozen om te laten zien dat in de GKv het gezag van de Schrift als het
Woord van God wordt gerelativeerd. Hiermee bedoelt de Vijfhoek dat er een ontwikkeling
gaande is waarbij het Woord van God wordt gecombineerd en in harmonie wordt gebracht
met menselijke/wetenschappelijke inzichten. Daardoor gaan Schriftwoorden een andere
betekenis krijgen. Een voorbeeld is het naast elkaar laten staan van het scheppingsverhaal en
de theorie over de oerknal (J.Douma, Gaan in het spoor van de Bijbel, p 47). Zie verder het
referaat van ds J.R. Visser, Schriftgezag en Genesis 1.
Zo wordt er anders omgegaan met het Woord van God dan dit Woord ons zelf voorhoudt (2
Petrus 1:20, 21: “Dit moet gij vooral weten, dat geen profetie der Schrift een eigenmachtige
uitlegging toelaat; want nooit is profetie voortgekomen uit de wil van een mens, maar, door
de Heilige Geest gedreven, hebben mensen van Godswege gesproken”).
De aandacht is verschoven van de bijbeltekst naar de bijbellezer, van het schriftgezag, naar de
ervaringswereld van de hoorder; zo van Christus naar christen, van God naar mens. Dit heeft
vérstrekkende gevolgen.
De grote lijn van de verandering.
Volgens de Nederlandse geloofsbelijdenis (NGB) hebben de Schriften absoluut gezag en zijn
ze volstrekt duidelijk, (onduidelijkheid komt door ons zondig denken) volledig genoegzaam
en beslist noodzakelijk voor de mens om te geloven wat nodig is voor zijn behoud.1 De NGB
volgt hiermee het Woord van God. In dit Woord hebben mensen van Godswege gesproken,
schreven we al in de inleiding. Daarom laat het Woord van God geen eigenmachtige uitleg
toe. De Bijbel is haar eigen uitlegster.
In het Woord, in de Zoon, spreekt God tot mensen (Hebreeën 1:1). Als God spreekt dan
moeten mensen zich van binnen en van buiten heiligen (Exodus 19:10). Ze moeten zich
bekeren en zich losmaken van vreemde goden en verkeerde leringen (lees hiervoor
Deuteronomium 30 en Mattheus 16:6). De mensen moeten de Egyptische, Kanaänitische,
Babylonische en Farizeïsche cultuur verlaten en zich onderwerpen aan het gezag van Gods
Woord zoals dat gesproken is door profeten en apostelen en tenslotte aan de Here Jezus zelf;
in Christus is al ons heil. Die eis geldt ook voor de mens van onze tijd.
We hebben in het referaat van dr J.W.G. Meissner, 'Schriftgezag en postmodernisme',
gezien dat onze tijd gekenmerkt wordt door het postmodernisme2. In het postmodernisme
1 Zie hiervoor het referaat over de betekenis van de NGB vandaag, in het bijzonder de art. 3, 5 en 7.
door ds H.G. Gunnink, onder de titel: ‘Een theoloog niet! Een Evangeliebelijder!’, gehouden op 26
januari 2006 op een studieavond van ‘De Vijfhoek’.
2 Zie hiervoor het referaat 'Schriftgezag en postmodernisme', gehouden op een studieavond over
het postmodernisme en de verwarring in de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt) op 30 november
2006, door dr. J.W.G.Meissner.
1
worden ‘werkelijkheden’ opgeroepen door verbeeldingskracht, taal en tekens. Maar de echte
werkelijkheid kan dit niet zijn, want die bestaat niet in het postmodernisme.
Het Woord van God roept ons bij onze postmoderne cultuur vandaan om werkelijk wijs te
worden (1 Korinthiërs 1: 18 – 2: 16). Deze wijsheid is niet gebonden aan tijd of cultuur, maar
zij is van alle tijden, omdat deze wijsheid is van God, die gisteren, heden en morgen en tot in
eeuwigheid dezelfde is (1 Samuël 15:29 en Hebreeën 13:8).
Voor zover wij hebben kunnen nagaan is het postmodernisme binnen de GKv nauwelijks op
een grondige wijze tegen het licht van het Woord van God gehouden. Wie zich laat leiden
door het postmodernisme levert zich uit aan de wijsheid van deze wereld. We verwijzen
opnieuw naar het referaat van dr Meissner. De postmoderne mens is het uitgangspunt van een
worsteling om God te ervaren. De middelen om die ervaring te leren (zien) zijn preken en
erediensten die gericht zijn op en aansluiten bij de ervaringswereld van de kerkganger en een
bijbeluitleg die ons als mensen aanspreekt. We zien (jonge) gemeenteleden, jongens en
meisjes, mannen en vrouwen actief optreden tijdens de eredienst. We zien dat de lezing van
de Tien Geboden soms onder druk komt te staan, als ook het gebruik van de vastgestelde
formulieren. We zien nieuwe elementen toegevoegd aan de liturgie. Veel van wat er in de
GKv op dit moment kan en gebeurt, herkennen we uit de tijd dat de toenmalige
Gereformeerde kerk synodaal aan het begin van haar omwenteling stond. Dat geldt ook voor
de hierna te bespreken zaken.
Het postmodernisme kunnen we zien als uiting van secularisatie. Secularisatie is ons hechten
aan de dingen van deze wereld en wat van mensen is, in plaats van dat we ons (laten) hechten
aan de Here (Deuteronomium 13:4; Psalm 31: 7; Lukas 16:13; 1 Korinthiërs 6: 16,17; Titus
1:14). Menselijke begeerten nemen bezit van ons hart en gaan zo onze drijfveren bepalen, in
plaats van dat we Jezus Christus aandoen (Romeinen 13:14; Galaten 5:24) en ons door Zijn
wil laten leiden. Alleen in en door Christus kan deze wereld overwonnen worden.
Ds H.G. Gunnink heeft in het zijn referaat als volgt verwoord:
“Maar eerst nóg wat anders: wat is nu eigenlijk de oorzaak van deze verwarring? Ten
diepste is dat wat o.a. in Openbaring 12 wordt geopenbaard, de felle strijd van satan tegen
degenen die hun vertrouwen mogen stellen op de Koning van de kerk, Jezus Christus. Op
Hem Die in het gewaad van de Schriften naar ons toekomt.
Waar het rond het Woord niet meer rustig is, daar is verwarring. Satan zoekt altijd, vgl. HC
ZONDAG 48, onder het volk van God in het Oude Testament, evengoed als in de
Nieuwtestamentische gemeenten zoals die in Jeruzalem en Korinte en Rome en Pergamum en
Tyatira en noem maar op, z’n kracht in aanvallen op het Woord en op het luisteren naar dat
Woord. En hij blíjft dat doen tot op de laatste dag.
Het begin van alle ellende is (Statenvertaling): “Is het ook dat God gezegd heeft: gijlieden
zult niet eten van allen boom dezes hofs?” Dáár al legt hij a.h.w. een bom onder het spreken
van de HEERE God. Al met zijn eerste woorden stelt hij het spreken van God ter discussie.
En daarmee de heerschappij en de eer van God. En ook het behoud en de zaligheid van de
kinderen / onderdanen van God.
Met het ter discussie stellen van wat God gesproken heeft, begint de ellende. En dat is ook
daarna altijd weer de oorzaak van de ellende, bladzij na bladzij. Met daarbovenuit de
heerlijkheid en de zekerheid van Gods beloftewoord over Zijn wonder van verlossing, redding
van zondaren, zoals dat ook bladzij na bladzij stralend licht blijft geven  NGB artt 2-7.”
2
En ds R. van der Wolf verwoordde het als volgt:
“En nu staat de kerk daar midden in. In de crisis. In het oordeel, dat vandaag over de wereld
gaat.3 De kerk heeft met het ongeloof te maken. Met de revolutie, de opstand tegen de Koning
van hemel en aarde. Niet alleen maar naar buiten toe. In de antithese (letterlijk:
tegenstelling4) met de wereld. Maar ook naar binnen toe. Hoe heeft Christus zijn gemeenten
in Asia niet gewaarschuwd, dat ze zich dat bewust moeten zijn. Dat de gemeente haar eerste
liefde niet verzaken moet. Dat ze zich bekeren moet van wereldgelijkvormigheid, van
onverschilligheid en lauwheid. Dat ze trouw moet blijven tot de dood (Opb. 2; 3). Dat ze als
lichtende sterren moet schijnen in een donkere wereld, het woord des levens vasthoudende
(Fil. 2, 15-16). Want de crisis, het oordeel, begínt in het huis van de HERE zelf (1 Petr. 4,17).
Dat vereist waakzaamheid, nuchterheid, vastberadenheid. Het geeft, ín de crisis, ook troost.
“Geliefden” zegt Petrus in zijn eerste brief, hoofdstuk 4 vers 12, “laat de vuurgloed, die tot
beproeving dient, u niet bevreemden, alsof u iets vreemds zou overkomen.” Christus zegt zelf,
dat Hij niet gekomen is om vrede te brengen, maar het zwaard (Matt. 10, 34). Zijn komst
betekent tweedracht tussen een man en zijn vader, tussen een dochter en haar moeder en
tussen een schoondochter en haar schoonmoeder; en iemands huisgenoten zullen zijn
vijanden zijn (Matt. 10, 35-36).”
Aanpassing aan de tijdgeest.
We zijn allemaal kinderen van onze tijd. Wij dragen zo maar het levensgevoel van onze tijd,
de kerk binnen. Toch is het feit dat wij kinderen van onze tijd zijn niet de nood van de kerk.
Het christelijke leven is altijd een strijd tegen de tijdgeest (= secularisatie = wat van mensen
is) die harten veroverd. De nood van de kerk is wel dat er in de kerk krachten zijn om de
(uitleg van) het Woord van God aan te passen aan de tijdgeest en dus aan menselijke
inzichten. Mensenwoorden worden op één lijn geplaatst met het Woord van God. Echter een
‘neutrale nevenschikking’ bestaat niet.
We zien dat in de GKv het gezag van het Woord van God ondergeschikt wordt gemaakt aan
de tijdgeest. We lichten dat in het hierna volgende toe. Hier is een verschuiving van aandacht
zichtbaar, die gaat van het schriftgezag naar de ervaringswereld van de hoorder. En daarom
worden kerkleden ook niet meer terug geroepen van die tijdgeest. De oproep tot berouw en
bekering verstilt. Hoe zouden wij met God kunnen omgaan, als wij ons niet bekeren? (Jer. 3:
13–14)
De kerkelijke praktijk.
We willen laten zien hoe dat in de kerkelijke praktijk zichtbaar wordt. We doen dat beknopt,
voor uitgebreidere informatie kunt u terecht op onze website waar de lezingen over de diverse
onderwerpen te vinden zijn.
1. Er wordt in de theologie een verschuiving zichtbaar waarbij het gezag verschuift van
bijbeltekst naar exegeet. Het Woord van God staat, waar dit gebeurt, op gespannen
voet met dat gene wat wij uit verschillende wetenschappen als waarheid menen te
moeten erkennen. Het gezag van Gods Woord komt dan in strijd met het gezag wat
wetenschap heeft over ons leven.
3 Vgl. Dordtse Leerregels III/IV, artt. 8-10
4 In Nederland in het bijzonder: de door A. Kuyper gestelde “antithese” tussen christenen en nietchristenen.
3
 Er wordt voor gepleit om in de eerste elf hoofdstukken van Genesis de
mogelijkheid open te houden dat de geschiedenissen metaforische, dus als
beeldende, vertellingen kunnen worden opgevat, ook als de tekst daar geen
aanleiding voor geeft.
 Heel het Woord van God, dus ook Genesis is een groot getuigenis van het spreken
van de HERE (Hebreeën 1: 1). Op basis van een veronderstelde vertelconventie
die in de oudheid gebruikelijk zou zijn geweest, wordt nu voorgesteld om het zo te
zien, dat God door de bijbelschrijver sprekend wordt ingevoerd in het
bijbelverhaal.
 Op basis van allerlei natuurkundige argumenten, wordt het voor velen steeds
moeilijker Genesis 1 nog als echte geschiedenis te lezen. Het spreken van de Bijbel
over scheppingsdagen wordt gezien als een literaire vorm om een groot mysterie
onder woorden te brengen. In Exodus 20: 11 zegt de Here zelf heel nadrukkelijk
dat Hij hemel en aarde in zes dagen heeft geschapen en daarom op de zevende dag
heeft gerust. Dit staat uiteraard haaks op de hedendaagse kijk op Genesis 1. Dat
wordt opgelost door de woorden in Exodus 20:11 om te draaien. God heeft volgens
die theorie niet gerust op de zevende dag omdat Hij hemel en aarde in zes dagen
geschapen had, maar het scheppingsverhaal is achteraf ‘ingepast’ in het weekritme.
De Vijfhoek verwijst graag naar het boek van ds J.R.Visser: “Hoe God alles
maakte”5.
In deze voorbeelden zien we hoe het gezag van het Woord van God wordt losgemaakt van de
bijbeltekst en verschuift naar de exegese die mensen aan de tekst geven.
2. Geschilpunten in de kerk over het omgaan met het Woord van God ontstaan vooral
wanneer gewone kerkleden in conflict komen met de wereld om zich heen. We zien
dat bij ethische zaken als zondagsrust, huwelijk en echtscheiding, homoseksualiteit, de
positie van de vrouw in de eredienst, enz.
Het is erg moeilijk geworden om, als het over deze zaken gaat nog tot een gezamenlijk
verstaan van het Woord van God te komen. We kunnen nog wel aangeven wat de
bedoeling van de bijbeltekst in die tijd is geweest, maar het is bijna onmogelijk
geworden om de tekst van toen, ook in onze tijd nog als normatief toepassing te geven.
We buigen niet meer voor het Woord zoals het er staat.
 In het boek, ‘Woord op schrift’ stelt dr A.L.Th. de Bruijne voor anders met de
bijbel om te gaan. We moeten niet langer rationeel de betekenis van een
bijbelgedeelte vast willen stellen. Volgens hem moet de bijbel in onderlinge
omgang door de gemeente tot klinken worden gebracht.
 Een voorbeeld van deze werkwijze is het rapport van deputaten Huwelijk en
Echtscheiding. Daarin wordt uiteindelijk gesteld dat de gemeente in afwijking van
wat de Here Jezus zelf zegt over echtscheiding, ook andere echtscheidingsgronden
mag erkennen dan alleen overspel. Dit wordt gerechtvaardigd met het argument
dat wij in een andere tijd leven dan Jezus en dat er nu andere problemen spelen dan
waar de Here Jezus mee te maken had.6
5 Ds Rob Visser HOE GOD ALLES MAAKTE, Uitleg van Genesis 1-3 en de betekenis daarvan.
Van Berkum Graphics
ISBN 978-90811710-1-4
De prijs is 9,95
Het boekje is ook per e-mail rechtstreeks bij de uitgever bestellen.
Het e-mail adres is: Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien.
6 Rapport Deputaten Huwelijk en Echtscheiding 2003, p.15/16 en p.27)
4
 We zien hoe deze werkwijze breed ondersteund wordt in onze kerken. Als het gaat
over vrouwelijk ambtsdrager in de Nederlands Gereformeerde Kerken dan zegt het
deputaatschap kerkelijke eenheid dat het hier niet gaat om een dwaling, maar om
een verschillende weging van de woorden van de Schrift. We zien ook hier weer
hoe het gezag van de bijbel verschuift van bijbeltekst naar exegeet en aangepast
wordt aan de leefwereld van de bijbellezer.
3. In de klassiek gereformeerde opvatting werd het principe gehuldigd dat de bijbel de
norm is waarnaar ons hele leven, dus ook onze beleving van het geloof, gevormd moet
worden. Vandaar ook een eredienst die in alle delen een afspiegeling van dat Woord
wilde zijn. We namen de woorden en de liederen van het oude verbondsvolk in de
mond, om te komen tot een zelfde bevindelijke kennis van God die zo kenmerkend is
voor het bijbelse geloof.
Er is heel duidelijk een verschuiving te zien binnen de erediensten. De vaste
liturgische vormen zijn losgelaten. Er is een geweldige verruiming gekomen in
liturgische mogelijkheden. Er wordt vooral aansluiting gezocht bij de leefwereld van
de hoorders. Het aantal gezangen en liederen buiten de psalmen is in 10 jaar tijd
vertienvoudigd. De aandacht voor zonde, berouw en bekering heeft veelal plaats
moeten maken voor de notie dat God van je houdt zoals je bent. Dat God vooral voor
je zorgt en dat Jezus een voorbeeld is om na te volgen. Gods heiligheid, Zijn toorn
over de zonde, Zijn verbondseis, Zijn verbondswraak, en de noodzaak van Christus’
werk zijn op de achtergrond geraakt, zie ook H.C. zondag 1. Er wordt over Gods
liefde gesproken op een wijze waarbij onze zonde en diepe ellende uit beeld raakt. Wij
worden niet meer gebracht naar een bijbelse geloofsbeleving maar hebben een
beleving gekregen die bij ons mensen past. De gereformeerde bevindelijkheid wordt
steeds meer verdrongen door evangelische beleving, die goed aansluit bij de tijd (van
maakbaarheid) waarin wij leven.
4. We zijn inmiddels een kerk geworden, waarin allerlei tegensprekende meningen rustig
naast elkaar kunnen bestaan. Dit noemt men ook wel de plurale kerk. We zeggen
misschien nog dat een lering verkeerd is, maar we zullen een lering niet meer
aanmerken als dwaling.
 Er wordt geleerd dat de zondag de rustdag is naar Goddelijk gebod, er wordt ook
geleerd dat het een goede kerkelijke gewoonte is (zie de betreffende
synodebsluiten en de Handleiding).
 Er wordt geleerd dat de wet een belangrijke plaats vervult in de eredienst. Er wordt
ook geleerd dat de wet niet meer thuis hoort in de dienst omdat we uit genade
leven en niet uit het doen van de wet.7.
 Er zijn vergaande vragen over de positie van de vrouw in de kerk (deputaatschap
Vrouw in de eredienst). Denk aan de praktijk in een aantal gemeentes van publiek
in de eredienst aangestelde kerkelijke werkers, waaronder ook vrouwen en
vrouwen die actief taken vervullen in de eredienst.8 Allerlei wind van leer uit de
evangelische hoek wordt verkondigd zonder dat er paal en perk aan wordt gesteld.
Ook hier zien we hoe het schriftgezag ondergeschikt wordt gemaakt aan de
tijdgeest waarin wij leven.
7 Zie ook het referaat van ds R. van der Wolf over het ‘Schriftgezag en de wet’, gehouden op de
studieavond van 27 oktober 2005.
8 Zie hiervoor ook de beschouwing van dr R.D. Anderson: 'De Plaats Van de Vrouw in de Eredienst:
1 Korintiers 14:34-35 Overwogen'.
5
5. Het denken over de kerk is sterk veranderd. Tot voor kort waren we er van overtuigd
dat de bedding van het kerkvergaderend werk van Christus in Nederland, loopt via de
gereformeerde leer.9 Kerkelijke eenheid was gefundeerd in eenheid van Schrift en
belijdenis. Eenheid in Schrift en belijdenis was voorwaarde voor eenheid van
avondmaalstafel. De kenmerken van de kerk waren zuivere woordbediening, zuivere
bediening van de sacramenten en de bediening van de tucht. Het denken over de kerk
werd genormeerd door Gods Woord zoals dat wordt nagesproken in de NGB artikelen
27, 28 en 29.
We zien hoe deze belijdenis steeds meer wordt losgelaten. Het is een verschuiving van
de eenheid van belijden over de kerk naar de eenheid van de oecumene van het hart.
We zien het vooral in de verregaande samensprekingen met de Nederlands
Gereformeerde kerken die vanouds een veel lossere binding aan de belijdenis
voorstaan.
Ds R.van der Wolf heeft hierover in zijn referaat ‘Kerk in de crisis’ belangrijke dingen
gezegd.10
6. De verschuivingen die plaatsvonden hebben rampzalige gevolgen voor het kerkelijke
samenleven. Het accent is verschoven van het gezag van de Schrift naar de
ervaringswereld van de bijbellezer, en dat is ook hier duidelijk te merken.
Argumenten op grond van Schrift en belijdenis leggen geen gewicht meer in de schaal.
Er is geen enkele mogelijkheid om nog ergens tegen in beroep te gaan. Daardoor is de
kerkelijke weg afgesneden. Brieven worden slecht of niet meer beantwoord.
Argumenten worden niet meer gewogen.
Een bezwaar lijkt niet meer gezien te kunnen worden als een verdediging van de zaak
van Christus. Een bezwaar wordt vrijwel altijd gezien als een persoonlijke aanval op
voorstanders van de ontwikkelingen waartegen bezwaar gemaakt wordt.
Iemand die bezwaar maakt tegen bepaalde kerkelijke ontwikkelingen wordt verweten
een kerkbreker te zijn. Bezwaren worden soms uitgelegd als kwaadwilligheid of laster,
kwaadsprekerij over ambtsdrager, het niet meer liefhebben van de kerk van Christus.
Bezwaren worden vaak niet meer aangehoord, laat staan weerlegd. De kerk laat haar
bezwaarde leden heengaan met hun bezwaren.11
De Gereformeerde Kerk Synodaal achterna?
In het voorgaande hebben we de grote lijn in de kerkelijke ontwikkelingen en daarmee ook
veranderingen willen schetsen.
We hebben er op gewezen dat er verschuivingen zichtbaar zijn. Het aandachtspunt is
verschoven van God naar mensen. De tijdgeest heeft veel gezag gekregen. Dezelfde
ontwikkeling voltrok zich in de synodaal gereformeerde kerken in de jaren 50 en 60 van de
vorige eeuw.
Gaan we de synodalen dan toch achterna?
Die ontwikkelingen begonnen zo rond 1950.
Er werd een pleidooi gevoerd voor meer openheid. Thijs Booi12, die zich leider van de jeugd
noemt, vergelijkt de kerk met een broeikas. De ramen moeten open. Hij pleit voor openheid
9 J.kamphuis, Verantwoording van een keus Anno Domini 1967, Goes, Oosterbaan & Le Cointre
10 Zie ook het referaat van ds R. van der Wolf met als titel ‘Kerk in de crisis’, gehouden op de
studieavond van 24 mei 2006.
11 We verwijzen hierbij opnieuw naar een artikel van ds.R.D.Anderson: 'Artikel 31 van de Kerkorde'
waarin een helder beschreven wordt hoe de kerkelijke weg behoort te functioneren.
12 Jeugdwerker in de Gereformeerde Kerk Synodaal.
6
en oecumene. We moeten niet altijd praten over wat we belijden, maar we moeten ons geloof
doen. Dat pleidooi is een program geworden voor wat in de volgende jaren ook gebeurd is.13
1. Het gezag van het Oude Testament word aangevochten.
 In 1954 houdt prof. N.H.Ridderbos een referaat onder de titel “Beschouwingen over
Genesis 1”. Hij voert een pleidooi voor de kadertheorie, die ook in onze kerken nu
opgeld doet. Volgens hem is die kaderopvatting de enige goede oplossing, anders
komen we in moeite met resultaten in de natuurwetenschappen.
 In 1956 verschijnt van de hand van prof. J.Lever van de VU het boek Creatie en
evolutie. Hij voert een pleidooi voor het aanvaarden van de evolutietheorie. Misschien
stammen de mensen inderdaad wel van apen af.
Iemand die wil vasthouden aan de tekst van Genesis 1 is volgens deze professor een
fundamentalist. In 1959 vraagt ds H. A. L. van der Linden de synode om intrekking
van de leeruitspraken uit 1926 over het spreken van de slang in Genesis 3. Het verzoek
wordt dan nog niet ingewilligd, maar enige jaren later gebeurt dat wel. Ds v.d. Linden
zet ook grote vraagtekens bij de historiciteit van Genisis 1 tot 11. Het is wel
geschiedenis maar geen historie. Het is in zekere zin waar, maar je kunt er geen echte
beschrijving van werkelijke geschiedenis in zien.
 In 1960 ontkent ook prof J.L. Koole het historische gezag van Genesis 1-11. Hij doet
dat in Sola Fide, het blad van de calvinistische studentenbond. Genesis 1-11 is volgens
prof. Koole oergeschiedenis en geen werkelijke historische beschrijving.
In 1967 gaat deze professor nog verder in zijn kritiek. In het boekje ‘Verhaal en feit in
het Oude Testament’ zegt hij dat bijbelse geschiedenisschrijvers in het hele Oude
Testament gebruik hebben gemaakt van oude volksverhalen, bronnen en oorkonden.
Dit waren geen echte geschiedenisverslagen, maar romans waarin rekenschap werd
gegeven van de problemen van het mensenleven.
Volgens de NGB hebben de Schriften absoluut gezag en zijn ze volstrekt duidelijk De
Schriften laten daarom ook geen eigenmachtige uitlegging toe, maar de Schrift is haar eigen
uitlegger.
Dit principe werd in de synodale kerken, in een periode van 10 jaar van tafel geveegd.
Anderen hebben het schriftgezag verder afgebroken totdat er weinig meer over was.
 In dezelfde tijd speelden de vragen over de vrouw in het ambt.
Ook hier gingen de ontwikkelingen razendsnel. In gesprekken met de Hervormde Kerk
rond 1960, werd de kwestie van de vrouw in het ambt genoemd als een ernstig
geschilpunt tussen beide kerken. In 1958 waren in de Hervormde Kerk de ambten voor
vrouwen opengesteld. Gereformeerden hadden daar toen nog grote moeite mee.
In 1966 werden ook in de Synodaal Gereformeerde Kerken de ambten voor vrouwen
opengesteld. De zwijgteksten bij Paulus werden tijdgebonden verklaard en
weggeredeneerd.
2. Het kerkbegrip.
Het denken over de kerk verandert in deze periode eveneens.
In 1962 stelt Prof D. Nauta dat in het spreken over de kerk, waarheid en eenheid niet zo
naast elkaar gezet moeten worden. Er moet verscheidenheid zijn in de kerk. Wie eenheid
wil op grond van de waarheid trekt de zaak scheef. Hij vraagt zich af of het bezitten van
13 Zie voor een uitgebreide beschrijving de brochure van ds. Ph. Huijser, Het verwordingsproces in
de gereformeerde kerken- II, de invloed van de tijdgeest, 1972, Buijten en Schipperheijn.
7
de zuivere belijdenis meer is dan het betoon van zelfverloochenende liefde. En is het zo
dat wij in die belijdenis echt de waarheid hebben? De belijdenis geeft immers rekenschap
van het geloof in de taal van een bepaalde tijd. We moeten elkaar vrijlaten in het
interpreteren van de belijdenis. Onverdraagzaamheid wordt in dit verband het grootste
manco van het christelijke leven genoemd.
Anderen namen dit over, met als gevolg een ontkenning van de belijdenis over de kerk,
waardoor de weg tot eenwording met de Hervormde Kerk openstond.
3. De kerkelijke weg van de verontrusten.
In november 1967 werd de Vereniging van verontrusten in de gereformeerde kerken in
nederland opgericht. Later werd hier aan toegevoegd, Schrift en getuigenis.
Men wilde namelijk opkomen voor de onverzwakte erkenning van het gezag van de
Heilige Schrift en de drie formulieren van enigheid. Men weigerde de wetenschap boven
de Schrift te stellen.
Het was maar even, en de kritiek op de vereniging kwam op gang. Het was erg dat deze
vereniging opgericht was. Men moest met bezwaren de kerkelijke weg gaan. Het was
allemaal onverdraagzaam, liefdeloos, respectloos. De verontrusten moesten midden in de
kerk blijven staan.
Maar de kerkelijke weg bleek onbegaanbaar. Bezwaarden werden afgepoeierd, en hun
bezwaren op de lange baan geschoven, terwijl de ontwikkelingen ‘vrolijk’ verder gingen.
Op het moment dat hun zaken op kerkelijke vergaderingen werden behandeld waren ze
al weer ingehaald door andere ontwikkelingen, die dan ook al lang weer waren
geaccepteerd.
Volgens prof. van Swighem waren verontrusten fundamentalisten. Zij leden aan
bewustzijnsvernauwing, aan monomanie14 en waren daardoor gefrustreerd.
Prof. J. Plomp was, volgens eigen zeggen, ook verontrust. Hij was verontrust over
verontrusten, die de kerken van Christus aanvielen met hun verontrusting. Degenen die
de kerkstrijd in onze kerken de laatste jaren een beetje hebben gevolgd, zullen deze
uitspraken ongetwijfeld bekend in de oren klinken.
De kerkelijke weg bleek voor verontrusten een onbegaanbare weg en gaandeweg bloedde
het gesprek dood, alle mooie woorden ten spijt.
De parallellen tussen de synodaal gereformeerde kerken van toen en de vrijgemaakt
gereformeerde kerken nu zijn onmiskenbaar vergelijkbaar. En we weten hoe het verder is
gegaan met de synodaal gereformeerde kerken. De Schriftkritiek werd steeds onbeschaamder,
bijna niets was nog heilig.
De bijbel hield geen gezag over, alles werd ter discussie gesteld, tot aan de opstanding van
onze Heer en Heiland Jezus Christus toe (ds.H.M. Kuitert, ds.H. Wiersinga).
De godsverduistering was zeer breed zonder enig uitzicht op licht. Het hele gereformeerde
kerkelijke en maatschappelijke leven is in de tijd van een generatie volkomen ingestort.
Duizenden mensen hebben sindsdien deze kerken verlaten. Mensen zagen vrienden en
kennissen, soms familie, vaak hun eigen kinderen, wegzakken in ongeloof, en totale
onverschilligheid over de zaken van het koninkrijk van God. Wie zal de pijn en het verdriet
ooit meten van die gelovigen die dat hebben meegemaakt. Maar wat erger is: hoeveel mensen
zijn tengevolge van deze ontwikkelingen hun geloof in Christus kwijt geraakt, en wie wordt
zonder geloof behouden? Hoe groot is de verantwoordelijkheid van de ambtsdragers omdat
zij het zijn, “die waken over uw zielen, daar zij rekenschap zullen moeten afleggen” (Hebr. 13
: 17).
14 Monomanie: mensen die lijden aan kokervisie, alleenheersers.
8
De Vijfhoek heeft de afgelopen jaren gewaarschuwd tegen de kerkelijke ontwikkelingen. Niet
uit dogmatische muggezifterij, maar wel omdat iedereen aan de hand van de geschiedenis kan
zien waar het naar toe gaat. Als wij ons niet bekeren dan wordt de weg die de gereformeerde
kerken synodaal zijn gegaan ook de weg van de GKv. Laten we maar niet, in hoogmoed
menen dat we meer zijn dan zij. Laten we maar niet denken dat die godslasterlijke
schriftkritiek die daar ingang heeft gevonden bij ons geen toegang kan krijgen, omdat wij
geloviger of vromer zouden zijn dan de mensen daar. Laten we ook vooral niet denken dat ons
bloeiende kerkelijke leven immuun zou zijn voor de totale ineenstorting die we bij de
synodale gereformeerde kerk hebben gezien. Het zou de allergrootste misrekening zijn die wij
in dit leven ooit kunnen maken.
De synodaal gereformeerden waren gelovigen die de tijdgeest toegang gaven in hun denken,
en die kerk is er aan ten onder gegaan. Ook wij hebben de tijdgeest toegang gegeven tot ons
denken en voor ons zal het dezelfde gevolgen hebben. Laten we ons daarom bekeren, voor
het te laat is.
Hoe moet het verder?
Het gaat heel duidelijk niet over zaken die alleen vaktheologen aangaan. We zijn er als
kerkleden allemaal bij betrokken, omdat we er ook allemaal schuldig aan zijn. De dwalingen
zijn immers via ons aller hart de kerk binnen gekomen. En als we dan verder willen dan
betekent dat berouw en bekering voor allen. Het is heel leerzaam het gebed van Nehemia er
op na te lezen. Maar het moet wel anders, want de kerk is stuk, de breuken zijn geslagen.
Want er zijn mensen vervreemd in hun eigen kerk, die Psalm 122 of Psalm 133 niet of
nauwelijks meer op de lippen durven nemen.
We sluiten ons aan bij de slotwoorden van ds R. van der Wolf in zijn referaat ‘Kerk in de
crisis’:
“Gereformeerde Kerken waarheen? Dat was de vraag. Het antwoord is niet zo moeilijk. Wij
zijn onderweg naar een beter vaderland. Naar de volmaaktheid. De volheid van onze dienst
aan de HERE. En elk, die mét ons deze Heiland belijden en volgen wil, hij trekke met ons
mee. Wie afdwaalt wordt gewaarschuwd. Teruggeroepen naar de zorg van de Goede Herder
zelf. Zo leert ons de liefde van Christus dat. Hij dringt ons daartoe.
Broeders en zusters, dát is onze roeping. En bedenkt u daarbij, dat het een zaak van leven of
dood is. De kerk is ons speeltje niet. Niet ons stiltecentrum. Niet onze proefpolder. Ons
bedrijf. Ons wetenschapsinstituut. De kerk is Góds tempel, Góds bouwwerk. En die kerk heeft
kerk te zijn. Zoals ze geroepen is. In elke tijd weer. Naar het onveranderlijke, onvergankelijke
Woord van haar Here en Koning.
Hem mogen we dienen. Dat is het evangelie van Jezus Christus en die gekruisigd. Hem
mogen we dienen. En de vreugde daarover, de vrijmoedigheid daartoe en de vastberadenheid
daarin blijven we van Hem verwachten. Zo dienen we. Niet anders dan in liefde tot Hem,
gehoorzaam aan zijn woord en in een gehoorzame levenswandel. Dat zal tegenstand
oproepen. Zelfs in eigen kring. Dat is met de crisis gegeven. Dat zal minachting kweken.
Mogelijk vervreemding, verwijdering en zelfs uiteindelijk ook: scheiding. Met alle pijn die ik
daarbij heb, zeg ik dan vanavond: het zij zo. De crisis binnen de kerk, doet ons er pijnlijk van
bewust zijn dat de kerk in de crisis staat. Dat moeten we niet ontlopen. Daar mogen we niet
voor wegvluchten. Want boven die strijd troont de Christus. De Christus die ons deze vraag
stelt: “En gij, wie zegt gij dat Ik ben?
9

Laatst aangepast op maandag 27 juli 2015 19:02  

Nieuws

Boekaankondiging Gelukkig geen mythe - ds. Rob Visser

Boekaankondiging Gelukkig geen mythe - ds. Rob Visser

Als alles goed is zal half september het boek over Genesis 1-11 beschikbaar zijn. De titel is; Gelukkig geen mythe. In dit boek wordt Genesis 1-11 vers voor vers besproken. Deze hoofdstukken zijn... [More...]

Ds. E. Heres - Lucy of Adam

Een andere 'hermeneutische lens' De aanvallen op het scheppingsgeloof dat gebaseerd is op het geopenbaarde Woord van God worden steeds heftiger.  Het boek dat in deze maanden veel aandacht krijgt... [More...]

De ICRC schorst de GKv als lid

De ICRC schorst de GKv als lid

De ICRC (International Conference of Reformed Churches) te Jordan (Ontaria, Canada) heeft vandaag, 17 juli 2017, besloten om de GKv (Gereformeerde kerken vrijgemaakt) als lid te schorsen... [More...]

Di. Alko Driest, Jan Haveman, Pieter Schelling en Aryjan Hendriks...

UPDATE 20-07-2017 Emeritus ds. Alko Driest en ds. Jan Haveman mailden op 13 juli een brief naar alle kerkenraden in Noord-Nederland met de vraag om in ieder geval tot de eerstkomende Generale... [More...]

Referaat ds. H.G. Gunnink d.d. 12 juli 2017

Voorlichting, bijeenkomst Bedum (Maranathakerk, Grotestraat) De bijgevoegde presentatie is zakelijk van opzet. Daarom is het belangrijk om geen moment te vergeten, dat het gaat over voluit... [More...]

Boekbespreking 'HIJ en wij' - van ds. E. Hoogendoorn

In Weerklank - een gereformeerd maandblad uit de GKN - jaargang 5 nr. 3 schreef ds. E. Hoogendoorn onderstaande boekbespreking van 'HIJ en wij' met de ondertitel ‘Oriëntatie in de actuele situatie... [More...]

Onze ervaring tot hermeneutische sleutels geworden - boekbesprekingen...

Update 14/12: Dr. Hans Burger mailde mij dat in onderstaand artikel de weergave van zijn positie zoals hij die in Cruciaal verwoordt, onjuist is. Ik kom daar nog op terug. CGK Prof.dr. H.J.... [More...]

Enquete

Predikanten, ouderlingen en diakenen zijn in belijdende gereformeerde kerken gebonden aan
 

Nieuwsbrief

Naam:

E-mail:

Gereformeerd?

Grondlijnen in de liturgie (Ds.dr. R.D. Anderson)

Op zijn weblog anderson.modelcrafts.eu vonden we een artikel (laatste wijziging 12 september 2012) van ds. Andersen (FRCA) over de grondlijnen van de liturgie. Enkele citaten: Als inleiding wil ik... [More...]

De GKN zetten het gesprek voort met DGK over functioneren fundament...

De GKN hebben op de Generale Synode d.d. 18 maart 2017 besloten om het oriënterende gesprek met DGK voort te zetten. Nu samen met afgevaardigden van DGK op 17 februari jl. is vastgesteld dat alleen... [More...]

Blijdschap over positief gesprek DGK en GKN 17 februari

Positief gesprek geeft openingen!Op 17 februari 2017 hebben afgevaardigden van DGK (De Gereformeerde Kerken) en GKN (Gereformeerde Kerken Nederland) de tot nu toe gevoerde briefwisseling besproken en... [More...]

Betekenis van het besluit van de GKN over het spreken met de DGK -...

Ik wil graag reageren op wat broeder Trip over dit besluit heeft geschreven. Om zo onnodige obstakels en misverstanden die een eigen leven gaan leiden weg te nemen.   Ook om te laten zien dat de... [More...]

GKN willen uitgestoken hand DGK opnieuw onderzoeken

Een zeer teleurstellend bericht bereikte ons zaterdagavond via de nieuwsbrief van eeninwaarheid.info. De Synode van de GKN heeft besloten om de brief van de GKN aan DGK d.d. 12 maart 2016 toe te... [More...]

De zekerheid van het geloof vs Westminster studie deputaten BBK DGK

In 2014 hebben deputaten BBK (Betrekkingen Buitenlandse Kerken) opdracht gekregen van De Gereformeerde Kerken (DGK) i.c. van de Generale Synode Hasselt 2010-2011 om grondig studie te verrichten... [More...]

Presbyterianisme en de toegang tot het Heilig Avondmaal versus Westminster meerderheidsrapport BBK DGK

Presbyterianisme en de toegang tot het Heilig Avondmaal versus...

. Ds. Bredenhof - sinds maanden een pastor van de FRCA, Tasmania, Australia - is nog steeds bezig om zich in te werken in de Australische context. Onlangs las hij een autobiografie van J. Graham... [More...]

Ketter!

Ketter!

Dr. Wes Bredenhof, predikant van de Australische Gereformeerde Kerken (Launceston, Tasmania), is meer dan eens voor ketter uitgemaakt! Nee, niet door Rooms Katholieken of Moslims, maar... [More...]

De Westminster is een voluit gereformeerd belijdenisgeschrift - deel 2 (1944-1990)

De Westminster is een voluit gereformeerd belijdenisgeschrift - deel...

Versie -16/11: Toegevoegd: deputatenrapport 1967 beoordeling Westminster Confessie door ds. P. van Gurp en ds. C. Stam. PS: Ik heb wel alle Reformatie jaargangen, maar niet het blad Dienst 1957 nr.... [More...]

De Westminster is een voluit gereformeerd belijdenisgeschrift - deel 1 (1834-1944)

De Westminster is een voluit gereformeerd belijdenisgeschrift - deel...

Professor P. Biesterveld die al op 31 jarige leeftijd hoogleraar werd aan de Theologische School in Kampen (1894) en vanaf 1902 aan de Vrije Universiteit te Amsterdam heeft uitvoerig de... [More...]