Over het koningslied en onze cultuur - eindelijk een gedegen beoordeling

maandag 22 april 2013 20:03 Nieuws - Uit de media
Afdrukken
Gebruikerswaardering: / 0
LaagsteHoogste 

Het Koningslied werd niet alleen verguisd vanwege de vele taalkronkels en het ratjetoe van muziekstijlen, vermoedt historicus Jan Dirk Snel. Ewbanks nummer vat de tijdgeest bijna perfect samen. Hij confronteert ons met onszelf, en dat kan pijn doen.

aldus Robin de Wever in Trouw d.d. 22-04-2013 'Het koningslied zegt meer over hoge cultuur dan we willen toegeven'

Zie ook het - daaraan ten grondslag liggende - zeer uitgebreide artikel van Jan Dirk Snel 'Een sterfelijke god – Over het koningslied en ook nog even over Tollens' d.d. 22-04-2013 - citaten begin en eind:

Ik weet het niet. Of beter gezegd: ik weet het wel. Ik doel op het zogenaamde koningslied en de veelvuldige kritiek daarop, die er voorlopig toe geleid heeft dat de componist het lied terugtrekt, wat dat ook precies moge betekenen. Het Nationaal Comité Inhuldiging, dat op de eigen website op dit moment overigens nog niets meldt, moge dan begrip hebben voor het besluit, het is momenteel niet duidelijk of het op 30 april zal worden uitgevoerd of niet. Het lijkt me niet onwaarschijnlijk dat hier weer allerlei reacties op zullen komen en dat de componist na enige aandrang, waar hij zo te zien op uit is, overstag zal gaan en dat het lied toch uitgevoerd zal worden.

(...)

Het gaat hier inderdaad om een durkheimiaanse vorm van religie: dat wat de gemeenschap bindt, levert een ‘burgerlijke godsdienst’ op, een term die J.-J. Rousseau in zijn werk over, uiteraard, het maatschappelijk verdrag, Du contrat social (1762), muntte, maar daar nogal activistisch – en overigens ook niet overmatig tolerant: meedoen of wegwezen – omschreef en die later door sociologen, met Robert N. Bellah als bekendste, is omgezet in het veel feitelijkere en analytisch bruikbaardere begrip civil religion. Het koningslied is daar een uiting van, van de hedendaagse vorm waarin die bestaat: jij en ik, we hebben alleen elkaar.

En alleen een sterfelijke god kan bescherming bieden. Zolang hij leeft.

Hij heeft daarin dankbaar gebruik gemaakt van de observatie van @mjschuurman:

Dat #koningslied is een typisch voorbeeld van postmoderne religiositeit. De 'ik' neemt de taak/rol van God over refdag.nl/polopoly_fs/vo…

— mjschuurman (@mjschuurman) 19 april 2013

Op 23-03-2013 schreef ds. Jan Willem Ploeg op zijn weblog Elipheleth 'Wij houden van Oranje (?) - De nieuwe koning krijgt zijn lied' - citaat

Dus... als we toch van Oranje houden - en daar ook de nodige redenen voor hebben -, waarom dan niet het Wilhelmus handhaven als ‘volks’lied, al was het alleen maar het eerste en zesde couplet (alle 15 is wat veel gevraagd)?
Onmiskenbaar voordeel is, dat het een veel betere meezinger is dan het Koningslied. Ook de voetbalsupporters in de stadions zingen het probleemloos mee.
Wie wil weten wat hij zingt met al die moeilijke woorden die erin zitten, die hoeft om uitleg echt niet verlegen te zitten.

Klik hier voor de volledige tekst van het betreffende koningslied

Zie ook:

25-04-2014 gertzomer.com - Een volk krijgt het koningslied dat het verdient.

Ondertussen is het veelzeggend dat Nederlanders, die massaal koning Jezus in het museum plaatsen, toch op zoek zijn naar bescherming, ´een baken in de nacht, een haven in de duisternis´. Er spreekt een sterk verlangen uit het koningslied naar rust en veiligheid. Misschien moet ik wel zeggen: een wanhopig verlangen, want het is gericht aan het verkeerde adres. Laat Willem Alexander vooral lekker gaan slapen ´s nachts. Dat heeft hij nodig om koning te kunnen zijn in Nederland.

Laatst aangepast op vrijdag 13 juni 2014 08:44