Werken aan eenheid

van gereformeerde - 3FvE of WS - kerken en groepen in Nederland e.o.

  • Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte
Home GS GKv Ede '14 Buitenlandse vermaningen Nader Bekeken: kritisch over vermaanbrief Australie en dubieus over de nieuwe hermeneutiek

Nader Bekeken: kritisch over vermaanbrief Australie en dubieus over de nieuwe hermeneutiek

E-mailadres Afdrukken PDF
Gebruikerswaardering: / 1
LaagsteHoogste 

Ds. J.W. van der Jagt in Nader Bekeken teleurgesteld over de eerste vermaanbrief aan de GKv
De Australische zusterkerken van de GKv hebben een vermaanbrief met zeven zorgen verzonden aan de Generale Synode van de GKv die in 2014 bijeenkomt in Ede. Ds. J.W. van der Jagt besteedt er aandacht aan in het juli/augustus nummer van Nader Bekeken (bron:eeninwaarheid.info 'Mening over Vermaning 2'). Hij vindt het belangrijk dat er goed geluisterd wordt naar het vermaan en geeft in het artikel een indruk van de zorgen.

De voornaamste zorg betreft dus het gezag, de duidelijkheid en volkomen­heid van Gods Woord. In Australië ziet men het Sola Scriptura van de Reformatie in het geding. Dat is een fundamentele zorg. Wat willen we an­ders dan leven bij het Woord van God alleen?

Maar de vermaanbrief stelt hem qua onderbouwing teleur

Er worden grote zorgen geuit. Dan mag er ook een goede onderbouwing - dat is toch ook broederlijk? - worden gevraagd. Daar had ik wel wat van verwacht! Bij lezen en herlezen stelt de brief toch te­leur. Ik zeg het niet om de brief daarmee af te doen, maar om ruimte te vragen voor nadere onderbouwing.

 

Hij bespreekt een paar voorbeelden, concludeert dat de onderbouwing en bewijsvoering van de grote zorg hem erg teleurstelt waarbij hij opmerkt dat er nog wel meer voorbeelden daarvan te geven zijn. Toch schrijft hij daarover:

 

Ik schaar het onder de noemer van wat de Australische kerken mogelijke tekortkomingen noemen. Laten we daar niet over struikelen. Het is broederlijker om goed te luisteren en gelegenheid te geven tekorten weg te werken.

Australische gereformeerde kerken: GKv handhaaft niet de volkomenheid van de Schrift (art. 7 NGB)
In dit artikel wil ik graag zijn tweede voorbeeld bespreken. Dat gaat over de zorg:

De Nederlandse kerken zouden accepteren dat de Heilige Geest buiten Gods Woord om spreekt, zonder dat het op duidelijke bijbelse voorschriften is gebaseerd.

De Australiërs verwijzen daarbij naar de Acta van de GS te Harderwijk 2011/2012 en daarvan de "bijlage 7.5. Notitie van deputaten kerkelijke eenheid GKv en Commissie voor Contact en Samenspreking met andere kerken NGK over hermeneutische uitgangspunten". (Acta artikel 79) - v.a. pag. 448. In de alinea "4 De verantwoordelijkheid van de mens" staat (wat de gewraakte passages betreft) het volgende geschreven:

Vanwege onze zondige natuur, de van de zonde doortrokken werkelijkheid waarin we leven en het werk van de Boze, weten we ons genoodzaakt steeds opnieuw naar Christus te gaan in zijn lijden en sterven aan het kruis. Daar, in het licht van Gods heiligheid en gerechtigheid, van zijn genade en zijn liefde wordt onze zonde concreet openbaar als onzuiverheid tegenover zuiverheid, onrecht tegenover recht, liefdeloosheid tegenover liefde. Maar vanuit de vernieuwing die het sterven en opstaan van Christus bewerken, mogen Gods kinderen vervolgens ook wandelen door de Geest en zo kunnen ze, ook zonder concrete bijbelse voorschriften voor alle situaties en levensterreinen, helder leren onderscheiden tussen de werken van het vlees en de vrucht van de Geest. Zo zoeken Gods kinderen met elkaar, met de inzet van de hun geschonken gaven, voortdurend luisterend naar Gods Woord en naar elkaar, in een voortdurende omgang met de levende God zelf, om de wil van God voor hun leven te verstaan.
Onlosmakelijk met het bovenstaande verbonden is het dat de Bijbel geen spoorboekje is: bij Gods bedoeling met de mens past geen Bijbel, die de mens zin voor zin voorschrijft hoe te leven. Dat doet de Bijbel ook niet; in menig opzicht heeft de bijbelse regelgeving een fragmentarisch en open karakter. Deze conclusie is ook van betekenis voor onze omgang met de Bijbelse voorschriften en de wijze waarop wij die toepassen in ons leven. ‘Bijbels’ is niet gelijk aan het - met uitschakeling van de eigen kennis, gevoelens en ervaring - zo rechtstreeks mogelijk toepassen van de bijbelse voorschriften. ‘Bijbels’ is het om te leven met en in gebondenheid aan Gods Woord en uit de volheid van de Godsopenbaring in verbondenheid met Jezus Christus en geleid door zijn Geest, met inschakeling van alle door de HERE God ons gegeven mogelijkheden. In die context bindt de creatieve vrijheid van de mens zich aan het respect voor Gods werken. Deze binding kan in verschillende contexten tot verschillende praktische keuzen leiden.

Nu zeggen de Australiërs daarover het volgende in de vermaanbrief (bron: vertaalde versie eeninwaarheid.info "Australië vermaant de GKv"):

Punt van Zorg #2

De GKv tolereert een hermeneutische benadering die de volkomenheid van de Schrift inzake ethiek niet handhaaft. Deze benadering komt in conflict met wat we in de Nederlandse Geloofsbelijdenis Artikel 7 belijden omtrent de volkomenheid van de Schrift.[18]

Overweging

  1. Het GKv Rapport van Deputaten Kerkelijke Eenheid, dat samen met NGK deputaten werd voorbereid, laat ruimte voor een spreken van de Heilige Geest dat buiten het Woord van God omgaat en niet gebaseerd is op duidelijke Bijbelse voorschriften. Door een onderscheid te maken tussen “het gebruik van de gaven die zij hebben ontvangen” en “luisteren naar het Woord van God”, en deze beide als rechtsgeldige middelen te beschouwen om Gods wil te verstaan, wordt de weg gebaand voor het trekken van ethische conclusies (bijvoorbeeld m.b.t. gronden voor echtscheiding), die geheel gebaseerd zouden zijn op de leiding van de Geest, ondanks dat ze in tegenspraak met de Schrift zijn.[19]
  2. Een voorbeeld van deze benadering is de manier waarop de GKv synodes met de zaak van huwelijk en echtscheiding zijn omgegaan (zie Punt van Zorg #3).[20]

Noot [18], [19] en [20]:

[18] In de Nederlandse Geloofsbelijdenis Art. 7 belijden we dat “ Wij geloven dat deze Heilige Schrift de wil van God volkomen bevat en voldoende leert al wat de mens moet geloven om behouden te worden.” Wij ontkennen niet dat de Heilige Geest de kerk leidt in het toepassen van de norm van de Schriften, zo lang het resultaat maar niet in strijd is met de Schrift.

[19] Vgl. Acta van de Synode van Harderwijk 2011, Art. 81, besluit 1. De relevante tekst van Bijlage 9 van dit rapport wordt geciteerd in het Rapport aan de Synode van Armadale 2012, blz. 19-20, bijv.: “Maar vanuit de vernieuwing die het sterven en opstaan van Christus bewerken, mogen Gods kinderen vervolgens ook wandelen door de Geest en zo kunnen ze, ook zonder concrete bijbelse voorschriften voor alle situaties en levensterreinen, (onze benadrukking) helder leren onderscheiden tussen de werken van het vlees en de vruchten van de Geest. Zo zoeken Gods kinderen met elkaar, met de inzet van de hun geschonken gaven, voortdurend luisterend naar Gods Woord en naar elkaar, in een voortdurende omgang met de levende God zelf, om de wil van God voor hun leven te verstaan.”

[20] Bericht aan de Synode van Zwolle-Zuid 2008, gevonden in het Rapport aan de Synode van Legana 2009, blz. 114-115. Rapport aan de Synode van Armadale 2012, blz. 19-20.

J.W. van der Jagt: is het werkelijk waar wat Australië beweert?
Onder het kopje 'Buiten het Woord om' schrijft ds. Van der Jagt dan (na het citeren van de inhoud van hiervoor geciteerde Noot [19]):

Het is een bondige passage die in kort bestek veel zegt. De cursief gedrukte woorden worden door de Australische kerken benadrukt. Die springen er voor hen kennelijk uit als bewijs voor hun zorg. Als je deze woorden op zichzelf leest, zou je hun zorg inderdaad bewe­zen achten. Maar is het werkelijk waar?
Ik wijs op twee dingen.
Het citaat gaat evident niet over keuzes die buiten Gods Woord om gemaakt worden. Je maakt ze volgens het citaat immers '… voortdurend luisterend naar Gods Woord …'
De woorden waarover Australië strui­kelt, hebben kennelijk een andere spits. Het gaat om concrete voorschriften die de Bijbel niet voor alle situaties van het leven geeft. We weten toch aan beide zijden van de oceaan dat Gods Woord niet voor elke situatie voorschriften geeft? Zeggen de gewraakte woorden eigenlijk iets anders dan wat J. Douma over het schriftberoep in de ethiek schrijft? 'Lang niet altijd kunnen we ons zo direct op de Schrift beroepen. Maar ook als dat niet kan, is beroep op de Schrift mogelijk' (Grondslagen, p, 97). Hij brengt beide zaken bij elkaar: Enerzijds is het beroep op concrete bijbelse voorschriften niet altijd mo­gelijk. Anderzijds luister je evengoed naar Gods Woord. Het verschil tussen Douma en het bewuste citaat is, dat hij dit luisteren ook 'beroep op Gods Woord' noemt en op verschillende ma­nieren uitwerkt. Het document waaruit de Australische kerken citeren, spreekt over 'voortdurend luisterend naar Gods Woord' en werkt het niet uit. Maar dat verschil kan natuurlijk geen grond zijn voor de zorg die men heeft.

Is het werkelijk waar wat ds. Van der Jagt schrijft?
Maar is het werkelijk waar wat ds. Van der Jagt schrijft? Wat zegt het GKv rapport nu precies? Ik probeer het betreffende gedeelte zo goed mogelijk te herformuleren (gecursiveerd door mij):

Het sterven en opstaan van Christus bewerken de vernieuwing. Door die vernieuwing mogen Gods kinderen vervolgens ook wandelen door de Geest. Zo kunnen ze helder leren onderscheiden tussen de werken van het vlees en de vrucht van de Geest, ook zonder concrete bijbelse voorschriften voor alle situaties en levensterreinen.
Op die manier zoeken Gods kinderen om de wil van God voor hun leven te verstaan:

  • zij zoeken dit met elkaar
  • met de inzet van de hun geschonken gaven
  • voortdurend luisterend naar Gods Woord en naar elkaar
  • in een voortdurende omgang met de levende God zelf.

Australië stelde in een overweging:

Het GKv rapport laat ruimte voor een spreken van de Heilige Geest dat buiten het Woord van God omgaat en niet gebaseerd is op duidelijke Bijbelse voorschriften.

Ds. Van der Jagt schrijft dan twee dingen over het citaat (citaat: zie hierboven noot [19]), allereerst:

Het citaat gaat evident niet over keuzes die buiten Gods Woord om gemaakt worden. Je maakt ze volgens het citaat immers '… voortdurend luisterend naar Gods Woord …'

Maar er staat toch echt in het GKv rapport dat Gods kinderen helder leren onderscheiden, ook zonder concrete bijbelse voorschriften voor alle situaties en levensterreinen. Het woordje ook betekent dan toch maar dat ook al zijn er geen concrete bijbelse voorschrifen voor alle situaties en levensterreinen, zelfs dan kun je helder leren onderscheiden door de Geest. Of nog anders gezegd: de algemene regel dat je helder leert onderscheiden geldt zelfs als er geen duidelijke bijbelse voorschriften zijn. In de context van deze en volgende alinea van het GKv rapport zal nóg duidelijker worden wat men precies bedoelt.
Van der Jagt probeert zijn stelling - dat het citaat evident niet gaat over keuzes die buiten Gods Woord om gemaakt worden - te onderbouwen met wat er in de volgende zin staat geschreven: 'voortdurend luisterend naar Gods Woord'. Maar de basis is al gelegd: door de Geest kunnen ze helder onderscheiden. En niet voor niets begint de volgende zin met 'Zo' (d.i. 'op die manier' door de Geest) zoeken Gods kinderen. Daarna wordt wel gesproken over 'voortdurend luisterend naar Gods Woord', maar dit wordt ingebed tussen al die andere 'voorwaarden': het zoeken met elkaar, met de inzet van hun gaven en dan pas 'voortdurend luisterend naar Gods Woord' waarbij er direct achteraan nogmaals wordt gezegd 'en naar elkaar' en tenslotte: in een voortdurende omgang met de levende God zelf (hoe men dat laatste dan concreet ziet wordt niet duidelijk gemaakt). Het 'voortdurend luisteren naar Gods Woord' is maar een onderdeel in het grote zoekproces en gebaseerd op het 'wandelen door de Geest'.
Dit blijkt nog duidelijker uit de tweede alinea van het rapport. Daarover meer in het vervolg.

Het verschil tussen interpretatie Van der Jagt en rapport over nieuwe hermeneutiek
Het tweede ding waar ds. Van der Jagt op wijst (ik herhaal het nogmaals):

Het gaat om concrete voorschriften die de Bijbel niet voor alle situaties van het leven geeft. We weten toch aan beide zijden van de oceaan dat Gods Woord niet voor elke situatie voorschriften geeft? Zeggen de gewraakte woorden eigenlijk iets anders dan wat J. Douma over het schriftberoep in de ethiek schrijft? 'Lang niet altijd kunnen we ons zo direct op de Schrift beroepen. Maar ook als dat niet kan, is beroep op de Schrift mogelijk' (Grondslagen, p, 97). Hij brengt beide zaken bij elkaar: Enerzijds is het beroep op concrete bijbelse voorschriften niet altijd mo­gelijk. Anderzijds luister je evengoed naar Gods Woord. Het verschil tussen Douma en het bewuste citaat is, dat hij dit luisteren ook 'beroep op Gods Woord' noemt en op verschillende ma­nieren uitwerkt. Het document waaruit de Australische kerken citeren, spreekt over 'voortdurend luisterend naar Gods Woord' en werkt het niet uit. Maar dat verschil kan natuurlijk geen grond zijn voor de zorg die men heeft.

Het lijkt er op dat Van der Jagt dit onderdeel van het rapport heel anders interpreteert dan de Australiërs - ik doe een poging om zijn interpretatie weer te geven:

Gods kinderen kunnen door de Geest helder leren onderscheiden, en ook als er geen direct beroep op de Schrift mogelijk is, dan kun je je nog altijd beroepen op Gods Woord.

Maar deze interpretatie is totaal iets anders dan wat het rapport zegt. In dit hoofdstuk van het rapport mist juist het geloofsstandpunt dat je alleen maar door de Geest helder kunt leren onderscheiden in gebondenheid aan Gods Woord. De context van het rapport geeft een heel ander beeld en het woordje 'ook' staat achter de komma: "mogen Gods kinderen vervolgens ook wandelen door de Geest en zo kunnen ze, ook zonder concrete bijbelse voorschriften voor alle situaties en levensterreinen, helder leren onderscheiden". M.a.w.: ook al is er geen direct beroep mogelijk op de Schrift, kunnen Gods kinderen toch door de Geest helder leren onderscheiden1. Maar dan mist er toch echt iets substantieels: hoe kunnen we nu door de Geest HELDER LEREN onderscheiden? Het rapport zegt: vanuit de vernieuwing van de mens kan dat. Het rapport zegt niet: alleen in gebondenheid aan Gods Woord.
In het GKv rapport wordt absoluut niet beweerd dat je door de Geest helder kunt onderscheiden alleen met het licht van Gods Woord, een licht op heel ons pad. Waarbij er geen situatie of levensterrein is waar Gods Woord niets over te zeggen heeft. Waarbij Gods kinderen zich volledig inzetten om Gods Woord te laten lichten over alle situaties en alle levensterreinen. Waarbij de normen van Gods Woord niet afhankelijk worden gemaakt van de toestand van een bepaalde cultuur. Dát is wandelen door de Geest. Dát is verbinding leggen tussen Woord en Geest.
Bovendien staat in de tweede onlosmakelijke alinea van het rapport dat het niet 'bijbels' (waarom gebruikt men eigenlijk deze term ?) is om de bijbelse voorschriften zo rechtstreeks mogelijk toe te passen, want eerst moet de Geest (bij de huidige in leven zijnde kinderen):

  • onze eigen kennis inschakelen
  • onze eigen gevoelens inschakelen
  • onze ervaring inschakelen
  • al onze gegeven mogelijkheden inschakelen.

Dus: ook het directe beroep om bijbelse voorschriften zo rechtstreeks mogelijk toe te passen is volgens het rapport niet 'bijbels'. Ik heb altijd geloofd dat Gods Woord zichzelf uitlegt en volmaakt en volledig is. Dat getuigt de Heilige Geest in mijn hart. Ik sta helemaal achter sola Scriptura (alleen de Schrift). Ook wat de bijbelse voorschriften betreft vertrouw ik helemaal op Gods Woord en Zijn Geest. Ik ga zelfs nog verder: onze eigen kennis en gevoelens en ervaring moeten onder beslag komen van Gods Woord, niet in een wisselwerking op één lijn gesteld worden daarmee en Gods Woord moet al helemaal niet afhankelijk worden gemaakt van onze kennis, gevoelens en ervaring.  Dat kan toch ook niet anders, want wij mensen zijn uit onszelf leugenaars! Ook als christen blijven we belijden dat we zondaar zijn in ons doen en denken. Ons hart is een slagveld van de Geest tegen het vlees. Mede daarom stellen we ook niets op één lijn met de goddelijke Schriften:

  • geen menselijke geschriften, hoe heilig de schrijvers ook waren
  • geen gewoonte
  • geen grote aantallen
  • geen ouderdom
  • geen ononderbroken voortgang in de tijden
  • geen opvolging van personen of kerkelijke besluiten.

Wat belijden wij?
Want de Heilige Schrift bevat de wil van God volkomen en leert voldoende al wat ik moet geloven om behouden te worden. En wat Gods Woord mij leert, is volmaakt en in alle opzichten volledig. En God heeft uitvoerig beschreven hoe wij Hem moeten dienen.
Wat stelt anders die gebondenheid aan Gods Woord nog voor als we het interpreteren en toepassen van Gods Woord (mede) afhankelijk maken van de vroegere context naast onze kennis, gevoelens en ervaring? Dan is onze interpretatie doorslaggevend geworden ook al zeggen we (en menen we oprecht) dat Gods Woord doorslaggevend is.
Nog duidelijker wordt het gezegd aan het eind van de tweede alinea van het rapport:

In die context bindt de creatieve vrijheid van de mens zich aan het respect voor Gods werken. Deze binding kan in verschillende contexten tot verschillende praktische keuzen leiden.

Daarentegen stel ik: de creatieve vrijheid van de mens bindt zich aan Gods Woord zoals we die naspreken in de Belijdenis ! Als we alleen zouden binden aan een menselijk respect voor Gods werken, kun je er alle kanten mee op en is er, als het erop aankomt, geen enkele binding met Schrift en Belijdenis. En die binding wordt dan ook helemaal niet genoemd in een stuk waar die toch expliciet voorop had moeten staan !

En voor wat betreft de adiafora, de zogenaamde middelmatige dingen, citeer ik graag K. Schilder die schreef n.a.v. Openb. 2:20:

Hier profeteert de Christus over en - tegen de adiafora. Hij zegt ons: die adiafora, die ‘middelmatige dingen’, die vormen geen constant levensgebied, om er een vrijheidscirkel omheen te trekken. Het zijn, juist omgekeerd, dingen, die ons in de engte moeten drijven, ons prikkelen moeten tot dieper gebed, gebed om licht en leiding, en om nog serieuzer Schriftonderzoek, om zo te komen tot steeds voorzichtiger levenswandel. Wie het anders doet, en het profeteren tegen de fixatie van de adiafora prijs geeft voor een listig profiteren ván de adiafora, die is verleider, die is Izébel.

Daarin herken ik de stem van de Herder ! Dat ademt een heel andere Geest dan de geest van het GKv rapport. Daar is het 'voortdurend luisteren naar Gods Woord' ingebed in een heleboel andere voorwaarden en is het tegelijkertijd abstract, vaag geworden. En het rapport wekt de indruk een heel andere mensvisie aan te hangen dan wat Gods Woord ons zelf leert. Een visie waarbij het mogelijk is helder te leren onderscheiden buiten Gods Woord om.

Conclusie
Mijn conclusie is dan ook dat de Australische kerken heel duidelijk hebben gemaakt dat de GKv de volkomenheid van de Schrift inzake etihiek niet handhaven (o.a.) door een onderscheid te maken tussen "het gebruik van de gaven die zij hebben ontvangen" en "luisteren naar het Woord van God", en (o.a.) deze naast elkaar2 nodig te hebben om Gods wil te verstaan. Gods kinderen kunnen zo vanuit de vernieuwing helder leren onderscheiden door de Geest, niet alleen in gebondenheid aan Gods Woord.
Bovendien lijken deputaten M/V in de kerk (sept. 2013) deze hermeneutische beginselen uit dit rapport ook zo te hebben toegepast op grond waarvan zij hebben geconcludeerd dat de vrouw in alle bijzondere ambten kan worden toegelaten3. Want zij lijken zich te hebben laten leiden - overeenkomstig de hiervoor besproken hermeneutische regels - door eigen kennis, gevoel en ervaring tijdens een proces van een voortdurende dialoog tussen Bijbel, elkaar en anderen, waardoor zij, wellicht via de binding aan respect voor Gods werken, tot de conclusie kwamen dat die binding in verschillende contexten tot verschillende praktische keuzen leiden.

De analyse van ds. J.W. van der Jagt in Nader Bekeken stelt mij erg teleur. Al is het alleen maar omdat het toch merkwaardig is dat iets wat altijd als ongereformeerd is beoordeeld (de nieuwe hermeneutiek van de GKv) in belijdende gereformeerde kerken5, nu in Nader Bekeken niet meer duidelijk wordt onderkend. (Zie noot 4 voor reactie ds. J.W. van der Jagt.) Beseft men wel voldoende dat het hier niet om een abstracte algemene discussie gaat, maar om beginselen die grote consequenties hebben voor concrete zaken, zoals huwelijk en echtscheiding, de vrouw in het bijzonder ambt en homoseksualiteit? Peilt men daar nog wel het censurabele en de desastreuze consequenties van die nieuwe hermeneutiek? Zou het negatieve antwoord op deze vragen de reden kunnen zijn dat vanuit Nader Bekeken wordt gevraagd om nadere onderbouwing?
Persoonlijk had ik ook liever gezien dat Nader Bekeken zich achter de vermaanbrief had gesteld en zij zich had gericht op de hoofdlijnen en niet op vermeende 'mogelijke tekortkomingen' van de Australische vermaanbrief omdat die de aandacht verleggen en kracht onttrekken aan de terechte vermaning.

Zou het niet beter zijn om tijd en energie te besteden aan het ontmaskeren en bestrijden van de Izébellen (M/V) - die Woord en wereld door elkaar halen, Israël verleiden en van zijn vastheid afvoeren - overeenkomstig de belofte in het ondertekeningsformulier?

Hoe de drie vermaanbrieven begrijpen
Ik hoop van harte dat men in de GKv probeert om vanuit de context van de Australiërs hun oprechte bedoelingen en hun vermaningen te plaatsen, te begrijpen en er van leren. En dat men daarbij in staat is om afstand te nemen van hun huidige gedachtenwereld, hun eigen context en die vanuit Gods Woord kritisch te heroverwegen. Vanuit Gods Woord: die zichzelf voldoende uitlegt, zelfs voor onze tijd. Vanuit Gods Woord: waarbij Gods Woord niet gebonden wordt aan de vroegere cultuur en alleen aan de wijze waarop de bijbelschrijvers Gods Woord toepasten. Met andere woorden: laat men proberen afstand te nemen van de 'nieuwe' hermeneutiek - dan is de kans groter dat men de drie vermaanbrieven van de diverse zusterkerken beter begrijpt.

JT

1De andere interpretatie van deze zin (waar m.i. ds. Van der Jagt voor kiest)  past helemaal niet bij de rest van het hoofdstuk in dit rapport. En met deze tussenzin kun je de rest niet gereformeerd maken. Je zou deze zin, als je het isoleert van het rapport, misschien ook zo kunnen lezen dat Gods kinderen door de Geest helder leren onderscheiden, zelfs als er geen direct beroep op de Schrift mogelijk is. Want je kunt bepaalde bijbelteksten niet op directe wijze 1 op 1 toepassen op alle situaties en levensterreinen. Maar ook als je 't zo (geïsoleerd) interpreteert blijft de vraag open staan: hoe kunnen Gods kinderen door de Geest helder leren onderscheiden? En dan zegt het rapport: vanuit de vernieuwing. En hoe gaat dat dan vervolgens in de praktijk? Ze gaan met elkaar op zoek, met inzet van hun gaven, telkens luisterend naar Gods Woord en naar elkaar, en in voortdurende omgang met de levende God zelf. Dat betekent dus dat het gereformeerde standpunt van sola Scriptura wordt losgelaten! Want dan is onze menselijke inspanning en bijdrage mede bepalend voor de waarheid.

In een daaropvolgende (niet hierboven geciteerde alinea) wordt het als volgt gezegd: "Of, om het nieuwtestamentisch te zeggen: bij de ‘beproefde ervaring’ gaat het om de mens die, in Christus een nieuwe schepping, levend voor Gods aangezicht en zoekend Gods wil te verstaan, tot praktische keuzes komt in een voortdurende wisselwerking tussen zijn omgang met de Schrift en zijn leven door de Geest én de levenservaring die in de praktijk van alledag wordt opgedaan. In die wisselwerking is het Woord van God doorslaggevend."
In die wisselwerking zijn er dus een aantal grootheden: omgaan met de Schrift, leven door de Geest EN de praktische levenservaring. Dit staat lijnrecht tegenover de gereformeerde leer dat Gods Woord VANUIT ZICHZELF waar en volkomen is, niet vanuit of in een proces van een wisselwerking. En de mens is vanuit zichzelf een leugenaar! Gods Woord is niet doorslaggevend in een wisselwerking, maar Gods Woord is autonoom waar en leidend. En bovendien: Gods Woord komt besmet uit de wisselwerking tevoorschijn! Zie de volgende noot.

2In theorie is het naast elkaar, in de praktijk zal blijken dat Gods Woord ondergeschikt wordt gemaakt aan menselijke kennis, gevoel, ervaring, gaven en context (ofwel: cultuur). Zelfs al zou men zeggen dat Gods Woord doorslaggevend is, heeft de mens eerst bepaald hoe Gods Woord moet worden beoordeeld en verwerkt en het resultaat daarvan wordt dan doorslaggevend. Overduidelijk komt dat uit in een GKv rapport M/V in de kerk.
De waarheid van Gods Woord is niet situatief en niet relationeel en waarheidsvinding voltrekt zich niet in een voortdurende dialoog met anderen. Als u meer wilt lezen over de ontwikkeling van een theoloog van "kaft tot kaft" naar de nieuwe hermeneutiek raad ik u aan een lezing van G. Heitink (emeritus hoogleraar praktische theologie van de Vrije Universiteit van Amsterdam) door te nemen: 2008 - Hermeneutisch competent - een Nederlandse bijdrage Voor de Fakulteit Teologie van de Universiteit van Pretoria naar aanleiding van het mij op 18 april 2008 door deze universiteit uitgereikte eredoctoraat
Ook zeer lezenswaardig en zeer herkenbaar voor deze tijd over dit onderwerp is een artikel (?) van prof.dr. WH Velema (CGK) d.d. 25 mei 1981: HET RAPPORT „GOD MET ONS . . . . OVER DE AARD VAN HET SCHRIFTGEZAG” VAN DE GEREFORMEERDE KERKEN IN NEDERLAND,
Het synodaal gereformeerde rapport "God met ons" heeft in de jaren '80 heel veel ophef veroorzaakt in orthodoxe kerken. Want in dat synodale rapport werd het gezag van Gods Woord onderuit gehaald. Maar als we dit rapport opnieuw lezen, zullen we verbaasd staan van enkele belangrijke overeenkomsten met de leer van de 'nieuwe hermeneutiek' in de GKv. Een paar citaten uit het artikel van prof.dr. W.H. Velema:

Het rapport stelt op meer dan één plaats duidelijk dat het de Bijbel erkent als het Woord van God.

(...)

De Arianen spreken ook over Jezus als de Zoon van God. Niettemin werd hun christologie door de kerk afgewezen.

(...)

Opvallend is dat het rapport zijn startpunt kiest in de veranderingen die zich in denken en doen voltrekken.

(...)

Wie het noodzakelijk acht dat de mens de waarheid met moeite aan het licht brengt, heeft daarmee ipso facto een waarheidsbegrip, dat op zijn minst de mens nodig heeft cm het licht te laten schijnen.

(...)

Bij wat het rapport onder waarheid verstaat hoort wezenlijk de activiteit van de mens. Die activiteit betreft niet alleen het aan het licht brengen van de waarheidsschat. Neen, het zoeken en vinden is onderdeel van het hele proces, dat als waarheid wordt omschreven.

(...)

Deze formuleringen lijken mij alleen uitgelegd te kunnen worden in deze zin, dat onze menselijke inspanning en bijdrage (samen te vatten als de grotere activiteit, vergeleken met de vroegere passieve rol van de mens) constituerend is voor de waarheid. Ik preciseer mede constituerend. In elk geval is er geen waarheid zonder déze menselijke inzet. De verwerking van het moderne denkklimaat uit zich in dit bipolaire waarheidsbegrip. Ik acht mij tot deze conclusie des te meer gerechtigd omdat direct op het gegeven citaat volgt: „Het gaat dus niet om een waarheid (objectiej) die vervolgens toegeëigend moet worden (subjectief) maar om beide inéén” (13).

(...)

Het komt er ook op neer dat de waarheid eigenlijk nooit af is. Elke formulering is een poging. Geen enkele formulering is het verwoorden van dé waarheid. Het relationele van dit waarheidsbegrip is tegelijk ook het relativerende.

(...)

Gods waarheid is er niet zonder dat de mens haar formuleert. Dat met de middelen en gedachtenwereld van zijn tijd formuleren van de waarheid is wezenlijk voor de waarheid. Geen wonder dat de mens in later tijden tot andere formuleringen komt. Hij moet dat wel, want hij is een historisch wezen.

3Enkele citaten uit het rapport M/V in de kerk:

Belangrijker echter dan deze argumenten rondom de vraag ‘mag het of mag het niet’, is de onderliggende theologische kwestie, die we als volgt kunnen formuleren: “Op welke manier zijn de bijbelse voorschriften, gegeven in een concrete culturele situatie, van toepassing op onze huidige situatie?”.

(...)

Een één-op-één toepassing van de bijbelse voorschriften leidt tot spanning en vervreemding, zo blijkt uit de al beschreven ontwikkelingen. Er bestaat verlegenheid omtrent de toepassing van de voorschriften, omdat men niet weet hoe men Gods Woord moet toepassen in een nieuwe situatie

(...)

Wanneer wij de Schrift zelf zorgvuldig en met de juiste, door de Geest geleide, zelfreflectie lezen, mogen wij erop vertrouwen dat de Heilige Geest ons wegwijs zal maken.

(...)

Het verschil in context en cultuur moet gelezen, geduid en besproken worden; een besef dat eigen is aan de gereformeerde traditie.

(...)

Voor een belangrijk deel sluit Paulus aan bij wat in zijn context maatschappelijk gangbaar was.

(...)

Wij gebruiken deze vergelijking om aan te geven dat, hoezeer God de door Hem geschapen relaties belangrijk vindt, zij de voortgang van het Koninkrijk van God in de weg kunnen staan. In dat geval zou het niet goed zijn om toch aan deze relaties vast te houden ten koste van de navolging van Christus.

(...)

Het is niet tegen, maar juist in lijn met de Schrift wanneer wij proberen in onze huidige situatie hetzelfde te doen: waar nuttig aansluiten bij de cultuur, waar nodig kritisch ingaan op de cultuur.

4Ds. J.W. van der Jagt is het niet met mij eens. Volgens hem kan ik dit niet beweren omdat ik Nader Bekeken dan zou afmeten aan mijn eigen interpretatie. Volgens hem zegt dat niets over wat Nader Bekeken al dan niet als gereformeerd onderkent. (Zie ook noot 5)

5Achteraf toegevoegd "in belijdende gereformeerde kerken" - zoals het oorspronkelijk was bedoeld maar niet expliciet uitgedrukt - om het misverstand te voorkomen dat specifiek Nader Bekeken vroeger deze nieuwe hermeneutiek zou hebben afgewezen.


Of, om het nieuwtestamentisch te zeggen: bij de ‘beproefde ervaring’ gaat
het om de mens die, in Christus een nieuwe schepping, levend voor Gods aangezicht en zoekend Gods
wil te verstaan, tot praktische keuzes komt in een voortdurende wisselwerking tussen zijn omgang
met de Schrift en zijn leven door de Geest én de levenservaring die in de praktijk van alledag wordt
opgedaan. In die wisselwerking is het Woord van God doorslaggevend.
Laatst aangepast op dinsdag 25 februari 2014 22:48  

Nieuws

Boekaankondiging Gelukkig geen mythe - ds. Rob Visser

Boekaankondiging Gelukkig geen mythe - ds. Rob Visser

Als alles goed is zal half september het boek over Genesis 1-11 beschikbaar zijn. De titel is; Gelukkig geen mythe. In dit boek wordt Genesis 1-11 vers voor vers besproken. Deze hoofdstukken zijn... [More...]

Ds. E. Heres - Lucy of Adam

Een andere 'hermeneutische lens' De aanvallen op het scheppingsgeloof dat gebaseerd is op het geopenbaarde Woord van God worden steeds heftiger.  Het boek dat in deze maanden veel aandacht krijgt... [More...]

De ICRC schorst de GKv als lid

De ICRC schorst de GKv als lid

De ICRC (International Conference of Reformed Churches) te Jordan (Ontaria, Canada) heeft vandaag, 17 juli 2017, besloten om de GKv (Gereformeerde kerken vrijgemaakt) als lid te schorsen... [More...]

Di. Alko Driest, Jan Haveman, Pieter Schelling en Aryjan Hendriks...

UPDATE 20-07-2017 Emeritus ds. Alko Driest en ds. Jan Haveman mailden op 13 juli een brief naar alle kerkenraden in Noord-Nederland met de vraag om in ieder geval tot de eerstkomende Generale... [More...]

Referaat ds. H.G. Gunnink d.d. 12 juli 2017

Voorlichting, bijeenkomst Bedum (Maranathakerk, Grotestraat) De bijgevoegde presentatie is zakelijk van opzet. Daarom is het belangrijk om geen moment te vergeten, dat het gaat over voluit... [More...]

Boekbespreking 'HIJ en wij' - van ds. E. Hoogendoorn

In Weerklank - een gereformeerd maandblad uit de GKN - jaargang 5 nr. 3 schreef ds. E. Hoogendoorn onderstaande boekbespreking van 'HIJ en wij' met de ondertitel ‘Oriëntatie in de actuele situatie... [More...]

Onze ervaring tot hermeneutische sleutels geworden - boekbesprekingen...

Update 14/12: Dr. Hans Burger mailde mij dat in onderstaand artikel de weergave van zijn positie zoals hij die in Cruciaal verwoordt, onjuist is. Ik kom daar nog op terug. CGK Prof.dr. H.J.... [More...]

Enquete

Predikanten, ouderlingen en diakenen zijn in belijdende gereformeerde kerken gebonden aan
 

Nieuwsbrief

Naam:

E-mail:

Gereformeerd?

Grondlijnen in de liturgie (Ds.dr. R.D. Anderson)

Op zijn weblog anderson.modelcrafts.eu vonden we een artikel (laatste wijziging 12 september 2012) van ds. Andersen (FRCA) over de grondlijnen van de liturgie. Enkele citaten: Als inleiding wil ik... [More...]

De GKN zetten het gesprek voort met DGK over functioneren fundament...

De GKN hebben op de Generale Synode d.d. 18 maart 2017 besloten om het oriënterende gesprek met DGK voort te zetten. Nu samen met afgevaardigden van DGK op 17 februari jl. is vastgesteld dat alleen... [More...]

Blijdschap over positief gesprek DGK en GKN 17 februari

Positief gesprek geeft openingen!Op 17 februari 2017 hebben afgevaardigden van DGK (De Gereformeerde Kerken) en GKN (Gereformeerde Kerken Nederland) de tot nu toe gevoerde briefwisseling besproken en... [More...]

Betekenis van het besluit van de GKN over het spreken met de DGK -...

Ik wil graag reageren op wat broeder Trip over dit besluit heeft geschreven. Om zo onnodige obstakels en misverstanden die een eigen leven gaan leiden weg te nemen.   Ook om te laten zien dat de... [More...]

GKN willen uitgestoken hand DGK opnieuw onderzoeken

Een zeer teleurstellend bericht bereikte ons zaterdagavond via de nieuwsbrief van eeninwaarheid.info. De Synode van de GKN heeft besloten om de brief van de GKN aan DGK d.d. 12 maart 2016 toe te... [More...]

De zekerheid van het geloof vs Westminster studie deputaten BBK DGK

In 2014 hebben deputaten BBK (Betrekkingen Buitenlandse Kerken) opdracht gekregen van De Gereformeerde Kerken (DGK) i.c. van de Generale Synode Hasselt 2010-2011 om grondig studie te verrichten... [More...]

Presbyterianisme en de toegang tot het Heilig Avondmaal versus Westminster meerderheidsrapport BBK DGK

Presbyterianisme en de toegang tot het Heilig Avondmaal versus...

. Ds. Bredenhof - sinds maanden een pastor van de FRCA, Tasmania, Australia - is nog steeds bezig om zich in te werken in de Australische context. Onlangs las hij een autobiografie van J. Graham... [More...]

Ketter!

Ketter!

Dr. Wes Bredenhof, predikant van de Australische Gereformeerde Kerken (Launceston, Tasmania), is meer dan eens voor ketter uitgemaakt! Nee, niet door Rooms Katholieken of Moslims, maar... [More...]

De Westminster is een voluit gereformeerd belijdenisgeschrift - deel 2 (1944-1990)

De Westminster is een voluit gereformeerd belijdenisgeschrift - deel...

Versie -16/11: Toegevoegd: deputatenrapport 1967 beoordeling Westminster Confessie door ds. P. van Gurp en ds. C. Stam. PS: Ik heb wel alle Reformatie jaargangen, maar niet het blad Dienst 1957 nr.... [More...]

De Westminster is een voluit gereformeerd belijdenisgeschrift - deel 1 (1834-1944)

De Westminster is een voluit gereformeerd belijdenisgeschrift - deel...

Professor P. Biesterveld die al op 31 jarige leeftijd hoogleraar werd aan de Theologische School in Kampen (1894) en vanaf 1902 aan de Vrije Universiteit te Amsterdam heeft uitvoerig de... [More...]