Werken aan eenheid

van gereformeerde - 3FvE of WS - kerken en groepen in Nederland e.o.

  • Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte
Home Artikelen Zorgen over GKv Ds. E. Hoogendoorn - De kerk Forum of tempel?

Ds. E. Hoogendoorn - De kerk Forum of tempel?

E-mailadres Afdrukken PDF
Gebruikerswaardering: / 0
LaagsteHoogste 

(SKO-lezing) - 1 -
De kerk: forum of tempel?
(Lezing te Assen, 5 november 2009)
(Lezen: Ezechiel 13:1-16 Zingen: Ps. 147:1,2,7 begin, aan het eind: Gez. 31:1,2,3)
Broeders en zusters,
Laten we eerlijk zijn: deze avond is uit de nood geboren. Een kerkelijke nood.
Gemeenteleden voelen zich niet meer veilig bij hun kerkenraad en/of predikant.
Kerkleden voelen zich niet meer veilig in hun kerkverband.
Laten we maar open uitspreken: dat geeft ontzettend veel pijn. Aan weerskanten.
Hier bloeden broeder- en zusterharten. Aan beide kanten.
Samen groeide je op in de kerk die je lief had. Waarvoor je dankbaar je inzette. Omdat het
niet om een menselijke club ging, maar om de Here. Samen was je gedoopt. Samen vierde je
avondmaal, te gast bij de Here Jezus die zijn leven voor ons gaf. Zijn bloed gaf ons het leven,
ook het samenleven met elkaar.
En dan, in die heiligste gemeenschap van je leven, in die diepste verbondenheid die zondige
mensen maar kunnen hebben dankzij die ene Vader in de hemel, en die ene Heiland van het
kruis, in die kostbare kerkelijke gemeenschap: verdeeldheid, onenigheid, verscheurdheid.
Tegenover elkaar staan: voorgangers èn schapen die aan je leiding zijn toevertrouwd.
Tegenover elkaar staan: bezwaarde gemeenteleden tegenover kerkelijke vergadering.
Plaatselijk, in je eigen gemeente. Landelijk in het kerkverband.
Soms heftig tegenover elkaar staan: van kerklid tot kerklid, van kerk tot kerk, van prediker tot
prediker, van pers tot pers.
Het overschaduwt het kerkelijk samenleven. Het haalt de aanbidding uit de erediensten. Het
dreigt de blijdschap van het geloof weg te roven.
Ik denk niet dat ik hier een te sombere schets geef.
Het stemt tot ootmoed. Tot diepe ootmoed voor de Here.
‘Here, waarom deze beproeving?’ Of moeten we zeggen: ‘waarom deze tuchtiging?’
Waarin gaan we gezámenlijk fout? Waarin gaan we zèlf fout, aan welke kant van de
verdeeldheid we ook mogen staan?
Zelfbeproeving. Verootmoediging. Over onze eigen zonden in dit alles.
Wat heeft de Here, die ook kerkelijke toestanden toelaat in ons leven, hiermee voor?
Tegelijk moeten we ook nuchterheid betrachten. Temidden van alle verdriet en pijn.
Dergelijke situaties zijn helaas niet vreemd in de kerk. Niet alleen voor wie de
kerkgeschiedenis kent, met al haar ups en downs. Ook voor wie de Schriften kent - Gods
eigen openbaring - kan weten hoe dit vaker is voorgekomen.
Wat moeten we doen in zo’n kerkelijke situatie?
Je kunt vluchten in struisvogelpolitiek. U weet wel: kop diep in het zand, als moeilijkheden
zich opdringen. ‘Niks aan de hand. Waar zeurt men toch over?’ En je daarmee willoos
overgeven aan de richting waar de mainstream, de heersende stroming, je naar toevoert.
(SKO-lezing) - 2 -
‘Ze zullen het wel weten’. Dan lever je je aan mènsen over.
Zitten die góed, dan ben je redelijk veilig. Maaarrr..., ze moesten eens niet goed zitten!
Je kunt ook vol samenbindende liefde elkaar willen vasthouden. Ook als de meningen
tegenover elkaar staan. En volstaan met: als we Jezus maar liefhebben. Omdat alleen al deze
intentie voldoende zou zijn om elkaar binnen de kerkmuren te houden.
Toch, liefde voor de Here, echte liefde, wil de Hére volgen. ‘Men moet God meer
gehoorzamen dan mensen’. Dat heilig moeten is onze redding. Want bij de Here ben je veilig;
bij de mensen niet altijd. Echte discipelen van Christus verstaan hun eigen
verantwoordelijkheid. Vanaf de Reformatie is met de terugkeer naar Gods Woord dat ‘ambt
van de gelovige’ weer gezien en hersteld.
Struisvogelpolitiek sluit de ogen, zowel voor de Here als voor zijn grote tegenstander satan.
‘Waakt en bidt dat u niet in verzoeking komt’(Matt 26,41). Het Woord van onze Heiland in
dat aangrijpende Gethsémane gold niet alleen zijn discipelen, in de situatie van die dagen. Het
geldt ook de kerk die van het Woord van zijn apostelen leeft.
Bidden en waken, het betekent ook: bidden en wèrken. Om wakker te blijven, waakzaam,
moet je echt aan het werk. Dat geldt niet alleen in militaire dienst.
We zullen er hard voor moeten werken!
Je moet elkaar niet vasthouden om het vasthouden. In de kerk wil je elkaar vasthouden bij
Jezus, maar wel de Jezus die de Christus van de Schriften is. Blijven bij zijn bevrijdend
Woord. Dat kan ook pijnlijke gevolgen hebben in de kerk. Zowel voor wie zich niét door dat
Woord wil laten gezeggen, als voor wie zich daar wél door laat leiden. Christus volgen kan
pijnlijke keuzes vragen.
Belangrijk is hoe we de kerkelijke situatie analyseren en taxeren.
Ik wil daarvoor vanavond een paar richtlijnen aanreiken.
Bij drie zaken wil ik met u stilstaan:
1. de heiligheid van de kerk.
2. een aantal kenmerken van valse profetie
3. hoe in de concrete situatie van vandaag te handelen: meegaan of reformeren? Blijven
of heengaan?
1 . de heiligheid van de kerk .
Hoe zien we de kerk?
Het antwoord op die vraag helpt ons ook bij de kwestie: hoe beoordelen we de kerkelijke
discussies?
‘Forum of tempel?’, zo heb ik als titel van deze lezing gekozen.
Waar denken we bij een ‘forum’ aan?
Wie ooit Rome heeft bezocht, kent het ‘Forum Romanum’. Het beroemde plein in de oude
stad van het Romeinse Rijk. Een marktplein waar het volk samen kwam om allerlei publieke
(SKO-lezing) - 3 -
zaken te bespreken. Daar kon men zijn zegje doen. Daar werd ook recht gesproken. Een markt
van menselijke meningen en uitspraken.
Tegenwoordig denken we bij een ‘forum’ vooral aan een bijeenkomst, waar een aantal
deskundigen (zoals men mag aannemen) achter een tafel zit. Die geven in een korte inleiding
hun persoonlijke visie over een bepaald onderwerp. En vervolgens worden die meningen ter
discussie gesteld onder het publiek in de zaal en openlijk besproken of tegengesproken.
Gaat het in de kerk ook als bij zo’n forum?
Soms krijg je dat gevoel.
In de theologie wordt het wel als een academische verplichting gezien symposia te beleggen
waar dan voor- en tegenstanders de degens met elkaar kruisen over een bepaald onderwerp.
Alles staat ter discussie. Zeg vooral niet dat de Here in zijn Woord ons zus en zo leert. Dat is
slechts jouw mening, jouw persoonlijk idee. Kom ook niet met een gereformeerde belijdenis
aandragen. Dat is toch ook maar één traditie uit de vele die de christenheid rijk is, van rooms
tot dopers. Symposium. Discussie op voet van gelijkheid.
Binnen het protestantisme zie je allerlei kerkelijke gemeenschappen en bewegingen de
reformatorische belijdenissen geheel of gedeeltelijk ter discussie stellen of als verouderde
traditie terzijde leggen. Binding aan ‘Drie Formulieren van Eenheid’ wordt als een juk voor
het eigen geweten ervaren. Persoonlijke mening wijkt vrijmoedig af van kerkelijke belijdenis.
Niet wat Gods Woord zegt, maar meer wat ménsen van God of zijn Woord denken of voelen,
staat in het centrum van de godsdienstigheid.
In de erediensten moet de ouderwets geachte one-man-show van evangelieprediking meer en
meer plaats maken voor wat bezoekers van de kerkdienst inbrengen. Leerdiensten van
catechismusprediking moeten wijken voor onderlinge discussies over eigen ideeën.
In de pers kun je een advertentie aantreffen van een vacante kerk om voorziening te krijgen in
de predikantsvacature1. Of wie zich aangesproken voelt maar even wil solliciteren!
Wat die gemeente zoekt is niet een herder en leraar naar de vereisten van de Schrift zoals het
kerkelijk formulier voor de bevestiging van een dienaar van het Woord die doorgeeft voor dit
ambt. Nee, hier wordt gezocht een prediker ‘met warme uitstraling’ (wat is dat? ); en met ‘een
luisterend oor vanuit een persoonlijk geloof’. In zijn ‘voortrekkersrol’ moet hij de gemeente
weten ‘te inspireren’ (waarmee is niet duidelijk, en waartoe evenmin).
Hij moet weten ‘óm te gaan met diversiteit’. Want de kerkelijke gemeente ter plaatse ‘biedt
plaats aan alle binnen de GKv voorkomende gangbare meningen’.
Dat laatste zijn er intussen nog al niet wat: ‘álle binnen de GKv voorkomende gangbare
meningen’. Het is maar wat je ‘gangbaar’ noemt.
In die eindeloze diversiteit zal zo’n sollicitant dus als een soort forumleider of
bruggenbouwer tussen al die meningen moeten functioneren. Hij moet ze dus alle
respecteren, die meningen. En vooral niet komen met het gezag van Gods Woord.
Hier zien we de kerk gepresenteerd als een forum van menselijke meningen.
Eigenlijk zoek je dan geen dienaar van Gods Woord meer, maar eerder een mediator of een
socioloog met kerkelijke achtergrond.
1 Beroepingscommissie GKv IJsselmuiden, in ND van 3 oktober 2009 en diverse kerkelijke periodieken.
(SKO-lezing) - 4 -
De vraag is actueel: wat is eigenlijk de kerk?!
Daar zou heel veel over te zeggen zijn. Maar in dit verband vat ik het samen in dat ene woord:
‘Tempel’.
Wat is een ‘tempel’?
Dat is een gebouw dat gewijd is aan een god. En voor een christen is er maar één God.
De kerk is ‘van de Here’. Komt daar ons woord ‘kerk’ niet vandaan: ‘kuriakon’, van de
‘Kurios’! De gemeente is het ‘huis van de Here’.
Vanuit het Nieuwe Testament van de Schrift hebben wij het dan niet meer over het onroerend
goed van een gebouw dat aan God gewijd is. Zoals de oudtestamentische tempel van Salomo.
Maar dan bedoelen we het ‘roerend goed’ van de levende gemeente. Zoals apostel Paulus de
roerige gemeente van Korinthe voorhoudt: ‘weet u niet dat u Gods tempel bent en dat de
Geest van God in u woont? Zo iemand Gods tempel schendt, God zal hem schenden. Want de
tempel van God en dat bent u , is heilig’ (1 Kor 3,16-17).
Vandaar dat ik als eerste punt ‘de heiligheid van de kerk’ aan de orde stelde.
De kerk, de gemeente is van God. Dat is haar heerlijkheid: Gód woont in haar midden!
Niet via een tastbaar beeld, dat dan ergens in een gebouw moet worden opgesteld om het te
kunnen zien. God woont onder zijn volk met zijn hoorbaar en leesbaar Woord; en met zijn
werkzame Geest, de Geest die werkt via dat Woord.
Wat heeft die mensen van de kerk bij elkaar gebracht? Wat heeft hen tot een huis van de Here
gemaakt, tot een tempel van God?
Gods eigen roepstem. Zijn Woord, dat evangelie van Christus.
Als dat Wóórd ons niet bijeenbrengt, en de Géést ons niet door dit evangelie samenbindt, dan
zou je niet veel meer sámen hebben. In ieder geval niet om samen nog zoiets als kerk te zijn,
tempel van God. Want dan woont Gód niet in je midden. Dan is het ook niet de gezamenlijke
toewijding aan deze God die ons bijeenbrengt; zondags in de erediensten en doordeweeks in
een verdere beoefening van de gemeenschap der heiligen.
Staat die indringende vermaning van apostel Paulus tot die Korinthiers niet juist tegen de
achtergrond van een innerlijke verdeeldheid in die gemeente? ‘Ik ben van Paulus, maar ik ben
van Apollos, en ik van....’[vul maar in]!
Tegenover die tweedracht laat Paulus zien: van Wie is de kerk?Van Wie bent ú, broeders en
zusters?!
In die pijnlijke verdeeldheid wordt omhoog gewezen naar God zelf. En naar zijn Zoon Jezus
Christus, die het fundament van de kerk wordt genoemd.
Bouw je als huis van God op mensenmeningen, dan stort het snel als een kaartenhuis in
elkaar. Bouw je op Christus, dan ben je echt tempel van God.
Dat is dus een eerste om in tijden van kerkelijke nood vanwege verdeeldheid weer helder voor
ogen te houden: wat is de kerk? Tempel van God!
Geen marktplein voor meningen van mensen. Hier betreden we heilige grond. Omdat we
staan voor de Heilige van Israël, de Vader van de christenen, een volk dat eigendom is van de
Kurios: Jezus Christus is Here!
(SKO-lezing) - 5 -
Dat zal dan onze erediensten en heel ons kerkelijk leven dienen te stempelen. En onze
kerkelijke pers. Ja, al ons nadenken over de erediensten, de ambten, het kerkenraadswerk,
gemeenteopbouw, catechetisch onderwijs, pastoraat, evangelisatie, noem maar op.
Dat de Here centraal blijft staan. Dat Hij het voorwerp van verering blijft, en niet ons eigen
gelovig ik, met zijn of haar eigen wankele ideeën en parmantige visies.
Dat betekent ook gehóórzaamheid aan het Woord. Buigen voor het gezag van Gods
openbaring. Zoals Christus zèlf boog en argumenteerde vanuit dat Woord. Van de eerste
openbaring over de schepping in Genesis tot en met de laatste profetieën van Maleachi (om zo
Gods Woord in die tijd, het Oude Testament, maar even aan te duiden).
Gehoorzaamheid aan dat Woord, zoals de Here het ons vandaag geeft met het Nieuwe
Testament er bij: dat Woord van Christus en zijn gezaghebbende apostelen.
Dat Woord bindt de gemeente samen. Of het brengt scheiding als het niet gehoorzaamd wil
worden.
Zoals Paulus datzelfde Korinthe voorhoudt in zijn tweede brief aan deze ‘tempel van God’ in
die Griekse stad: ‘vormt geen ongelijk span met ongelovigen, want welke
gemeenschappelijke grondslag heeft de tempel van God met afgoden? Wij toch zijn de
tempel van de levende God. Gelijk God gesproken heeft: ‘Ik zal onder hen wonen en
wandelen, en Ik zal hun God zijn en zij zullen mijn volk zijn. Dáárom gaat weg uit hun
midden, en scheidt u af, spreekt de Here, en houdt niet vast aan het onreine, en Ik zal u
aannemen, en zal u tot Vader zijn , en u zult Mij tot zonen en dochters zijn, zegt de Here, de
Almachtige’.
‘Scheidt u af van hen’, dat geldt dan in eerste instantie een zich verwijderen van wie IN de
gemeente de boodschap van apostel Paulus tegenspreekt; dat gezaghebbend evangelie van
Jezus Christus, dat God door Paulus aan de Korinthiers toevertrouwde.
Dus de breuk met de tegenstanders van de apostel, de dwaalleraars in de kerk. Die schenden
Gods tempel! Pijnlijk, maar waar!
We horen apostel Paulus Timotheus instrueren over zijn evangeliedienst in Efeze. Paulus doet
dat opdat Timotheus weet ‘hoe men zich behoort te gedragen in het huis van God, dat is de
gemeente van de levende God, een pijler en fundament van de waarheid’. (1 Tim 3:15)
Als Paulus Titus opdrachten verstrekt voor zijn werk op Kreta, zit daar ook een aantal
instructies bij voor de taak van de opzieners, dus voor wie zeg maar tot ouderling wordt
aangesteld. O.a. deze: hij moet zich houden aan het betrouwbare woord naar de leer, zodat hij
ook in staat is te vermanen op grond van de gezonde leer en tegensprekers te weerleggen’(Tit
1:9). Ook dat laat zien: de strijd wordt primair gevoerd op het eigen tempelterrein van Gods
kerk! Toen al, in die beginjaren van Christus’ kerk daar.
Forum of tempel? Het antwoord is duidelijk. God geeft het zelf.
De kerk is heilig. Want HIJ woont in haar midden. Niet mensen maken daar de dienst uit, of
mensenmeningen. Maar God, Zíjn Woord.
Nu zullen we dat ook in onze dagen vast wel voor een groot deel allemaal roerend met elkaar
eens zijn. In ieder geval in theorie. Aan beide kanten van de verdeeldheid die zich voordoet.
(SKO-lezing) - 6 -
Wat is het probleem?
Onze jeugd kan het ons vertellen. En vertelt het ons ook! Maar laten we eerlijk zijn, het
probleem van de jeugd is ook het probleem van veel niet-jeugd van de kerk. Heel wat ouderen
botsen op hetzelfde probleem.
Want jong en oud horen heel wat tegenstrijdige meningen over geloof en kerk. Niet alleen
over liturgie en leefstijl. Ook over welke preek nu goed is of niet goed wordt gevonden. En
hoe je nu tegen andere kerkgemeenschappen moet aankijken. Op de ene plaats gaan de
verschillende kerken samen, tot kanselruil in prediking en gezamenlijke avondmaalsviering.
Bij een zusterkerk verderop is dat niet mogelijk omdat daar die onderlinge
geloofsgemeenschap niet wordt ervaren. Je zult maar verhuizen en daar precies het
omgekeerde meemaken. In dezelfde ‘kerk’, hetzelfde kerkverband!
Synodebesluiten – de een zegt: dat is onschriftuurlijk. De ander reageert: hoe durf je dat te
zeggen! Artikelen in de kerkelijke pers, in die vele organen, – ze vliegen elkaar in de haren,
en niet zuinig ook. En men verwijt elkaar ongehoorzaamheid aan God en zijn Woord.
Wie moet je nu geloven? Wat moet je nu geloven? Ze hebben het allemaal over ‘de Here
dienen’. Aan weerskanten kom je beroep op de Bijbel tegen. Allemaal zeggen ze Gods Woord
te willen gehoorzamen. Maar ze gaan vierkant tegen elkaar in! En noemen elkaar zelfs
kerkscheurders.
Maar dán wordt het moeilijk voor onze jeugd. En niet alleen voor jeugd die door gebrek aan
ervaring nog niet zoveel onderscheidingsvermogen kon ontwikkelen.
Mag ik iets geruststellends zeggen, hoe verdrietig het ook is?
Dit is al een oud probleem. De Here Jezus wees er al op, in zijn bergrede. In dat indringend
slot. ‘Wacht u voor de valse profeten. Die in schapenvacht tot u komen’. In schapenvacht,
dus alsof ze helemaal bij de kudde van de Goede Herder horen. Uiterlijk nauwelijks verschil
te zien.
Máár: ‘Niet een ieder die tot Mij zegt: Here, Here, zal het koninkrijk der hemelen
binnengaan’. Hoe hard men ook geprofeteerd heeft in Jezus’ naam.
Christus kan tot zulke profeten ook zeggen: ‘wegwezen, Ik heb u nooit gekend!’
Trouwens, dat probleem deed zich al veel eerder voor. In het oude Israël. Denk aan het
gelezen gedeelte : Ezech 13.
Dat brengt ons tot dat tweede:
2. een aantal kenmerken van valse profetie
Ook in de tijd van Ezechiël gebeurde het. Dat er profeten opstonden, die druk onder het volk
hun boodschappen rond strooiden met het heilig etiket van: ‘zo zegt de Here’. Terwijl we de
Here horen verklaren via zijn werkelijke profeet Ezechiël: ‘zo luidt mijn Woord helemaal
niet; Ik heb dat niet gezegd; en Ik heb die profeten niet gezonden’.(Vs 6)
Wat de Here van die valse profeten dan zegt, kan ons heel goed helpen in de verwarring van
de kerkelijke situatie waarin we verkeren. Het geeft een aantal aanwijzingen waar je op moet
letten bij de vraag: wie moet ik nu geloven?
Kijk maar eens hoe de Here hier via Ezechiël het bedrog van die valse profeten ontmaskert.
En wat zijn heilige verwijten aan hun adres zijn.
(SKO-lezing) - 7 -
Profeet Ezechiël zit in ballingschap. In Babylonië. Hij hoorde bij het éérste deel van de
Israëlieten die door Nebukadnezar uit Jeruzalem waren weggevoerd. Zo’n 11 jaar later zou de
stad volledig verwoest worden en de hele bevolking afgevoerd.
Met hoofdstuk 13 zitten we in die tussentijd, ná die eerste deportatie en vòòrdat Jeruzalem
definitief verwoest wordt.
Wat zien we? Onder Gods volk waren nogal wat optimisten die meenden dat het allemaal nog
wel goed zou komen met tempelstad Jeruzalem. Zowel in het thuisland Juda, als in het gebied
van de ballingen rond profeet Ezechiël. Optimisten die geen oog hadden voor wat Israël de
Here had aangedaan met zijn ergerlijke zonden. Zonden en afgoderij waarmee het volk maar
bleef doorgaan, zelfs in het hárt van Jeruzalem. Het was echt brutaliteit ten top. Hfst 8 e.v.
schetst een heidense afgodendienst zelfs op de heilige vloer van Gods tempelhuis. Een
gruwel, zo wordt het daar genoemd.
De Here liet zijn volk niet ongewaarschuwd. Die in ballingschap niet. Maar ook de inwoners
van Jeruzalem op Israëls bodem niet.
En dan komt het probleem. God wil zijn volk barmhartig vertellen wat het van Hem
verwachten kan. Welk heil, maar ook welk ónheil door Hem vastbesloten is. Hij laat zijn volk
in heel die deplorabele toestand niet verlegen en verloren zitten met onzekerheid over de
toekomst. Hij laat zijn volk ook niet met válse verwachtingen zitten. Helder geeft Hij aan wat
er met hen gaat gebeuren, daar in Babylonië; maar ook wat er met Jeruzalem gaat gebeuren.
Welke straffen er nog voltrokken zullen worden. En wanneer ongeveer. Ook dat Jeruzalem er
echt ààn zal gaan.
Hij laat ze tegelijk weten welk heil ze kunnen verwachten, en wanneer ze ongeveer dat heil
kunnen verwachten.
De Here doet dat door ZIJN profeten. Jeremia is zo’n profeet. Die heeft God dezelfde tijd in
Jeruzalem gepost. En Ezechiël is zo’n boodschapper van de Here onder de ballingen in het
verre Babylonië.
Wat doet zich nu voor?
Die genadige openbaring van de Here aan zijn volk wordt doorkruist door profeten die ook
met een boodschap komen. Zij beweren dat ze door de Here zelf zijn gezonden. Ze komen
zogenaamd ook met een boodschap van God.
En dan heb je de verwarring. Want wie moeten de Israëlieten nu geloven?!
Tja, dat is niet zo een-twee-drie te zeggen. Want ook die profeten kunnen zulke gelovige
mensen zijn. En heel vroom overkomen. Denk aan die schapenvacht om de wolf!
Moet u zich eens voorstellen! Heb je daar predikers onder Gods kerkvolk, zeg maar met de
Bijbel in de hand, onder het motto: ‘zo luidt het Woord van de Here’. En het is helemaal niet
een woord van de Here! Dat is wat, dat je zelfs onder de kansels binnen Gods eigen volk niet
veilig bent!
Ezechiël moest zulke stoorzenders onder Gods volk de wacht aanzeggen. De Here stuurt zijn
echte knecht er op af: ‘profeteer, mensenkind, ga profeteren tegen de profeterende profeten
van Israël!’
Wat zegt God zelf nu van zulke valse profeten?
In de eerste plaats dit: ’ze profeteren naar eigen inzicht’ .
(SKO-lezing) - 8 -
Met andere woorden: ‘dat hebben ze niet van Mij, de Here. Dat halen ze uit hun eigen geest’.
Hoor maar wat de Here Ezechiël over die nep-profeten laat uitroepen: ‘wee de dwaze
profeten, die hun eigen geest volgen, zonder iets geschouwd te hebben’ (vs 3). Ze hebben
helemáál geen openbaring van de Here ontvangen. Ze verzinnen het uit hun eigen geest. Wij
zouden vandaag zeggen: ze halen het uit hun eigen dikke duim.
De Here zegt ook ronduit wat Hij van de inhoud van hun gepreek vindt. Het is leugen en
bedrog! Vs. 6 e.v.: ‘bedrieglijke dingen en leugenachtige waarzeggerij’.
‘Waarzeggerij’- dat is dus voorspellingen over de toekomst zoals zij zelf zich die indenken.
Want ze weten helemaal niet wat er in de toekomst gaat gebeuren.
Vandaar dat ‘bedrieglijk’ en ‘leugenachtig’. ’t Is gewoon niet waar.
De Here drijft ook de spot met hen (vs 6): ‘en dan wachten ze zelf ook nog op de vervulling
van hun eigen woord!’. Alsof dat echt zal uitkomen! Wat een inbeelding, om te denken dat
die zelfgedachte toekomstvoorspellingen ook nog echt zullen uitkomen!
De Here blaast hun kerkelijke prognoses omver. Al die zelfverzonnen oplossingen waardoor
de kerk gered zou worden. Die mooie dingen die worden voorgespiegeld als de schone
toekomst.
Ja, een van de typerende trekken van de valse profetie is ook, - een volgend punt dus! - dat ze
het mooier voorstellen dan het in werkelijkheid is . Want – en dat is integraal, dat zie je in heel
de Schrift bij valse profeten - je hoort ze meestal helemaal niet over zonde, en over bekering
van kwaad dat men doet.. Laat staan over Gods niet te ontlopen straf op de zonde als men zich
niet bekeren wil. Nee, helemáál niet, de hoorders worden gepaaid met opgeleukte verhalen.
Met de zonde wordt een vriendelijk compromis gesloten.
Vs.10: ‘zij hebben mijn volk doen dwalen’.
Hoe hebben die valse profeten Gods volk misleid, op een dwaalspoor gebracht? Door te
roepen: vrede!, zónder dat er vrede is.
Kent u het? Herkent u het?
“Mensen, er is niets aan de hand. Ga gerust je gang. Maak je maar niet druk. Het komt
allemaal wel goed. We hebben het toch goed.”
Jarenlang is er vanuit de GKV gewezen op de brede koersverandering in de kerken. Ik hoef u
hier niet op al die stemmen te wijzen. Ze blijven opklinken tot op de dag van vandaag.
Bezwaren die breed geargumenteerd zijn aangedragen, in kerkelijke pers van periodiek tot
internetmagazines.
Ik zal de laatste zijn die durft beweren dat daar geen zwakheid aan kleefde. En dat opponenten
altijd recht gedaan is. Maar ook als zwakheid kleefde aan gegronde bezwaren, mag je de
bezwaren niet afdoen als onruststokerij, zoals keer op keer gedaan is en gedaan wordt in de
kerkelijke pers en door kerkleiding. Het deed in februari van dit jaar dr. M.J. Arntzen naar de
pen grijpen in een ingezonden in het ND. Dat de kop kreeg: ‘niet verontrusten maar
vernieuwers stoken onrust’ 2.
De geschiedenis van Gods volk laat keer op keer zien hoe mensen die het voor Gods Woord
opnamen en voor de gehóórzaamheid aan dat Woord, door ‘valse profeten’ werden
weggehoond.
2 ND 10 februari 2009
(SKO-lezing) - 9 -
En dát kan de Here niet hebben! Dat ze zijn bedreigd volk met valse profetie in slaap sussen.
Gewoon voor de gek houden. Geen zónde zien en geen straf verwachten. En zo dat volk met
geruststellingen rechtstreeks naar het oordeel van God leiden dat al voor de deur kan staan.
In hfst 12:24 van Ezechiël werd de valse profetie gekarakteriseerd als ‘verleidelijke
waarzeggerij’.
Dat is het: het klinkt zo verleidelijk. Daar wordt een woord gebruikt dat met ‘glad’ en
‘glibberig’ te maken heeft. Het glijdt er zo lekker in, bij je hoorders. Denk aan de uitdrukking:
‘gladde lippen’. Het wordt zo mooi voorgespiegeld: ‘het gaat toch goed zo. Het is toch mooi
zo’.
Dat wil er vaak wel in: geen onrust, geen gezeur in de kerk, laat ons met rust.
Een lekkere boodschap, niet zo zwaar; een leuke kerkdienst, die je aanspreekt. Een vrolijk
leven in de kerk, waar je niet zo moeilijk doet. Waar je het ook niet zo nauw hoeft te nemen.
Het is niet vreemd dat valse profetie er zo vlot in glijdt. Dat is eigenlijk logisch! Want die
profetie komt uit eigen hart, is naar eigen inzicht, naar de wensen van het menselijk ik.
Daarom sluit het ook aan bij de wensen van de hoorders. Komt het zo aangenaam over.
Je kunt mensen tegenkomen die een kerk zoeken, of kerkleden die de kerk willen veranderen
met als reden: “ja, dat sluit beter bij mij aan; daar voel ik me gewoon lekker bij. Dat past bij
mijn eigen denk- en gevoelswereld. Daar kan ik mijn leefgewoontes bij voortzetten”.
Wat kan zo’n eeuwenoud profetenwoord - dat echt van God komt - ons vandaag nog wakker
schudden. Laten we onze jeugd maar niet paaien met een lekker geloof of een opgeleukte
eredienst. Laten we elkaar en onze jeugd maar naar het Woord van God toe leiden. Naar de
God van dit Woord! Dáárbij zijn we met z’n allen pas echt veilig. Bij wat God zelf ons
openbaart en wat Híj laat profeteren. Daar ligt ook onze toekomst!
Vergelijk dat eens met de funeste gevolgen van valse profetie.
Dat brengt ons bij weer een ander kenmerk van deze profetie, dat ik nadrukkelijk vanavond u
wil noemen.
De Here verwijt die valse profeten, dat ze zijn volk weerloos maken .
Hoor Hem daar tegen uitvaren. Vs. 4. ‘Uw profeten zijn als vossen in bouwvallen’.
Wat moeten we ons daarbij voorstellen? Nou, wat doen vossen? Ze graven holen in de grond.
De NBV heeft het over jakhalzen. Die zijn van hetzelfde soort.
Verder heeft de Here het over bouwvallen, waar die vossen zich genesteld hebben. Een vos
zoekt het natuurlijk niet in bewoonde huizen, maar bij voorkeur bij verlaten puinresten. Je zou
kunnen zeggen: die ruines ondergraven ze nog verder met hun holen; ze ondermijnen nog
meer de gammele toestand; zodat alles nog verder instort. Dat is het werk van vossen.
Zet dat beeld eens naast het verval in Israël. Dat er geestelijk een puinhoop van gemaakt
heeft.
Wat doen valse profeten in zo’n situatie? Ze maken de puinzooi nog erger. In plaats van de
zaak weer óp te bouwen ondermíjnen ze die en breken ze de zaak nog verder áf. Met hun
valse profetie. Met hun bedrieglijke oplossingen en voorspellingen. Waardoor Israël nog
verder van huis raakt! Nog dieper in de misère vervalt.
(SKO-lezing) - 10 -
Wat hadden die profeten behóren te doen, als ze tenminste echt zich profeten van de Here
hadden betoond? ‘ Jullie zijn niet op de bressen gaan s taan, en jullie hebben geen muur
opgetrokken om het huis van Israël. Hadden jullie dat gedaan, dan had het volk op de dag van
de Here kunnen standhouden in de strijd’ (vs5)!
Ook daaraan kun je de verkeerde profeten herkennen!Ze maken Gods volk weerloos. In plaats
van het de woorden van zijn God voor te houden, het recht van zijn wil, zadelen ze het op met
hun éigen ideeën. Waardoor het volk goedgelovig gemaakt wordt. Op een gegeven moment
geloven ze dan alles en iedereen. Dat maakt hen geestelijk zo weerloos.
Maar wat doen Gods eigen profeten? Die zie je op de bréssen staan.
Bressen, dat zijn toch die dikke gaten in de muur die de vijand heeft geslagen om binnen te
dringen?! Denk aan de muur om een stad, die de bevolking moest beschermen tegen
aanvallen van buitenaf. Als je omsingeld werd, dan zat je nog aardig veilig achter de muur.
Maar o wee als er een bres in geslagen wordt, nou, dan kunnen de vijanden zo vrij naar
binnenstormen en daar hun moordend werk doen. Dat was altijd het grote gevaar dat de stad
bedreigde als ze werd omsingeld.
Dat is ook het gevaar voor de kerk. Geestelijk. Wat een bressen worden er onder Gods volk
geslagen door ontrouw aan de Here, door ongehoorzaam gedrag; door toe te geven aan de
zonde; door compromissen te sluiten die de zonde een legitieme plek geeft onder Gods volk. .
Ja, en een válse profeet laat dat open. Maakt zich niet zo druk om zonden onder Gods volk.
Een échte profeet zou in de bres gaan staan, om verder indringen van de vijand tegen te
houden, en zo het volk te beschermen!
Gehóórzame profeten trekken - met het doorgeven van Gods Woord - een beschermende
múúr om Gods volk. Zij zijn levende instrumenten in handen van de Here die op die manier
zijn goddelijke armen beschermend om zijn volk wil slaan.
Zo wordt het volk ook gevórmd en wéérbaar gemaakt. Weerbaar tegen valse profetie, tegen
die aanvallen van buitenaf . Dát leert Israël zijn rug recht te houden tegen het kwaad.
Maar wordt dat góedgepraat en tóegelaten, dan vernielt dat het volk, geestelijk, maar
uiteindelijk ook lichamelijk.
Al zo’n 25 jaar heb ik in ons kerkelijk leven de klacht horen uiten dat zelfs kerkenraadsleden -
vóórgangers dus van Gods gemeente - geestelijk soms zo weinig onderlegd zijn. Zo weinig
onderscheidingsvermogen hebben over zaken van leer en leven in de kerk. Die klacht is de
laatste jaren onrustbarend toegenomen. Dat zegt natuurlijk ook wel wat van de volwassen
geméénteleden waaruit de ambtdragers aangesteld worden!
Is het dan een wonder dat de kerkelijke verwarring steeds harder toeslaat. En dat op kerkelijke
vergaderingen, tot op synodes toe, allerlei zaken ineens niet meer op bezwaar stuiten. Zaken
van leer of leven of kerkrecht, die éérder - met beroep op Gods Woord en ook de confessiemet
kracht en overtuiging werden áfgewezen, maar nu ineens geen punt meer zijn of stap voor
stap worden tóegelaten
U zou dat eens moeten nagaan en zo allerlei synodebesluiten en nieuw kerkenraadsbeleid
moeten toetsen op het punt van: wat hebben ze nu gedaan? Maken die besluiten het kerkvolk
wéérbaar? Door profetisch kwade leer en kwade praktijken tegen te gaan?
(SKO-lezing) - 11 -
Of maken die besluiten het kerkvolk juist kwetsbaar en weerloos? Omdat ze doorgang
verlenen aan dwaling en zonde; of dat ze dat maar laten aansudderen?
Valse profetie en gebrek aan weerbaarheid gaan hand in hand. Als we in de kerk elkaar niet
meer houden aan de norm van Gods Woord, dan maken we elkaar weerloos tegen de
vernielende kracht van de zonde. En halen we Gods straf over ons heen.
Als wij samenwonen maar goed vinden, hetero of homo, dat maakt niet uit; als wij allerlei
zonde goedpraten, kritiek op Gods Woord rustig toelaten, en geen kerkelijke tucht waar nodig
meer toepassen, dan duw je elkaar in het moeras. Als wij elkaar in de kerk of ook in contact
met andere kerken of christengroeperingen elkaar niet meer binden aan de profetie van Gods
eigen Woord, dan maken we van Gods kerkhuis een bouwval. Dan zijn we bezig als vossen
die de zaak ondermijnen. En we leveren onszelf en de ander uit aan allerlei dwaling en zonde.
Dan kun je driftig nog wel muurtjes willen bouwen. Je kunt je zaakje op je eigen manier nog
willen redden. Zoals die valse profeten. Maar moet je eens zien hoe ze dat doen! Een uiterst
gammel wandje bepleisteren ze met fraaie witkalk. Een prachtig ogende stukadoorwand. Het
lijkt heel wat. Het kon wel een stevige muur zijn. Om je echt happy bij te voelen.
Totdat, totdat de Here er even tegen aan duwt. Met zijn regenbui en stormkracht. En er niets
van over blijft. Alles wat je aan zekerheid dacht opgebouwd te hebben, wat je met je fraaie
redeneringen verantwoord had en gerechtvaardigd dacht te hebben, stort als een plumpudding
in elkaar. De naakte werkelijkheid komt in de puinhopen tevoorschijn. En de stad van je leven
valt. En zelf kom je er in om (vs.14).
Als de kerk de kerkelijke tucht niet meer wil bedienen uit liefde en ontzag voor de Heilige die
in haar midden woont, dan zal de Here dat zelf wel doen. Kijk maar hoe Hij in Ezech 13 de
ondergang van de valse profeten aankondigt. Israël hoort in z’n midden Gods oordeel
aangezegd tegen die dwaallichten van het volk. Vs. 3: ‘wee de dwaze profeten die hun eigen
geest volgen’.Vs. 8,9: ‘Daarom, zo zegt de Here, Ik zal u! Mijn hand zal tegen u zijn.
Hoogstpersoonlijk pakt de Here zelf ze aan, als met zijn hand.
Hij doet ze zeg maar in de ban. Ze worden geëxcommuniceerd; uitgesloten uit de gemeente.
Kerkelijke tucht rechtstreeks door God zelf, waar het volk het liet afweten. Vs. 9: ‘tot de kring
van mijn volk zullen ze niet meer behoren. In het boek van het huis van Israël zullen ze niet
meer ingeschreven worden’.
Toen Ezechiël namens de Here de ondergang van stad Jeruzalem profeteerde lachten ze hem
uit als een dikke pessimist en een sombere zwartkijker. En zij maakten Israël wijs dat het
allemaal wel zou loslopen. ‘Vrede, vrede’ en niks geen gevaar’.
God liet weten: de stad zal vallen, en gij zult daarin omkomen (vs.14). Zo zal Ik mijn
grimmigheid uitstorten over die gammele muur van jullie en over hen die hem met kalk
bepleisteren.
‘ Ik zal tot u zeggen: wèg is de muur en wèg zijn zij die hem bekalkten: de profeten van Israël
die tot Jeruzalem profeteerden, en maar vrede voorspelden zonder dat er vrede is.’
Prof. K. Schilder schreef in de jaren kort na de Vrijmaking een brochure onder de titel ‘Looze
Kalk’. Een titel ontleend aan Ezech 13. En hij ontmaskerde daarmee de zedelijke crisis in de
toenmalige Gereformeerde Kerken. Ook de vele valse profetie die met leugen en
(SKO-lezing) - 12 -
verdachtmakingen de waarheid ten onder hield en de zonde van scheurmakerij probeerde te
rechtvaardigen.
Wat is er van dié kerken geworden die zich door zulke valse profetie hebben laten leiden?
We zijn nu drie generaties verder. De puinhopen getuigen van de uitkomst van Gods
waarschuwingen.
Is het moeilijk om valse profetie te ontmaskeren? ? Let op wat onze Heiland onderwees: aan
de vruchten ken je de boom.
We zijn vandaag een gewaarschuwd kerkvolk. Wie struisvogelpolitiek bedrijft in de kerk,
staat mede schuldig aan het verval.
Ook al doet het pijn dat je elkaar die waarschuwing moet doorgeven, we zijn het aan onze
God en Here verplicht. Hij woont onder ons, Zíjn tempel zijn wij.
En we zijn het aan de bróederschap verplicht. Of die het in dank aanneemt of niet, dat is háár
verantwoording.
Ik kom tot m’n laatste punt:
3. De vraag: meegaan of reformeren? Blijven of heengaan?
Wat staat ons te doen als je verval in de kerk ziet?
Het eerste is uiteraard: waarschuwen. Een appel op de broederschap doen. Maak je bezwaren
kenbaar. In het gereformeerd kerkrecht hebben we daar regels voor. Een kerkelijke weg.
Van kerkenraad tot desnoods generale synode.
Tegelijk dienen we op dat punt ook nuchter te zijn. Als anderen dat al meerdere malen
gedaan hebben, hoeft niet ieder gemeentelid dat persoonlijk nog weer eens over te doen. Dat
kán ook niet ieder gemeentelid.
Wat als die kerkelijke weg ten einde toe is bewandeld? Niet maar op één punt, maar op vele
punten?
Hoe lang moet je doorgaan met dat waarschuwen als de kerk en het kerkverband maar
doorgaat op de verkeerde weg?
Die vraag wordt regelmatig gesteld. Velen worstelen er mee, als ze constateren hoe het verval
in de GKV zich hardnekkig voortzet.
Als we de Here liefhebben, is ons ook de kerk lief. En wie de kerk van Christus liefheeft, wil
de broederschap tot het uiterste vasthouden.
Hoe lang kán dat, móet dat, mág dat?
Hoe verworden moet een situatie zijn dat je kunt stellen: nu ben ik geroepen om ‘uit haar te
gaan’ (2 Kor 6).
Je komt wel de gedachte tegen dat zolang de papieren van de kerk dezelfde zijn gebleven, je
die kerk niet kunt verlaten.
De les van de kerkgeschiedenis kan ons leren. Ook kerkgemeenschappen om ons heen.
Kerkelijke papieren kunnen wel hetzelfde gebleven zijn. Maar wat als dat alleen op papier is?
En in de praktijk worden die papieren, wordt Gods Woord, verloochend? En de kerk wil daar
niet op aangesproken worden, ze wuift alle bezwaren weg?
(SKO-lezing) - 13 -
Dan moet je constateren: de kerk houdt zich niet aan haar papieren. Ze laat valse profetie
evenveel ruimte als Gods Woord, of zelfs meer ruimte.
Overigens: de papieren van de kerk zijn niet alleen haar verklaring dat ze Gods Woord en de
gereformeerde belijdenisgeschriften in haar vaandel heeft staan. Tot de kerkelijke papieren
kun je bijvoorbeeld ook rekenen synodeuitspraken over leer en leven. Als die op gespannen
voet staan met dat vaandel, dan is de kerk onbetrouwbaar geworden en onwaarachtig.
Een criterium dat regelmatig wordt gesteld is ook wel dat je moet doorgaan net zo lang totdat
je er uitgezet wordt. Dus net zo lang totdat de ontrouwe kerk jou geen plaats meer biedt. Of
ook wanneer de kerk jou dingen oplegt die je zouden dwingen tot zondigen. In leer of leven.
De vraag doet zich echter voor of de bijbelse grondregel van ‘God meer gehoorzamen dan
mensen’, pas dan in werking treedt.
Als een kerk de dwaling in haar midden verdraagt en zich daar niet van laat weerhouden - het
bederf dus in de evangelieprediking, dat 1e kenmerk van de kerk.
Of als ze de zonde niet bestraft en de zondaar maar laat voortgaan, tot aan de tafel van de
Here – dus de kerkelijke tucht niet zuiver bedient, ook door de tucht na te laten, dat 3e
kenmerk van de kerk
En je wordt zelf ongemoeid gelaten met je bezwaren tegen dat alles.
Wat dan? Geldt dan niet een gegeven moment dat onderwijs van apostel Paulus: ‘gaat uit van
haar!’? Als een kerk zich zo verwijdert van haar Here en zijn Woord, dan kun je daar toch niet
in meegaan?
Want met al je bezwaren en protesten word je dan onvermijdelijk mede-verantwoordelijk.
Alleen al doordat je in de kring blijft van hen die deze verkeerde weg verkiezen.
Psalm 1 is daar duidelijk over.
Als de meerderheid het kwaad verkiest, of partij kiest voor de kwaden, mogen wij niet volgen.
Hoe hard we ook zouden blijven protesteren, dat protest ontslaat ons niet van de plicht te
breken met zo’n gemeenschap. Ook dat is een zaak van: God meer gehoorzamen dan mensen.
Een kerk kan zo tolerant worden dat ze iedereen een plaatsje gunt in haar midden, ongeacht
wat je gelooft of doet. Ook voor wie trouw blijft profeteren met ‘zo zegt de Here’. Zelfs dat
zou ze nog lang kunnen verdragen in haar midden. Hoeveel ergernis haar dat ook kan geven.
Overigens zie je die tolerantie in de GKv snel afnemen. Als je ziet hoe lief en dierbaar men
kan zijn voor mensen die met ideeën komen die vreemd aan de gereformeerde belijdenis zijn;
en die zelfs durft te benoemen aan de TU.
En als je anderzijds ziet hoe men bezwaarde kerkleden die voor het alleen-recht van de
gereformeerde belijdenis opkomen, de grond in boort.
Je ziet dat sluipenderwijs gebeuren in het blad Nader Bekeken dat tot voor enkele jaren het
vertrouwen genoot van velen die wilden blijven staan voor de gereformeerde belijdenis.
In De Reformatie is dat al veel langer aan de gang. Het jongste artikel in de Reformatie (31
oktober 2009) van prof. De Bruijne is daar helemaal een schoolvoorbeeld van. Dat eindigt
ook niet voor niets met de suggestie om de kerkelijke tucht maar in werking te zetten tegen de
(SKO-lezing) - 14 -
bezwaarden die de kerk en de kerkleden wijzen op hun verantwoordelijkheid. Die volgens
hèm de boosdoeners zijn die ‘verdeeldheid zaaien’.
Ook de valse profetie kent haar kerkelijke censuur!
In zijn eigen gemeente, Kampen-Noord, hebben we dat zelf al meegemaakt. Mede door zijn
toedoen.
De situatie in de kerken wordt al duidelijker. Maar ook snel nijpender.
Wat te doen als je zondag aan zondag onder prediking zit die de Schrift tekort doet,
verwaarloost of zelfs tegenspreekt en de gemeente op een dwaalspoor leidt?
Als je verhalen moet ondergaan die je opzadelen met twijfel of het allemaal wel echt gebeurd
zou zijn zoals in de Bijbel staat: de schepping in Genesis; dat verhaal van Noach en de ark
met die zondvloed; die geschiedenis van David en Goliath. En of Jona wel historisch is.
We zien het binnen de kerken ter discussie gesteld. Het is allemaal de laatste jaren indringend
onder de aandacht gebracht. Het laatst weer rond de benoeming van Paas aan de TU.
Maar alle bezwaren zijn voor dovemansoren gesproken. Net als de bezwaren tegen o.m. het
pleidooi voor de vrouw in het ambt bij een der docenten van de TU. De kerkelijke leiding is er
niet aanspreekbaar voor. Van TU tot synode. En de vrouw in het ambt is al volop bezig er aan
te komen. In theorie en praktijk.
Wat moet je doen als je zondags regelmatig erediensten meemaakt waarin de eer voor de Here
voor de voeten gelopen wordt en je je voor God en mensen schaamt vanwege het gebrek aan
eerbied? Als het onhoudbaar wordt in kerkdiensten door prietpraat van de kansel, showgedoe,
marsen die worden uitgedeeld als beeld bij de preek. Als de jeugd wordt gelokt op
dezelfde manier als de discotenten het doen: met een bandje waarvan de muziek hen
aanspreekt?
En wat moet je doen als een predikant uit het kerkverband voorgaat die de week daarvoor in
de PKN heeft gepreekt; of even zo vrolijk in een dienst van een Vrije Evangelische Gemeente
is voorgegaan bij een huwelijksbevestiging. Dat mag dan met goedkeuring van de hoogleraar
kerkrecht van je eigen Theologische Universiteit gebeurd zijn, je blijft het onbestaanbaar
vinden. Ook onverdraaglijk.
Of er gaat een predikant voor die zeer regelmatig in de NGK voorgaat. Of de predikant uit de
NGK gaat in jouw plaatselijke gemeente voor. En de synode maar zeggen dat het nóg niet de
tijd is voor een samengaan met dat kerkverband omdat er eerst toch nog wel een aantal zaken
besproken moeten worden. Terwijl ze tegelijk goedkeurt dat verschillende fusies worden
voortgezet en andere niet worden tegengehouden.
Het is toch niet verwonderlijk dat zulke dubbelzinnige besluiten onwaarachtig overkomen?
En binnen zowel als buiten de GKv niet begrepen worden!
Of wat te doen als het avondmaal is, en je komt daar te zitten naast een lid van de PKN aan de
tafel des Heren, of van een baptistische gemeente die niet achter de kinderdoop staat; of ook
wel een rooms-katholiek; zoals allemaal voorkomt in de GKv? En meer dan eens!
(SKO-lezing) - 15 -
Het laatste synodebesluit over gasten aan het avondmaal kan tot verdediging daarvan vrijelijk
gebruikt worden en wordt ook zo gebruikt. Men hoeft immers de zogenaamde instemming
met de gereformeerde leer alleen maar te betuigen door simpel de 12 artikelen van het geloof
te beamen?
En wat moet je doen als je aan de tafel van de Here komt te zitten naast een stel dat
samenwoont, of het nu een homo-stel is of een hetero-stel , mensen die publiek in zonde
leven? Het laatste synodebesluit daarover laat de kerken ook daarin weer vrij!
Is het dan je roeping om in zo’n kerk te blijven?
Zou het zo’n situatie ook een verantwoorde uitkomst zijn om dan maar, binnenkerkelijk, te
shoppen bij een zusterkerk in de buurt waar je nog Woordgetrouwe prediking vindt en een
eredienst met eerbied voor de Here?
Laten we eerlijk zijn: dan breek je in feite dus al met je plaatselijke kerk. Zo’n vlucht kan
misschien een tijdelijke noodmaatregel zijn, maar niet een definitieve oplossing.
Wat als je eigen kerkenraad nog in het goede spoor wil gaan, maar niet de vrijmoedigheid
heeft (en het niet als roeping ziet) om te breken met het kerkverband? Het kerkverband dat het
goede spoor verlaten heeft en met volharding kiest voor een verkeerde weg?
Is de vraag dan niet gewettigd of die kerkenraad, en gemeente, wel mag blijven in zo’n
kerkverband? En mag je zèlf wel blijven in een kerk die kiest voor een kerkverband waar
zoveel muren worden afgebroken en de poort wordt opengezet voor Woordverlating en
zonde?
Er komt een moment dat je moet constateren: de kerk luistert niet meer naar de
waarschuwingen.
Dan lijkt het mij zaak dat je, in dat hoge ambt van gelovige, je losmaakt van de brede weg, en
van hen die je daarop willen meetrekken. Zo’n daad is ook een vorm van ware profetie. En dat
je teruggaat naar de smalle weg.
En kerkelijke gemeenschap zoekt met allen die op die smalle weg achter de Here aan willen
gaan.
Om te voorkomen dat je zelf - en je eventuele kinderen - meebouwt aan een kerkhuis op
zandgrond.
De tempel van God kent een ander fundament: de rots Christus.
Ik dank u.

Laatst aangepast op zaterdag 18 mei 2013 11:19  

Nieuws

Boekaankondiging Gelukkig geen mythe - ds. Rob Visser

Boekaankondiging Gelukkig geen mythe - ds. Rob Visser

Als alles goed is zal half september het boek over Genesis 1-11 beschikbaar zijn. De titel is; Gelukkig geen mythe. In dit boek wordt Genesis 1-11 vers voor vers besproken. Deze hoofdstukken zijn... [More...]

Ds. E. Heres - Lucy of Adam

Een andere 'hermeneutische lens' De aanvallen op het scheppingsgeloof dat gebaseerd is op het geopenbaarde Woord van God worden steeds heftiger.  Het boek dat in deze maanden veel aandacht krijgt... [More...]

De ICRC schorst de GKv als lid

De ICRC schorst de GKv als lid

De ICRC (International Conference of Reformed Churches) te Jordan (Ontaria, Canada) heeft vandaag, 17 juli 2017, besloten om de GKv (Gereformeerde kerken vrijgemaakt) als lid te schorsen... [More...]

Di. Alko Driest, Jan Haveman, Pieter Schelling en Aryjan Hendriks...

UPDATE 20-07-2017 Emeritus ds. Alko Driest en ds. Jan Haveman mailden op 13 juli een brief naar alle kerkenraden in Noord-Nederland met de vraag om in ieder geval tot de eerstkomende Generale... [More...]

Referaat ds. H.G. Gunnink d.d. 12 juli 2017

Voorlichting, bijeenkomst Bedum (Maranathakerk, Grotestraat) De bijgevoegde presentatie is zakelijk van opzet. Daarom is het belangrijk om geen moment te vergeten, dat het gaat over voluit... [More...]

Boekbespreking 'HIJ en wij' - van ds. E. Hoogendoorn

In Weerklank - een gereformeerd maandblad uit de GKN - jaargang 5 nr. 3 schreef ds. E. Hoogendoorn onderstaande boekbespreking van 'HIJ en wij' met de ondertitel ‘Oriëntatie in de actuele situatie... [More...]

Onze ervaring tot hermeneutische sleutels geworden - boekbesprekingen...

Update 14/12: Dr. Hans Burger mailde mij dat in onderstaand artikel de weergave van zijn positie zoals hij die in Cruciaal verwoordt, onjuist is. Ik kom daar nog op terug. CGK Prof.dr. H.J.... [More...]

Enquete

Predikanten, ouderlingen en diakenen zijn in belijdende gereformeerde kerken gebonden aan
 

Nieuwsbrief

Naam:

E-mail:

Gereformeerd?

Grondlijnen in de liturgie (Ds.dr. R.D. Anderson)

Op zijn weblog anderson.modelcrafts.eu vonden we een artikel (laatste wijziging 12 september 2012) van ds. Andersen (FRCA) over de grondlijnen van de liturgie. Enkele citaten: Als inleiding wil ik... [More...]

De GKN zetten het gesprek voort met DGK over functioneren fundament...

De GKN hebben op de Generale Synode d.d. 18 maart 2017 besloten om het oriënterende gesprek met DGK voort te zetten. Nu samen met afgevaardigden van DGK op 17 februari jl. is vastgesteld dat alleen... [More...]

Blijdschap over positief gesprek DGK en GKN 17 februari

Positief gesprek geeft openingen!Op 17 februari 2017 hebben afgevaardigden van DGK (De Gereformeerde Kerken) en GKN (Gereformeerde Kerken Nederland) de tot nu toe gevoerde briefwisseling besproken en... [More...]

Betekenis van het besluit van de GKN over het spreken met de DGK -...

Ik wil graag reageren op wat broeder Trip over dit besluit heeft geschreven. Om zo onnodige obstakels en misverstanden die een eigen leven gaan leiden weg te nemen.   Ook om te laten zien dat de... [More...]

GKN willen uitgestoken hand DGK opnieuw onderzoeken

Een zeer teleurstellend bericht bereikte ons zaterdagavond via de nieuwsbrief van eeninwaarheid.info. De Synode van de GKN heeft besloten om de brief van de GKN aan DGK d.d. 12 maart 2016 toe te... [More...]

De zekerheid van het geloof vs Westminster studie deputaten BBK DGK

In 2014 hebben deputaten BBK (Betrekkingen Buitenlandse Kerken) opdracht gekregen van De Gereformeerde Kerken (DGK) i.c. van de Generale Synode Hasselt 2010-2011 om grondig studie te verrichten... [More...]

Presbyterianisme en de toegang tot het Heilig Avondmaal versus Westminster meerderheidsrapport BBK DGK

Presbyterianisme en de toegang tot het Heilig Avondmaal versus...

. Ds. Bredenhof - sinds maanden een pastor van de FRCA, Tasmania, Australia - is nog steeds bezig om zich in te werken in de Australische context. Onlangs las hij een autobiografie van J. Graham... [More...]

Ketter!

Ketter!

Dr. Wes Bredenhof, predikant van de Australische Gereformeerde Kerken (Launceston, Tasmania), is meer dan eens voor ketter uitgemaakt! Nee, niet door Rooms Katholieken of Moslims, maar... [More...]

De Westminster is een voluit gereformeerd belijdenisgeschrift - deel 2 (1944-1990)

De Westminster is een voluit gereformeerd belijdenisgeschrift - deel...

Versie -16/11: Toegevoegd: deputatenrapport 1967 beoordeling Westminster Confessie door ds. P. van Gurp en ds. C. Stam. PS: Ik heb wel alle Reformatie jaargangen, maar niet het blad Dienst 1957 nr.... [More...]

De Westminster is een voluit gereformeerd belijdenisgeschrift - deel 1 (1834-1944)

De Westminster is een voluit gereformeerd belijdenisgeschrift - deel...

Professor P. Biesterveld die al op 31 jarige leeftijd hoogleraar werd aan de Theologische School in Kampen (1894) en vanaf 1902 aan de Vrije Universiteit te Amsterdam heeft uitvoerig de... [More...]